Drie jonge verdachten staan terecht voor opruiing tot terrorisme: ze zouden zich voorbereiden op een rassenoorlog. Op de zitting maandag blijken de drie vooral kwetsbare jongeren met problemen. ‘Ik ben klaar voor de burgeroorlog.’
‘U heeft 44 dagen in voorarrest gezeten’, zegt de rechter. ‘Wat dacht u toen?’
Dean denkt even na. ‘Wat ben ik een loser dat ik het zover heb laten komen.’
Dean is 19 en verdachte van een ernstig feit: opruiing tot terrorisme. In Telegramgroepen heeft hij grimmige en racistische berichten gedeeld. Nog twee andere jonge verdachten staan maandag in de rechtbank in Rotterdam terecht voor hetzelfde: de 26-jarige Djessy en de 17-jarige Danny, wiens zaak achter gesloten deuren dient, omdat hij minderjarig is (in dit artikel heeft hij daarom een gefingeerde naam).
Danny wordt ook deelname aan een terroristische organisatie ten laste gelegd, omdat hij volgens justitie lid is van de extreemrechtse terreurgroep The Base en een lokale cel ervan zou hebben opgericht. De Volkskrant schreef afgelopen zaterdag over de radicalisering van de drie.
Op Telegram en op flyers lieten de drie jongemannen doen voorkomen dat zij zich voorbereiden op een rassenoorlog. Ze hingen het accelerationisme aan, een neonazistische leer die voorschrijft dat de maatschappij ineen zal storten. Accelerationisten willen dat proces bespoedigen met geweld, om een witte etnostaat op te richten.
Op zitting komen de drie heel anders over. Dean heeft een stoornis op het autismespectrum, een cannabisverslaving, een laag zelfbeeld en depressieve perioden. Djessy heeft een licht verstandelijke beperking, is zeer beïnvloedbaar en impulsief. Als hij onder spanning staat, heeft hij gewelddadige gedachten. Djessy en Dean zouden allebei licht verminderd toerekeningsvatbaar zijn.
Danny heeft volgens advocaat Jaap-Willem Roozemond, die zijn pleidooi met de Volkskrant deelt, ook een stoornis op het autismespectrum, waardoor ‘hij de gevolgen van zijn gedrag moeilijk kan overzien’. Roozemond is kritisch op het handelen van justitie in terrorismezaken als er sprake is van stoornissen. ‘Mijns inziens moet terrorisme niet verward worden met jonge jongens die psychische hulp nodig hebben.’
De verdachten lijken veel op elkaar. Alle drie hebben ze een fascinatie voor oorlog en geweld. Ze zochten op internet naar gelijkgestemden en hadden weinig of geen vrienden in hun leven offline. En alle drie lijken ze geschrokken van hun aanhouding en de periode die ze in voorarrest hebben gezeten.
De rechter legt Dean voor dat hij een racistische meme deelde in de Telegramgroep, waarbij hij het (Amerikaanse) n-woord gebruikte. Waarom deed hij dat?
Dean: ‘Omdat ik toen best wel racistisch was.’
De rechter: ‘Nu niet meer?’
‘Nee.’
‘Wat is dat volgens jou, racistisch?’
‘Dat je het niet zo kunt vinden met andere bevolkingen.’
‘Had je veel andere bevolkingen om je heen?’
‘Nee, helemaal niet.’
‘Zaten er kinderen uit andere bevolkingsgroepen bij je in de klas of op school?’
‘Nee.’
‘Wat maakt dan dat je een hekel aan ze hebt?’
‘Ik heb er niet echt een antwoord op. Ik denk door TikTok.’
‘Daar las je dat?’
‘Ja, dat was eigenlijk mainstream op TikTok.’
Vooral het gesprek met Djessy verloopt stroef, het lukt hem nauwelijks te reflecteren op zijn gedrag. Volgens een psycholoog zou hij niet eens in staat zijn om te onderschrijven wat het accelerationistisch gedachtegoed behelst. De rechtbank doet verwoede pogingen om achter zijn beweegredenen te komen – tevergeefs.
Op een filmpje van zwaar vuurwerk, reageerde Djessy op Telegram: ‘Deze in een moskee naar binnen.’ Waarom?
Djessy: ‘Ja, dat was dom eigenlijk om te zeggen.’
De rechter: ‘Maar stel dat het echt gebeurd was, door jouw aansporing, hoe had je je dan gevoeld?’
‘Pfoe. Dat weet ik niet.’
Bij Djessy vermengen de werkelijkheid en de fantasie zich met elkaar, zegt zijn advocaat. ‘Hij is als een kind dat oorlogje speelt.’ Zo zou Djessy hebben opgeschept dat hij ‘kernkoppen’ zou bemachtigen en in contact staat met de Russische president Vladimir Poetin. Op de vraag waarom hij een paramilitaire eenheid met de naam Witte Bataljon oprichtte, zegt hij: ‘Ik heb nooit nagedacht wat het doel was.’
Met het Witte Bataljon zou hij een bom op een kerk in Urk gooien en later op steden in het Noorden. De rechter: ‘Waarom heeft u een hekel aan Urk?
Djessy: ‘Dat zijn racisten ook.’
De rechter: ‘U was zelf toch ook een racist?
‘Dat is waar.’
‘Daarna was Groningen aan de beurt, wat is er met Groningen?’
Djessy weet niet wat hij moet zeggen.
De rechter: ‘Apart allemaal.’
De andere rechter kan het niet begrijpen dat Djessy een Antilliaanse vriendin en later een Afghaanse vriendin had en toch zo racistisch was. ‘Hoe kunt u dat rijmen?’
‘Dat is moeilijk om uit te leggen.’
‘De ouders van het meisje waren tegen de relatie. Speelde dat mee in uw boosheid?’
‘Dat klopt.’
De rechtbank legt hem nog een tekst voor die hij schreef op Telegram: ‘Ik ben klaar voor de burgeroorlog. Voor mij maakt het geen ene tyfus uit of ik doodga, zolang ik weet dat ik moslims of communisten heb meegenomen.’ De rechter: ‘Hoe kijkt u daar nu naar?’
Djessy: ‘Ik heb er geen gevoel bij.’
Justitie gaat mee in de conclusies van de psycholoog en reclassering en eist relatief milde straffen. De officier van justitie vordert voorwaardelijke celstraffen voor alle drie. En voor Danny en Dean ook werkstraffen. Daarnaast moeten ze zich aan strenge voorwaarden houden: geen contact met elkaar en geen sociale media.
De uitspraak is op 17 maart.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant