Home

Opinie: Veiligheid op straat is geen ‘vrouwending’. We zijn allemaal verantwoordelijk

We moeten stoppen met het idee dat vrouwen zich maar moeten aanpassen aan een gevaarlijke omgeving. Het is aan ons allemaal om een veilige buitenruimte te creëren.

Onlangs vroeg ik onze studenten hoe veilig zij zich voelen in de openbare ruimte, zoals in parken, op pleinen en in steegjes. Vooral de vrouwelijke studenten voelden zich lang niet altijd en lang niet overal veilig. Hun bevindingen waren geheel in lijn met die van andere meiden en vrouwen.

Het percentage jonge vrouwen tussen de 18 en 25 jaar dat zich onveilig voelt in de openbare ruimte is twee keer zo hoog als het percentage mannen van dezelfde leeftijd, blijkt uit de recente veiligheidsmonitor van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Volgens het platform voor onderzoeksjournalistiek Pointer zijn de belangrijkste plekken waar vrouwen zich onveilig voelen: ov-knooppunten (onder andere stations, 91 procent voelt zich onveilig), uitgaansgelegenheden (74 procent) en parken (90 procent).

Om onveilige situaties te voorkomen plannen vrouwen hun route strategisch, houden hun sleutels paraat en sturen hun live-locatie naar vrienden. Dat soort safety work is geen keuze, maar noodzaak. Maar waarom ligt de nadruk zo vaak op wat vrouwen kunnen doen om zich te beschermen, en niet op wat anderen kunnen doen om hen te ondersteunen?

Over de auteur
Krista Schram is associate lector Publiek Vertrouwen in Veiligheid aan de Hogeschool Inholland. Zij doet praktijkgericht onderzoek naar de manier waarop burgers veiligheid ervaren.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Rol van omstanders

Omstanders hebben de verantwoordelijkheid om seksuele straatintimidatie en seksueel geweld te voorkomen. Een van onze mannelijke studenten zei: ‘Mocht je achter een vrouw fietsen, blijf er als man niet te lang achter, want dat kan bedreigend overkomen’. Daarmee raakte hij de kern van het probleem. Als vrouwen en meiden zich onveilig voelen, is het niet zo dat zij zich maar moeten aanpassen aan de situatie. We moeten ons allemaal bewust zijn van onze rol in de veiligheidsbeleving van vrouwen.

En dat gaat dieper dan gedrag alleen. Het gaat ook over onze percepties en over hoe we onze dochters opvoeden. Als we hen vertellen dat ze ’s avonds laat de straat niet op mogen, vertellen we eigenlijk dat het buiten gevaarlijk is voor meiden. We bevestigen de status quo. Dat beeld wordt vaak nog versterkt door verhalen over seksueel geweld in de media.

Bij aanranding of verkrachting is de reflex bovendien nog te vaak om tegen vrouwen te zeggen dat ze ‘s avonds niet alleen over straat moeten gaan. Dat gebeurde onder meer in Rotterdam, toen de stad in januari werd opgeschrikt door een serie-aanrander. De steun en reactie van de politie was snel, proactief en publiekelijk. Toch raadde politie vooral vrouwen aan alert te zijn op verdacht gedrag. Goed bedoeld, maar dat legt de bal bij jonge vrouwen.

Ontwerpprobleem

Vorige week nam de Amsterdamse gemeenteraad een initiatiefvoorstel aan om de inrichting van de publieke ruimte vanuit een nieuw perspectief te benaderen: dat van de jonge vrouw. Het voorstel is mede gebaseerd op onderzoek dat ik met een team van andere onderzoekers en jonge vrouwen zelf de afgelopen jaren heb gedaan naar sociale veiligheid in de openbare ruimte. De kernboodschap is dat veiligheid in belangrijke mate ook een ontwerpprobleem is.

Beleidsmakers en bestuurders kunnen vrouwen vertellen dat ze niet de straat op mogen. Maar ze kunnen ook kijken naar hoe de openbare ruimte ontworpen wordt. Veiligheid en veiligheidsgevoel hangen nauw samen met de manier waarop we de leefomgeving inrichten. Mannen en vrouwen vinden heel verschillende dingen belangrijk als het op veiligheidsbeleving aankomt. De aanwezigheid van politie en camera’s leidt bij vrouwen niet altijd tot een groter gevoel van veiligheid, omdat het juist ook een signaal kan zijn dat er kennelijk gevaren zijn.

Aanwezigheid van mensen

Wat vrouwen nodig hebben is de aanwezigheid van andere mensen, een gevarieerd publiek waar informeel toezicht vanuit gaat. Voorkom dat plekken ’s avonds verlaten zijn. Een station voelt bijvoorbeeld veel veiliger als er een kiosk of snackbar is die ’s avonds open blijft, in plaats van een verlaten perron met een bewakingscamera. Of een park met sportfaciliteiten die ook ’s avonds in gebruik zijn.

De indiener van het initiatiefvoorstel, D66-raadslid Elise Moeskops, noemde vrouwen de otters van de openbare ruimte: als zij ergens zijn, dan weet je dat het goed zit. Zolang we meisjes leren dat ze ’s avonds beter niet alleen naar huis kunnen fietsen, bevestigen we het uitgangspunt dat veiligheid een ‘vrouwending’ is.

Vrouwen doen al genoeg. Sociale veiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid. Kijk om je heen, en bovenal: kom in actie.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next