Het was weer eens de beste van alle mogelijke werelden. Op Grand Central Station stond een vrouw die vriendelijk maar luid zei: ‘Je hebt maar één kans, je hebt namelijk maar één ziel. Wil je hem redden?’
‘Wat wil die vrouw?’, vroeg mijn zoon.
‘Onze ziel redden.’
‘Waarom?’
We waren in de dierentuin geweest en hadden na het voederen van geiten en lammeren vergeten onze handen te wassen. Er is veel wat gered moet worden, lichaam, ziel, je kunt niet alles redden.
We liepen door.
‘Waarom?’, drong de jongen aan.
Oppas Margareth was de dag ervoor uit het park een beetje verward met hem teruggekomen: ‘Alles ging goed’, had ze gezegd, ‘maar hij probeerde me op de mond te kussen. Ik zei: ‘Dat kan niet, vanwege bacteriën.’’
Ze keek me aan en wachtte duidelijk op uitleg. #MeToo begint tegenwoordig op je 3de, waaraan ik moet toevoegen dat Margareth een ernstige oppas is.
‘In Nederland is het heel gebruikelijk, op de crèche doen ze het om de haverklap’, zei ik, om mijn zoon en mijzelf in bescherming te nemen.
‘Op de mond kussen?’, vroeg ze. Ze had aan het begin gevraagd: ‘Mag ik met hem de metro in?’
Mijn antwoord luidde: ‘Zolang hij niet onder de metro komt, ja.’
Ook dat was niet helemaal het goede antwoord.
De meeste leugentjes kun je niet meer terugnemen, daarom zei ik: ‘Op het platteland in Nederland komt het weinig voor, maar in de vier grote steden is het op de mond kussen schering en inslag, ook tussen mensen die elkaar amper kennen.’
‘Mag ik van je toilet gebruikmaken?’, antwoordde ze.
Ze bleef erg lang in de badkamer. Vermoedelijk controleerde ze of daar alles hygiënisch genoeg was. Beter zo’n oppas dan een vieze oppas.
Ik zei het al, de best mogelijke van alle werelden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns