Het kabinet heeft een aantal alternatieven gevonden voor de omstreden btw-verhoging op sport, media en cultuur. Staatssecretaris Tjebbe van Oostenbruggen (Fiscaliteit) legt de bal nu bij de coalitie- en oppositiepartijen. Zij moeten het over één oplossing eens worden.
Het is alweer even geleden, maar de beoogde btw-verhoging van 9 naar 21 procent op sport, media en cultuur maakte vorig jaar veel los. Na veel kritiek vanuit de maatschappij en oppositie besloot het kabinet eind november vooralsnog een streep te halen door het plan.
De maatregel kwam daardoor op losse schroeven te staan, maar de opbrengsten staan formeel nog wel in de boeken. Het lukte het kabinet niet op korte termijn met een alternatief te komen voor het gat van 1,3 miljard euro. Zo veel geld zou de belastingverhoging vanaf 2026 jaarlijks moeten opleveren.
Het kabinet beloofde na druk van oppositiepartijen CDA, D66, SGP en ChristenUnie om dit voorjaar met een plan te komen. Van Oostenbruggen heeft vrijdagmiddag een brief naar de Tweede Kamer gestuurd met een aantal opties.
Het kabinet kan verlaagde btw-tarieven schrappen. Voor sommige producten geldt het tarief van 9 procent, terwijl voor gelijksoortige producten het tarief van 21 procent geldt. Een voorbeeld is bijvoorbeeld konijnenvoer versus caviavoer.
Zo bestaan er heel veel uitzonderingen die afgeschaft kunnen worden. Het maakt het btw-stelsel minder complex, maar het hogere tarief zal wel in het nadeel zijn van specifieke ondernemers en consumenten.
Het kabinet denkt er ook over na een extra tarief in te voeren voor specifieke producten. Het gaat dan om een middentarief dat tussen de 9 en 21 procent moet komen te liggen.
Een andere opties is het verhogen van een van de twee bestaande tarieven. Maar die oplossing ligt niet voor de hand. Als het lage tarief van 9 procent wordt verhoogd, heeft dit gevolgen voor de prijs van de producten die daaronder vallen. In deze tijd van inflatie zit niemand daarop te wachten. Een verhoging van het hoge tarief is vorige week al naar de prullenbak verwezen.
Van Oostenbruggen maakte afgelopen weken een ronde langs de partijen om ideeën op te halen. Een optie zou een algemene verhoging van het hoge btw-tarief van 21 naar 21,4 procent zijn, schreef het AD op basis van bronnen.
Maar de inkt in de krant was amper droog of het uitgelekte plan werd van alle kanten afgeschoten. Ook door de coalitiepartijen zelf. "U kunt er zeker van zijn dat ik niet enthousiast de krant opende", zei VVD-leider Dilan Yesilgöz die dag. PVV-leider Geert Wilders schreef op X: "Niks ervan! Geen btw-verhoging. Gaan we niet doen! De prijzen zijn al veel te hoog. Zoek de dekking voor het gat in de begroting maar in minder ontwikkelingshulp!"
De zoektocht naar een alternatieve dekking van 1,3 miljard euro verloopt dus niet vlekkeloos. Het gat dekken met geld van een ander ministerie, zoals Wilders voorstelt, is vooralsnog ook geen optie. De Kamer heeft het kabinet vorig jaar de opdracht gegeven het alternatief in dezelfde hoek te zoeken.
Als de coalitie- en oppositiepartijen het niet eens worden, bestaat de kans dat de btw-verhoging op sport, cultuur en media alsnog doorgaat.
Source: Nu.nl algemeen