Home

Perspectief bieden, leesvaardigheid én empathie bevorderen? We verwachten te veel van literatuur

In het Mexicaanse Neza werd in 2006 besloten dat agenten betere burgers moesten worden, en dat de literatuur daartoe het geschikte middel was. Het zou, zo stelde de lokale politiechef, zijn agenten een groter vocabulaire verschaffen. Daarnaast moet een politieofficier wereldwijs zijn en zouden boeken op een indirecte manier de ervaring van mensen verrijken.

Tot slot zou er aan lezen een ethisch voordeel kleven. ‘Je leven riskeren door het redden van het leven van andere mensen en hun bezittingen vereist diepe overtuigingen. Literatuur kan deze diepe overtuigingen versterken door lezers in de gelegenheid te stellen levens te ontdekken die worden geleid met een vergelijkbare toewijding. We hopen dat het contact met literatuur onze politieofficieren meer toegewijd zal maken aan de waarden die ze plechtig beloofd hebben te verdedigen.’

Dit vrij extreme voorbeeld – afkomstig uit het prachtige boek Hoe fictie werkt van literatuurcriticus James Wood – toont een denkwijze die ook bij ons gangbaar is. Men heeft de neiging sterk de nadruk te leggen op het nut van literatuur. Met name tijdens de jaarlijkse Boekenweek is dat overal te zien, horen en lezen. Ook dit keer las ik weer dat literatuur zo belangrijk is omdat de leesvaardigheid achteruitgaat, hoe boeken ons kunnen tonen waar de wereld naartoe gaat, en er is – hoewel een expliciet voorbeeld dit jaar langs me heen is gegaan – ongetwijfeld wel weer ergens gesteld dat je van fictie empathischer wordt.

Ik vraag me af of het op deze manier verdedigen van literatuur de zaak niet eerder schaadt dan goeddoet. Ikzelf ben een fervent lezer, maar bij mij zorgen dergelijke argumenten er eerder voor dat iedere lust om te lezen verdwijnt. Ergens blijf ik blijkbaar de nukkige middelbare scholier bij wie de lol er al snel vanaf is zodra hij hoort dat hij iets moet omdat het belangrijk is.

Over de auteur

Alban Mik is rechtsfilosoof en schrijver van Tegen beter weten in. In de maand maart is hij gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier meer over ons beleid.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Maar ook meer in het algemeen heb ik sterk mijn twijfels bij de geldigheid van de bovenstaande redenen. Wie wil weten waar de wereld naartoe gaat, kan beter een krant lezen. Of, als men op zoek is naar meer diepgang, een goed academisch werk. Voor de leesvaardigheid kan literatuur helpen, maar is het zeker niet de enige manier.

En wat betreft het veronderstelde opwekken van vermogen tot empathie: is er iemand die met droge ogen durft te beweren dat de intelligentsia – die over het algemeen meer leest – meer empathie heeft dan de ‘lagere klassen’? Laat ik maar voorzichtig stellen dat ik die indruk geenszins heb. Als er ergens veel ijdele, afgunstige en achterbakse figuren rondlopen, dan is het wel in de literaire wereld. En dat zijn mensen die van lezen en schrijven hun beroep hebben gemaakt.

Van literatuur word je, kortom, geen beter mens. Daar zijn meerdere redenen voor te geven, maar laat ik een evidente uitlichten. In veel romans, en zeker in goede, stikt het van personages waar je je in het echte leven vooral niet aan moet spiegelen. Het is een bonte verzameling buitenbeetjes, neuroten, misdadigers, psychopaten en gekken. Wellicht kun je je dus maar beter niet al te veel met die personages vereenzelvigen en je niet al te veel inleven. Voordat je het weet, ben je juist een slechter mens geworden.

Niet lezen dan maar, is dat de boodschap? Welnee. Zelf blijf ik graag mijn vrije tijd besteden aan literatuur. Maar de reden is wat minder hoogdravend: ik doe het gewoon graag. Je verdwijnt in een alternatieve werkelijkheid, hoogst kunstmatig (want geschapen met taal) en toch levensecht. Een waar de schrijver jou met zijn of haar woorden toegang toe biedt en die jij, als lezer, met je fantasie tot leven brengt. Het is een gesprek tussen lezer en schrijver, of preciezer gezegd tussen lezer en tekst, dat wat mij betreft de ultieme vorm van escapisme is.

Dat betekent overigens niet dat literatuur een vorm van escapisme moet zijn. De literatuur moet vooral niet zo veel. Je hoeft er niet iets van te leren, maar het mag en kan natuurlijk wel. Een andere opmerking uit het aangehaalde werk van Wood, luidt dat de roman geen filosofische antwoorden biedt, maar een goede roman wel de juiste vragen stelt. Het kan als geen ander verslag doen van de complexiteit van ons (morele) leven.

Daar zit denk ik wel wat in. Maar in dat geval is het wel te hopen dat het literatuuronderwijs niet al te zeer is aangeslagen bij de Mexicaanse agenten. Want een twijfelaar die zijn denken en handelen constant bevraagt, is, zo vermoed ik, niet bepaald de ideale diender.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next