Fotograaf Nynke Brandsma volgde Max Groot drie jaar lang tijdens zijn verblijf op ’t Landje: een stuk grond waar veertig stadsnomaden een alternatief bestaan leiden. Groot: ‘Samen anders zijn schept een band.’
Door Reinout Bongers
Fotografie Nynke Brandsma
In de ogen van Max Groot verschijnt een lichte twinkeling wanneer hij naar zichzelf kijkt. Hij zit op zijn moeders bank in haar appartementje in Westzaan.
Met zijn ene hand speelt hij met zijn vape, met de andere aait hij hond Ukkie. Op de tafel voor hem liggen foto’s uit de fotoserie Max van fotograaf Nynke Brandsma. Hij inspecteert zijn eigen beeltenis om tevreden te concluderen: ‘Deze foto’s bewijzen dat ik besta.’
Brandsma fotografeerde de 30-jarige Max gedurende een periode van drie jaar terwijl hij bewoner was van ’t Landje, een commune van veertig zogenoemde stadsnomaden, die onder druk van de gemeente Amsterdam om de zoveel jaar verhuizen naar een nieuwe plek in de stad. Momenteel zijn de vrijbuiters neergestreken op een stukje grond in het Westelijk Havengebied.
Groot belandde vier jaar geleden op ’t Landje toen zijn moeder werd opgenomen in het ziekenhuis en hij niet alleen in zijn ouderlijk huis wilde achterblijven.
Na een tijdelijk verblijf in de caravan van een vriend kon hij, nadat twee bewoners waren vertrokken, hospiteren voor een permanent verblijf. Op ’t Landje is plek voor maximaal veertig bewoners. Hij liet achttien andere kandidaten achter zich en werd zo de jongste telg in de ‘familie’ die de bewoners volgens Groot vormen.
Bevrijd van het ‘burgerlijke’ juk van de woonwijk in Wormer werd hij er naar eigen zeggen volwassen: ‘Ik heb autisme, ADD (aandachtstekortstoornis, red.) en OCD (dwangstoornis waarbij iemand obsessief bezig is met regels, details, of schema’s, red.).
‘Mijn hoofd kan soms overvol raken. Op ’t Landje had ik de vrijheid om met mijn handen bezig te zijn en zelfredzaam te worden. De mensen daar accepteerden me zoals ik ben.’
Zijn dagen bestonden voornamelijk uit klussen aan auto’s, andermans caravans of het bad dat hij boven op zijn bus bouwde. Een bad óp een bus? ‘Waarom-vragen moet je niet te veel stellen op zo’n plek’, zegt de fotograaf.
‘In onze samenleving vinden we een badkuip op een bus raar, maar de schoonheid van ’t Landje is juist dat deze speelsheid de norm is’, zegt Brandsma, die gefascineerd raakte door de vrijstaat en haar kleurrijke bewoners.
Haar fascinatie begon toen ’t Landje zes jaar geleden in het nieuws kwam. De stadsnomaden moesten weer verkassen, maar de omwonenden van hun nieuwe bestemming maakten zich vooraf zorgen over geluidsoverlast en drugs- en alcoholgebruik onder bewoners.
Brandsma: ‘Ik vroeg me af: zijn deze mensen echt zo erg als ze worden omschreven? Dus ik ging ze opzoeken. Eerst zonder camera, later met.’
Twee jaar later liep ze over ’t Landje toen ze haar toekomstige hoofdpersoon een matras uit zijn bus zag tillen. De zon viel op zijn rosse krullen en ze vroeg of ze een foto van hem mocht maken.
Zijn antwoord: ‘Ik vind het fijn om gezien te worden.’ Tussen hem en de fotograaf ontstond een vriendschap en ze brachten samen hele dagen op ’t Landje door. Drie jaar lang legde ze daar alles vast: van de zorgeloze, sprookjesachtige zomers tot de barre en soms grimmige winters.
Met haar fotoserie won ze vorig jaar de Paul Peters Fotoprijs voor sociaal geëngageerde fotografie, onderdeel van de prestigieuze Zilveren Camera-prijzen.
Groot is trots op zijn aandeel in het succes van de foto’s. Hij kijkt graag naar ze: ‘Ik vind mezelf best knap en ik hou ervan om in het middelpunt van de aandacht te staan, ook al doe ik daar niet actief mijn best voor. Ik ben nou eenmaal een beetje een rare vogel, dus dat gebeurt gewoon vaak.’
Aan ‘alternatieve types’ is op ’t Landje geen gebrek, volgens Groot. Sommigen van hen kiezen bewust voor een primitieve levensstijl – geen telefoon, elektra uit een generator en eten uit containers – maar voor het merendeel is hun krakkemikkige caravan toch vooral een laatste toevluchtsoord, aldus Groot:
‘Kijk, je moet iets, ook al heb je niets. Ook mensen zonder geld, werk of verblijfsvergunning gaan op zoek naar een plek om te wonen. Plekken als ’t Landje ontstaan omdat er altijd mensen zullen zijn die niet helemaal in de samenleving passen, maar samen anders zijn schept een band.’
Toch is hij er nog niet zo lang geleden vertrokken. Groot kreeg behoefte aan een plek met wat meer privacy en minder reuring. Het familiegevoel op ’t Landje kent ook zijn nadelen, zegt hij:
‘Er is constant geluid en de anderen lopen ongevraagd je caravan binnen en verplaatsen spullen zonder het te vragen. Dat is voor iemand met OCD best moeilijk.’
Momenteel heeft hij een kamer in een opvanghuis voor dakloze en kwetsbare jongeren, maar daar is hond Ukkie niet welkom, waardoor hij de afgelopen weken vaker bij zijn moeder bivakkeert.
Door een aantal onbetaalde parkeerboetes zit Groot momenteel in de schuldsanering, wat zijn zoektocht naar een eigen woonplek bemoeilijkt.
Nu hij 30 is geworden, is het volgens Groot tijd om een serieuze baan te gaan proberen. Binnenkort gaat hij praten met het UWV, om te onderzoeken of een baan als vrachtwagenchauffeur of automonteur tot de mogelijkheden behoort.
Even later stapt hij in zijn autootje om de verslaggever naar het station te brengen. De auto vult zich met rook van zijn vape terwijl hij behoedzaam de straat uit rijdt: ‘Ja, vrachtwagenchauffeur, dat lijkt me echt wel wat.’
Onzichtbare arbeidsmigranten zichtbaar maken. Dat is de opdracht die fotograaf Stan van der Sluis zichzelf gaf. Aan het eind van de zomer volgde hij een Roemeense familie van fruitplukkers in de Betuwe.
Steeds meer Nederlanders leven als digital nomad: ze zwerven met hun laptop de wereld over op zoek naar zon en lage prijzen. Veel bestemmingen rollen de rode loper uit voor deze kapitaalkrachtige laptopwerkers met visa en belastingvoordelen, maar in Portugal groeit het protest.
Fotograaf Nynke Brandsma raakte op Curaçao gefascineerd door haar twee blije buurmeisjes. De serie die ze van hen maakte, geeft een beeld van het leven van jongeren op het Curaçaose platteland. Maar ze toont vooral ook de bijzondere interactie tussen de tweelingzussen.
Source: Volkskrant