Home

Hoe staat het negen jaar na het kritische KNVB-rapport ‘Winnaars van morgen’ met het Nederlandse clubvoetbal?

De opmars van het Nederlandse clubvoetbal in Europa is indrukwekkend. En hoe anders dan in 2016, toen de KNVB nog zijn zorgen uitte over de stand van zaken. Tien jaar later zijn nog vier clubs actief in de Europese competities. Probleem opgelost, zou je zeggen, maar schijn bedriegt.

is voetbalverslaggever van de Volkskrant.

Het is simpel om te stellen: de ‘winnaars van morgen’, naar het gelijknamige, alarmerende, veelomvattende rapport van de KNVB uit 2016 over de neergang van het Nederlandse voetbal, zijn omgetoverd tot ‘winnaars van vandaag’.

Immers: PSV, Feyenoord, Ajax en AZ spelen volgende week in de achtste finales van de twee belangrijkste Europese bekertoernooien. Oranje ontmoet later in maart Spanje, in de kwartfinales van de Nations League. Probleem opgelost.

Of toch niet? Overal in het voetbal is een continue zoektocht naar verbetering gaande, en dan met name naar creativiteit. Marijn Beuker, directeur voetbal van Ajax: ‘We gooien sommige zaken rigoureus om in onze opleiding. We kijken nog steeds veel naar Spanje en Portugal, waar ze fysieke kracht combineren met voetballend vermogen. Ze zijn daar meesters van tijd en ruimte. Het is hier vaak te veel tactiek, er zijn te weinig spelers die oplossingen vinden, die zelf het spel lezen. Er valt nog een wereld te winnen.’

Meest besproken, minst gelezen

Jelle Goes was destijds als technisch manager van de KNVB de ondertekenaar van Winnaars van morgen, ‘het meest besproken, minst gelezen rapport’, dat werd geschreven na een congres in Utrecht en een uitgebreid onderzoek met medewerking van talloze coryfeeën, om de neergang te duiden.

Het was bedoeld om de eigenwijze Nederlandse cultuur te behouden en tegelijk de weg omhoog te hervinden. Goes is nu bij Feyenoord technisch manager van de academie en het vrouwenvoetbal. ‘Het rapport heeft ons wakker geschud. We liepen achter, bijvoorbeeld in het gebruik van data. Het voetbal is veel innovatiever geworden.’

Maar ook hij beaamt: ‘We missen creativiteit. Aanvallers krijgen te veel opdrachten. Speel één tegen één. Maak acties. Coach die jongens niet dood. Dat is de volgende stap.’

Creatieve middenvelders, flankspelers en topspitsen zijn relatief zeldzaam in Nederland, en in andere landen trouwens ook. In de eredivisie spelen buitenlanders vaak op die cruciale posities, van Igor Paixao tot Bertrand Traoré, van Oliver Edvardsen tot Johan Bakayoko, Anis Hadj Moussa, Mika Godts, Malik Tillman, Jakob Breum, Ricardo Pepi en talloze anderen.

De aanleiding voor Winnaars van morgen lag in 2014, opvallend genoeg het jaar dat het Nederlands elftal derde werd op het WK van Brazilië. Dat was evenwel een onverwachte topprestatie van de ploeg van bondscoach Louis van Gaal, veelal bestaande uit spelers uit de Nederlandse competitie, wier clubs meestal snel verloren in de Europese toernooien.

Het onderzoek leidde tot elf speerpunten, waaronder meer focus op winnaarsmentaliteit, bewustzijn van fysieke ontwikkeling, talentenscouts die naar andere eigenschappen kijken, een diverse trainersstaf, meer weerstand in jeugdcompetities, hogere eisen aan verdedigers en beter gebruik van data.

Kenners zien ongeveer tien jaar later overal vooruitgang, in allerlei facetten. Het spel is intenser. Het gebruik van data is normaal, zoals in een innovatieve bedrijfstak. Het kunstgras is verdwenen uit de eredivisie, wat de competitie ook aantrekkelijker maakt voor buitenlanders. Mentale begeleiding is alom geaccepteerd en onderdeel van beleid, zoals Joost Leenders van de Talentenacademie aangeeft.

Clubs krijgen desgevraagd een weekend vrij in de competitie, om zich optimaal voor te bereiden op een belangrijke Europese wedstrijd. En clubs zonder Europees voetbal ontvangen als dank voor de medewerking financiële compensatie uit Europese inkomsten.

Directeur Jan de Jong van de Eredivisie CV: ‘Ik hoor daarover soms klachten van Spaanse en Italiaanse collega’s, waar clubs geen rust hebben in het weekeinde. Ze vinden dat oneerlijk. Dan zeg ik dat het oneerlijk is dat zij 800 miljoen euro uit mediagelden halen en wij tot voor kort 80 miljoen. Zo is het leven.’

Mentaliteit en een beetje geluk

Het aantal goede verdedigers en middenvelders dat het laatste decennium doorbrak is opvallend. Voormalig verdediger Jaap Stam, destijds ook ondervraagd voor het rapport: ‘Het is misschien een beetje toeval, maar veel jongens zijn opgestaan. Ze hebben karakter getoond om zich naar de top te vechten. Met kwaliteiten, plus mentale eigenschappen. Ze kregen steun, ook voor hun keuzes. Kijk naar Virgil van Dijk. Hij is stapje voor stapje naar een hoger niveau gegaan, net als ik destijds. Denzel Dumfries ook. Het is een kwestie van mentaliteit en een fractie geluk: de juiste stappen zetten en de juiste mensen tegenkomen.’

Maar het succes is deels ook een kwestie van logistiek. De Uefa bedacht de Conference League, een derde toernooi in de Europese rangorde. Feyenoord en AZ behaalden in de eerste twee seizoenen de finale en de halve finale, en daarmee veel punten voor de Europese ranglijst, waarop Nederland in luttele jaren steeg van de veertiende naar de zesde plaats.

Nederland mocht meer clubs afvaardigen naar Europa, die het in hoger gewaardeerde toernooien moeten laten zien. Dat lukt dit seizoen uitstekend, maar dat is ook deels een momentopname. Het zat bepaald niet tegen, met PSV, Feyenoord en Ajax. Anderzijds: er was vechtlust, de naïviteit is verdwenen. Balbezit is niet meer heilig. Jelle Goes: ‘Het voetbal is realistischer. Feyenoord had achttien procent balbezit tegen Bayern München, maar won met 3-0.’

Erwin van de Looi, trainer van Heracles, voormalig bondscoach van Jong Oranje en eveneens betrokken bij het rapport: ‘Er is veel veranderd. In de hogere jeugd wordt meer geleerd om te spelen om te winnen. Kijk naar AZ, in de Youth League, dat echt alles deed om het toernooi te winnen. De naïviteit en vrijblijvendheid zijn min of meer verdwenen uit ons voetbal. Misschien is dat zelfs een beetje ten koste gegaan van de creativiteit. We zijn met veel meer intensiteit gaan spelen. Wij gingen na de bekerwinst met FC Groningen in 2015 Europa in. Tegen Braga. Het eerste kwartier werden we totaal onder de voet gelopen, omdat zij gewoon drie tempo’s hoger speelden. Niet omdat die spelers zoveel beter waren. Maar het aantal sprints, het lopen, dat is nu bij ons ook toegenomen.’

Het belang van lopen

Hij prijst in deze ontwikkeling trainers als Arne Slot, Erik ten Hag en Peter Bosz, die met succes hameren op het belang van lopen, van sprints, omschakeling van aanval naar verdediging en omgekeerd.

Van de Looi: ‘Overal zie je meer intensiteit, loopjes maken. Dat is geen doel op zich, maar wel een voorwaarde. Je zag het bij Slot, met de vleugelspelers die hij opstelde bij Feyenoord. Dat waren vaak niet de besten qua creativiteit, maar wel betrouwbare gasten die omschakelen en ruimtes dichtlopen. Slot is een voorbeeld: hij heeft een goed plan, fysiek is het prima voor elkaar en hij kan het goed brengen. Daarmee is hij dag en nacht bezig. We zijn veel fitter met zijn allen, kunnen op een hoger tempo lopen, houden het langer vol. In de fysieke component hebben we echt een goede slag gemaakt.’

Toch is het herstel geen uitgemaakte zaak. Het blijft oppassen, in een wereld met volop concurrentie. De hele wereld voetbalt.

Mohammed Allach, ook betrokken bij het rapport in 2016 en tegenwoordig technisch directeur van RKC, stelt dat nieuw onderzoek nodig is, om de speerpunten van toen te toetsen: ‘Je zou ze moeten afpellen en objectiveren. Wat is er precies gebeurd met elk speerpunt? Veel zaken zijn meetbaar, zoals het aantal sprints. Het mentale welzijn is ontwikkeld. Er zijn meer specialisten, op tal van terreinen. Dat is allemaal waar. Maar hoe meet je precies of opleidingen zijn verbeterd? Dat tee keer twee clubs nu bij de laatste zestien van Europa zitten, heeft dat te maken met dat rapport? Zoiets stellen is kortzichtig. We moeten dieper graven. Alleen voelen, denken en zien is te mager.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next