Het Hongaarse parlement heeft dinsdag een wet aangenomen die de Pride in het land verbiedt. Het voorstel werd ingediend door onder meer de Fidesz-partij van premier Viktor Orbán. De mars voor lhbtqia+-rechten zou schadelijk zijn voor kinderen.
Organisatoren en deelnemers aan de Pride kunnen door de nieuwe wet een boete tot 500 euro krijgen, meldt ANP. Om de wet te handhaven, mag de politie gezichtsherkenning gebruiken.
Het aannemen van de wet leidde meteen tot protesten in Boedapest, schrijft persbureau Reuters. Zo blokkeerden demonstranten een brug in het centrum van de hoofdstad.
De organisatie van de Pride van Boedapast heeft al gezegd dat de mars op 28 juni gewoon doorgaat en roept mensen op om zich aan te sluiten. "We laten ons niet bang maken door de overheid die onze minderheid, de lhbtqia+-gemeenschap, gebruikt als zondebok."
Tijdens de stemming in het Hongaarse parlement staken parlementariërs van de kleine oppositiepartij Momentum rookfakkels af.
"Het is een frontale aanval op de lhbtqia+-gemeenschap", stelt Dávid Vig, de directeur van de Hongaarse tak van Amnesty International. Hij zegt dat de wet de overheidsplicht om discriminatie tegen te gaan schendt.
Het is niet de eerste keer dat onder de radicaal-rechtse Orbán wordt opgetreden tegen de lhbtqia+-gemeenschap. Zo werd in 2021 een omstreden wet aangenomen waarin staat dat jongeren niet blootgesteld mogen worden aan "inhoud die homoseksualiteit, afwijking van de genderidentiteit en het veranderen van sekse" zou aanmoedigen.
Ook werd onder Orbán een wet aangenomen die het huwelijk definieert als een verbintenis tussen een man en een vrouw en mogen niet-heterostellen geen kinderen adopteren.
Source: Nu.nl algemeen