Home

Coalitie gaat armpje drukken over financiën: al aan de startstreep zijn de partijen het vrijwel nergens over eens

De coalitie begint maandag aan een ‘mini-formatie’ over de Voorjaarsnota. Het begrotingsoverleg dreigt uit te monden in een wekenlange krachtmeting, want al aan de startstreep zijn de partijen het vrijwel nergens over eens.

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën en landbouw.

Vier onderhandelaars van de coalitiefracties in de Tweede Kamer en hun secondanten worden zondagavond verwacht op het ministerie van Financiën voor het eerste overleg over de herschikking van de rijksbegroting. VVD, BBB en PVV sturen hun fractievoorzitters, en Nicolien van Vroonhoven onderhandelt namens NSC (in plaats van fractievoorzitter Pieter Omtzigt).

De afgelopen weken heeft minister Eelco Heinen (VVD, Financiën) bij de andere ministers geïnformeerd naar hun financiële wensenlijstjes. Wat daar op staat laat zich raden: iedereen wil extra geld en niemand wil bezuinigen. Met het oog op houdbare overheidsfinanciën is dat geen realistisch uitgangspunt. Heinen moet daarom in samenspraak met de coalitiepartijen bepalen welke ministers hun zin krijgen (al is het maar gedeeltelijk) en wie straks achter het net vist.

Alles over politiek vindt u hier.

De nieuwe begroting (de Voorjaarsnota) zou eigenlijk aanstaande vrijdag in de ministerraad afgehamerd moeten worden, maar insiders houden er inmiddels rekening mee dat het een of twee weken later wordt. De echte deadline is 1 mei, want vóór die datum moeten alle EU-lidstaten hun begrotingswijzigingen aan de Europese Commissie rapporteren.

Zuinige boekhouder

De kans is klein dat de vier coalitiepartijen binnen vier dagen een akkoord kunnen bereiken over nieuwe miljardenuitgaven. Ze zijn het aan de startstreep van de onderhandelingen al niet eens over hoeveel miljarden er überhaupt te verdelen zijn, laat staan over waaraan dat geld dan besteed moet worden.

De VVD, met Heinen in de rol van zuinige boekhouder, staat op de uitgavenrem, terwijl de drie coalitiepartners de financiële ruimte willen oprekken. Heinen verwijst naar de afspraak in het hoofdlijnenakkoord dat het kabinet zich aan de traditionele begrotingsregels houdt. Een van die regels is dat meevallers in de belastinginkomsten die te danken zijn aan autonome economische ontwikkelingen, niet gebruikt mogen worden voor de financiering van extra overheidsuitgaven. Zulke inkomstenmeevallers mogen uitsluitend aangewend worden om de staatsschuld te verlagen.

Maar NSC, PVV en BBB willen deze regel breken. Het Centraal Planbureau (CPB) voorspelt dat het begrotingstekort dit jaar circa 8 miljard euro lager uitvalt, omdat de Nederlandse economie harder groeit dan verwacht. De drie partijen willen die meevaller wél gebruiken voor nieuwe uitgaven.

NSC en BBB confronteerden Heinen tijdens een recent commissiedebat met een andere afspraak uit het coalitieakkoord. Daarin staat dat de ‘meevallersformule’ van kracht wordt als het begrotingstekort ‘langjarig’ onder de 1,5 procent blijft. Onder de meevallersformule gaat slechts de helft van de inkomstenmeevallers naar het verlagen van de staatsschuld. De andere helft mag dan benut worden voor een verhoging van de uitgaven.

Langjarig

Tijdens het debat bleek dat de VVD-minister het begrip ‘langjarig’ anders uitlegt dan NSC en BBB (de PVV was bij dit debat afwezig). Het begrotingstekort bleef in 2022, 2023 en 2024 onder de 1,5 procent; dat is dus drie jaar op rij. NSC en BBB vinden dat ‘langjarig’, maar Heinen niet. Volgens hem is ‘langjarig’ minstens een kabinetsperiode, en is dus niet aan de voorwaarde voor de meevallersformule voldaan.

Dit robbertje moeten de partijen de komende weken aan de onderhandelingstafel nog uitvechten. Maar het conflict over de begrotingsruimte tussen de VVD en de andere drie reikt nog veel dieper. NSC en BBB denken namelijk dat het CPB het begrotingstekort sterk overschat. In de laatste vier jaar viel dat steeds minstens 20 miljard euro lager uit dan de ramingen hadden voorspeld.

NSC-leider Pieter Omtzigt gaat ervan uit dat de ramingsinstituten ook in 2025 weer veel te pessimistisch zullen blijken. Hij is daarom van mening dat het kabinet zeker 10 miljard euro meer kan uitgeven dan het vorig jaar afgesproken begrotingskader toelaat.

Minister Heinen verzet zich hiertegen, omdat de inderdaad zeer grote meevallers van de afgelopen jaren hoofdzakelijk te wijten waren aan uitzonderlijke, niet te voorspellen gebeurtenissen als de coronapandemie en de Russische invasie van Oekraïne. Volgens de VVD’er is het daarom onverstandig om voetstoots aan te nemen dat het begrotingstekort dit jaar opnieuw enorm zal meevallen.

Dure wensen

Maar Heinen staat zwaar onder druk, want de BBB wil maar liefst 60 tot 70 miljard euro meer uitgeven. Financieel woordvoerder Henk Vermeer pleit ervoor de staatsschuld de komende jaren te verhogen naar 50 procent, zodat er geld vrijkomt voor investeringen in infrastructuur, woningbouw en het verlagen van de energiebelasting. Ook de PVV heeft allerlei dure wensen, waaronder het verlagen van de huren, de energierekening en de ‘btw op boodschappen’.

Het verlagen van de energiebelasting is de enige maatregel die alle vier partijen in de Voorjaarsnota willen opnemen. Maar over de vraag hoeveel die belasting dan omlaag moet, op welke energiebron (gas of elektriciteit of allebei), en voor welke doelgroep (huishoudens of bedrijven of allebei), lijkt er nog weinig overeenstemming te bestaan.

Mochten de vier er niet uitkomen, dan kunnen ze altijd nog gaan voor de doorschuifoptie. De VVD wil de jaarlijkse defensie-uitgaven verhogen met 18 miljard euro, maar dat gaat met een ‘ingroeipad’. De partijen hoeven dus niet per se nu al dekking te regelen voor het volledige bedrag, een kleine eerste stap volstaat. Het oplossen van de stikstofcrisis vergt waarschijnlijk vele extra miljarden, maar de ministeriële commissie die een maatregelenpakket moet ontwerpen, is nog aan het delibereren. Ook dit onderwerp is dus rijp voor de reflex ‘dat regelen we later wel’.

Noodhulp voor industrie

Een aantal dingen kan niet wachten, waaronder noodhulp voor de Nederlandse industrie. Een Kamermeerderheid wil snelle lastenverlichting voor het energie-intensieve bedrijfsleven, dat klaagt over hoge energiekosten. Een ander spoedgeval is het zoeken van financiële dekking (1,3 miljard euro per jaar) voor het terugdraaien van de btw-verhoging op sport, cultuur, media en boeken. Hoewel: de PVV heeft al geopperd die dekking alleen voor 2026 te regelen, en het zoeken van een permanente oplossing door te schuiven naar volgend jaar.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next