Brussel zet het mes in de milieuregels. Dat is bittere noodzaak, zegt de Europese Commissie, die een bundel presenteerde van wetten die eenvoudiger moeten worden. Versimpeling van de werkelijkheid, vinden de critici, met mens en milieu als slachtoffer.
is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.
Nee, voorzitter Ursula von der Leyen van de Europese Commissie stond woensdag niet wild met een kettingzaag tegen bureaucratie te zwaaien, zoals Elon Musk en de Argentijnse president Javier Milei. Dit is Europa, dus de aanval op de regeldruk werd gepresenteerd in de vorm van een keurige ‘omnibus’: een bundel van EU-wetten die simpeler moeten.
Brussel is echter geenszins minder ambitieus dan Washington en Buenos Aires. De milieuwetten die woensdag op het vereenvoudigingsrooster werden gelegd zijn slechts de opmaat; er komt nog een hele file aan omnibussen. ‘De wereld verandert voor onze ogen. We kunnen niet wereldwijd concurreren met één hand op de rug gebonden’, verdedigde commissaris Valdis Dombrovskis (Economie en Vereenvoudiging) het belang van minder regels voor bedrijven.
Onzin, briesten linkse partijen en ngo’s. Volgens hen zet de Commissie na een succesvolle lobby van het bedrijfsleven – en onder druk van een rechtser Europees Parlement – de zaag in de klimaatambities. ‘Blinde deregulering’, oordeelde GroenLinks-Europarlementariër Bas Eickhout. ‘Een klap in het gezicht voor mensenrechten en milieu’, vindt zijn PvdA-collega Lara Wolters. Van de VVD en BBB had de Commissie gerust nog wat verder mogen gaan.
De wetten die de Commissie met voorrang wil vereenvoudigen, hebben te maken met de verplichte rapportage van bedrijven over de effecten van hun activiteiten op het milieu, op sociale kwesties (kinderarbeid, lokale gemeenschappen) en op bestuur (corruptie).
Niet alleen wordt de reikwijdte flink beperkt als het aan de Commissie ligt (minder bedrijven) maar ook moet de hoeveelheid informatie omlaag, net als de boetes bij overtreding van de regels.
In het Commissievoorstel hoeven straks alleen bedrijven met meer dan duizend werknemers te rapporteren over hun duurzaamheid. Nu ligt die grens nog bij 250 werknemers. In de praktijk zouden er hierdoor van de circa vijftigduizend bedrijven die nu rapportageplichtig zijn, nog zo’n tienduizend overblijven.
Die tienduizend grotere bedrijven mogen in de toekomst niet langer kleinere bedrijven waarmee ze zaken doen dwingen de informatie te leveren die ze nodig hebben. Dit ‘doorsijpelen’ van de regeldruk komt nu te vaak voor, stelt de Commissie. Dat drijft juist die kleinere bedrijven tot administratieve wanhoop.
Een tweede wet die onder handen wordt genomen is de zogenoemde ‘anti-wegkijkwet’, de regels die bedrijven moeten aanzetten tot maatschappelijk verantwoord ondernemen. Niet alleen met oog voor de eigen activiteiten, maar ook voor wat er bij de toeleveranciers gebeurt. Het instorten van de textielfabriek Rana Plaza in Bangladesh in 2013 (ruim 1.100 doden) was een aanleiding voor de anti-wegkijkwet: talloze Europese kledingwinkels waren afnemer van Rana Plaza.
Deze wet moet nog in de praktijk worden gebracht (2026), maar de Commissie grijpt nu al in. De invoering wordt met een jaar uitgesteld, de rapportage beperkt zich alleen tot directe handelspartners, bij misstanden hoeft een contract niet te worden opgezegd, de jaarlijkse update van de beoordeling gaat naar eens per vijf jaar en boetes worden aan de lidstaten overgelaten.
Bij de taxonomie – een label over hoe groen bedrijven zijn, belangrijk voor milieubewuste investeerders – hanteert de Commissie dezelfde aanpak. Die verplichte rapportage verdwijnt voor 80 procent van de bedrijven.
Al met al scheelt deze vereenvoudingsoperatie het bedrijfsleven 6,3 miljard euro per jaar aan administratieve lasten, rekent de Commissie voor. Dat loopt op naar 37,5 miljard euro als alle omnibussen worden aangenomen.
PvdA-Europarlementariër Wolters, destijds onderhandelaar namens het parlement over de anti-wegkijkwet, is verbijsterd door de Commissievoorstellen. Dit is geen vereenvoudiging van de wetgeving maar een versimpeling van de werkelijkheid, meent ze.
Het zwabberbeleid van de Commissie – het uithollen van net aangenomen wetten – leidt alleen maar tot onzekerheid bij bedrijven. En tot ongelijkheid tussen bedrijven, want de ondernemers die wel hun verantwoordelijkheid nemen worden nu gestraft.
Daarnaast leidt de versimpeling ertoe dat misstanden als milieuvervuiling, uitbuiting, corruptie in landen waar Europese bedrijven actief zijn, ongehinderd kunnen doorgaan omdat niet alle toeleveranciers meer gecontroleerd hoeven te worden.
Vereenvoudiging van een aantal regels is best mogelijk, vindt Eickhout (GroenLinks), maar hier slaat de Commissie door. ‘Dit verbetert de concurrentiekracht van Europese bedrijven niet.’
Volgens commissaris Dombrovskis tornt de Commissie geenszins aan de eerder gestelde milieudoelen en sociale standaarden. ‘Onze voorstellen helpen die juist te bereiken, wat er lag hinderde onze economische groei en welvaart.’
Het is nu aan de EU-landen en het parlement om de voorgestelde vereenvoudigingen goed te keuren. Of dat gaat gebeuren is onzeker: het zijn vaak de lidstaten en de parlementariërs die ter bescherming van specifieke belangen de wetgeving complexer maken.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant