De Chinese wapenimport is de afgelopen vijf jaar meer dan gehalveerd, omdat China bijna volledig zelfvoorzienend is geworden op het gebied van wapenproductie. Dat constateert de Zweedse denktank Sipri in een rapport.
is China-correspondent van de Volkskrant.
Decennialang stond China in de top-10 van de grootste wapenimporteurs wereldwijd. Maar de afgelopen vijf jaar nam de import van wapens naar China met 64 procent af, zo blijkt uit onderzoek van het Stockholm International Peace Research Institute (Sipri). Dat instituut is gespecialiseerd in onderzoek naar de wereldwijde wapenhandel. China zakt nu naar de zestiende plaats op de ranglijst van wapenimporteurs. Het bevindt zich daarmee nipt boven Nederland, dat op de zeventiende plaats staat.
Het importeren van wapens is voor de Chinezen bijna niet meer nodig, omdat ze inmiddels hun wapens zelf kunnen produceren. Volgens de Nederlander Siemon Wezeman, senior onderzoeker aan het Sipri, hebben de Chinezen veertig jaar naar dit moment van militaire autonomie toegewerkt.
Onder president Xi Jinping raakte de modernisering van het Chinese leger in een stroomversnelling. Al meer dan tien jaar op rij schommelt het Chinese defensiebudget rond de 7 procent. Xi wil dat China in 2027 een ‘leger van wereldklasse’ kent. Datzelfde jaar, als het Chinese leger haar honderdjarig bestaan viert, moet China in staat zijn om de ambitie te verwezenlijken Taiwan in te lijven. Taiwan is het democratisch bestuurde eiland dat China als afvallige provincie beschouwt.
De Chinezen importeren hun wapens al vanaf de jaren negentig grotendeels uit Rusland. Importeren uit Westerse landen was na 1989 bijna geen optie meer voor de Chinezen. Dat jaar plaatsten Amerika en Europa China onder een wapenembargo, nadat China de studentenprotesten op het Tiananmenplein op bloedige wijze had neergeslagen.
Aanvankelijk ontwikkelde China zijn eigen wapentechnologie door Russische ontwerpen te kopiëren. Zo waren de eerste generatie Chinese gevechtsvliegtuigen praktisch identiek aan geïmporteerde Russische modellen. De laatste jaren was China alleen nog voor helikopters en geavanceerde motoren afhankelijk van Russische import. Een belangrijk technologisch kantelpunt vond twee jaar geleden plaats, toen de Chinezen begonnen met de productie van vliegtuigen met Chinese straalmotoren.
Terwijl de Chinese wapenimport inzakt, neemt de import juist toe in Aziatische landen die China als bedreiging zien. Dat geldt bijvoorbeeld voor drie van de tien grootste wapenimporteurs: Japan, Australië en India. Ook in Zuidoost-Aziatische landen als Maleisië, de Filipijnen, Singapore en Indonesië stijgt de wapenimport.
De komende jaren wil China zich gaan toeleggen op de export van wapens. Wezeman: ‘China wil zich graag binden aan landen in Afrika, Azië, of het Midden-Oosten waar grondstoffen vandaan komen waar China afhankelijk van is.’ Vooralsnog lukt China dat nog maar matig. Het Chinese aandeel aan de wereldwijde wapenhandel bedraagt 5,9 procent. Amerika blijft veruit de grootste exporteur met een marktaandeel van 42,9 procent.
Maar door het grillige gedrag van de Amerikaanse president Donald Trump zou dat kunnen veranderen, vermoedt Wezeman. ‘Veel landen zullen zich toch afvragen of ze nog wel kunnen vertrouwen op Amerikaanse wapens, en de relatie die daarbij hoort. Vooral in landen in het Midden-Oosten liggen er voor China kansen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant