Liegend tegen mezelf dat ik een fijne ochtendwandeling maakte, liep ik een nachtmerrie te verstouwen. Weg van verschrikkelijke beelden die niet waar waren, maar ook nog niet weg uit mijn kop. Mijn ogen schuin naar de grond om het tempo hoog te kunnen houden. Fietspad, stoeprand, vuilnisbak, stoep, parkeerpaal, losse tegel, rode bh in de bosjes.
Huh, wat? Mijn benen hielden stil. Aan een struikje dat zoveel uitbundigheid niet verdiende, bungelde een sjiek en feestelijk geval, met allerlei stiksels en bandjes. Een intrigerend beeld, dat onvermijdelijk leidde tot de vraag hoe de bh daar was beland, tot het bedenken van allerlei scenario’s die allemaal even onwaarschijnlijk waren, en uiteindelijk tot het prettige besef dat ik het nooit zou weten. De waarheid was vast heel saai.
Intussen had dat rare beeld wel al die nare beelden weggejaagd. Waarmee toch was aangetoond dat een rode bh in de bosjes soms precies is wat je nodig hebt.
Source: Volkskrant columns