Ramen? Dat zijn toch dingen van glas waar je doorheen kijkt? Van binnen naar buiten of andersom? Ja. En ramen is een Japans gerecht (soep). Maar, en deze betekenis is nu relevant, ramen is óók een werkwoord, dat zoiets betekent als: inschatten, vooruitkijken, voorspellen zonder pretenties. Naar eer en geweten, gebruikmakend van alle beschikbare kennis, proberen in te schatten hoe groot of klein iets volgend jaar zal zijn. Mensen die ramen maken ramingen.
NSC-voorman Pieter Omtzigt vindt, herhaalde hij deze week, dat de mensen op het ministerie van Financiën slecht kunnen ramen. Althans hun inschatting van het financieringstekort van de overheid (formeel: EMU-saldo) is systematisch verkeerd. Financiën rekent de overheid arm, zegt Omtzigt. Jaar in jaar uit raamt Financiën het financieringstekort te groot, waardoor de overheid minder geld uitgeeft dan zou kunnen, en maatschappelijke problemen voortduren die opgelost zouden kunnen worden met het geld dat Financiën ons onthoudt.
Dit is lariekoek. Dat dat even helder is. Omtzigt weet dat inmiddels ook. Maar hij volhardt in zijn beweringen, vermoedelijk uit politieke motieven. Maar daar ga ik verder niet over.
Het begon zo goed. Afgelopen september stelde Omtzigt de goede vraag: kloppen die ramingen wel? De afgelopen jaren zijn de ramingsfouten namelijk zeer groot. En betrouwbare ramingen zijn belangrijk voor deugdelijk begrotingsbeleid en goed bestuur.
Wat doe je dan in een nette democratie? Je vraagt deskundige mensen hier eens goed naar te kijken. Aldus geschiedde. Oud-directeur-generaal Rijksbegroting André de Jong werd voorzitter van de ‘expertgroep ramingen’. Iedereen met verstand van zaken dacht mee. Financiën zelf. Het Centraal Planbureau. Het Centraal Bureau voor de Statistiek. De Nederlandsche Bank. De economenclubjes op alle ministeries. De expertgroep publiceerde onlangs het rapport Op drift of op koers? Met analyses en aanbevelingen om beter te ramen en te begroten.
Inderdaad, concludeert De Jong, Financiën zit er de laatste jaren flink naast! In de afgelopen twintig jaar week de raming van het EMU-saldo gemiddeld 0,4 procent van het nationaal inkomen af van de realisatie. Maar in de periode 2021-2023 was de gemiddelde ramingsafwijking 2,7 procent van het nationaal inkomen.
Hoe komt dat? Ten eerste, zegt De Jong, door twee ‘perfecte stormen’. De coronacrisis noch de Russische invasie in Oekraïne kon worden voorzien bij het maken van de ramingen, terwijl deze gebeurtenissen wel grote invloed hadden op de schatkist. De tweede belangrijke reden is ‘onderuitputting’. Ondanks waarschuwingen van experts schrijven kabinetten euro’s in de begroting die helemaal niet uitgegeven kunnen worden. Omdat de wetgeving niet zo snel gaat, of omdat het de overheid ontbreekt aan uitvoeringscapaciteit. En als je euro’s in de begroting schrijft die je niet kunt uitgeven houd je euro’s over, en dat is dan een ramingsfout.
Kan Financiën beter ramen? Ja, denkt De Jong. Maar dat is allemaal taaie techniek. Dat moet Financiën vooral gaan doen – er is een lijstje aanbevelingen –, maar verwacht er geen wonderen van. De crux is, aldus De Jong, dat ‘een hoge mate van onzekerheid inherent is aan ramingen’.
Wat doet de volksvertegenwoordiger in die nette democratie vervolgens? Die dankt de experts voor hun goede werk, en accepteert de onzekerheid over het schatkistsaldo. Het laatste wat je moet doen, weet hij, is dit politiseren. Want dan ondergraaf je de deugdelijkheid van het begrotingsproces.
En wat doet Omtzigt deze week in de Kamer? Pleiten voor 10 miljard euro extra uitgaven omdat Financiën systematisch verkeerd raamt. Gatverdamme.
Frank Kalshoven is econoom en publicist. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier de richtlijnen van de Volkskrant. Reageren? E-mail: frank@frankkalshoven.nl
Source: Volkskrant