DEN HAAG - Een 51-jarige Hagenaar heeft na jaren bekend dat hij verantwoordelijk is voor de dood van ondernemer Rishi Parmesar in Suriname. Hij geeft ook toe dat hij het lichaam heeft gedumpt in een rivier. Eerder hield de man, een oud-agent, altijd vol niks te maken te hebben met de dood van Rishi.
Rishi Parmesar was een ondernemer uit Hoofddorp. Hij had een bedrijf in Nederland en in Lelydorp, een Surinaamse dorp ten zuiden van de hoofdstad Paramaribo.
De destijds 48-jarige man zou op 18 december 2022 het vliegtuig terug naar Nederland nemen, maar hij kwam nooit aan op Schiphol. Zijn familie tastte jarenlang in het duister over zijn lot. Het lichaam van Rishi bleef onvindbaar.
De Surinaamse politie verhoorde Hagenaar Biswanand B. op de dag van de vermissing al, maar liet hem toen ook weer gaan. Later arresteerde ze wel twee andere verdachten.
Begin 2024 hield de Nederlandse politie B. toch aan, na een uitzending over de vermissing van Rishi van Opsporing Verzocht. Ook het opsporingsprogramma Team West besteedde aandacht aan de zaak.
B. was een vriend van Rishi en ook enige tijd een aangetrouwd familielid. Ze zouden echter in 2022 een zakelijk geschil hebben gekregen. Bij de rechter ontkende B. vorig jaar nog betrokkenheid bij de dood.
'Ik ben altijd dienstbaar geweest naar de maatschappij', klaagde de oud-politieman vorig jaar april op een tussentijdse zitting, na drie maanden voorarrest. 'En nu ben ik volledig onttrokken aan die maatschappij.'
Donderdag gaf hij tijdens een nieuwe zitting in de zaak ineens toe de dood op zijn geweten te hebben. Hij zou in het Surinaamse dorp een ruzie hebben gehad met Rishi. Daarbij gaf de oud-agent Rishi een klap met zijn handpalm onder zijn kin.
Tijdens de vechtpartij vielen beide mannen, klapte Rishi met zijn hoofd tegen de vloer en begon te bloeden, vertelt hij. Even later merkte B. dat Rishi niet meer ademde en geen hartslag meer had.
Hij legde het lichaam op de achterbank van zijn auto en reed naar een rivier om hem daarin te gooien.
Ondanks dat B. heeft bekend, heeft het OM wel vraagtekens bij zijn uitleg over wat er precies is gebeurd. 'Het sluit niet aan bij de bloedsporen die in de woning in Suriname zijn aangetroffen', zegt de officier van justitie.
De aanklager gaat uit van een worsteling in de woning en niet van één enkele klap en een ongelukkige val. 'Het slachtoffer kan niet daardoor zijn overleden.'
Het OM vraagt de rechtbank om een nieuw onderzoek. Die wil de zaak op 26 mei echter inhoudelijk gaan behandelen. 'We zijn voldoende voorgelicht', zegt de rechter donderdag.
Source: Omroep West Den Haag