Home

Ministers: voorlopig geen maatregelen geitenhouderij

De ministers Fleur Agema (Volksgezondheid, PVV) en Femke Wiersma (Landbouw, BBB) treffen voorlopig geen maatregelen om omwonenden van geitenhouderijen te beschermen tegen longontsteking. Eerst moet de Gezondheidsraad adviseren.

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën en landbouw.

GroenLinks-PvdA en VVD staan in de Tweede Kamer niet vaak aan dezelfde kant, maar in de landbouwcommissie gebeurt dat steeds vaker. Tijdens het Kamerdebat donderdag over de volksgezondheidsrisico’s van de intensieve veehouderij deelden Laura Bromet (GL-PvdA) en Thom van Campen (VVD) in elk geval dezelfde observatie over minister Femke Wiersma (BBB, Landbouw).

Het was beide Kamerleden opgevallen dat de bewindspersoon vorige maand zeer alert en bezorgd reageerde op het uitbreken van de veeziekte mond- en klauwzeer (MKZ) in Duitsland. Wiersma was zelfs zo bevreesd dat ze MKZ zou meenemen naar Nederland, dat ze een werkbezoek aan de Europese landbouwbeurs in Berlijn afzegde – hoewel veterinaire deskundigen het besmettingsrisico als minimaal inschatten.

Alles over politiek vindt u hier.

‘Het downplayen van het gevaar voor de volksgezondheid van de geitenhouderij door de minister van Landbouw staat in schril contrast met de hysterie waarmee zij reageerde op het uitbreken van MKZ in Duitsland’, constateert Bromet.

Wiersma’s departement werd onmiddellijk in de hoogste staat van paraatheid gebracht toen de economische belangen van Nederlandse veehouders op het spel stonden. Maar nu het RIVM voor de derde keer in acht jaar bewijst dat omwonenden van geitenhouderijen een verhoogd risico op longontsteking lopen, wil Wiersma minstens een half jaar wachten op een advies van de Gezondheidsraad voordat zij (misschien) actie onderneemt.

Contrast

Ook Van Campen is dit opgevallen. ‘De scherpte waarmee de minister opereerde in het MKZ-dossier contrasteert toch wel met haar reactie op dit RIVM-onderzoek.’ Net als GL-PvdA en de Partij voor de Dieren vraagt Van Campen Wiersma om direct een landelijk verbod in te stellen op de uitbreiding en nieuwbouw van geitenhouderijen. Negen provincies hebben al een tijdelijke geitenstop ingevoerd, maar die kunnen ze in principe elk moment weer opheffen.

Wiersma en haar collega Fleur Agema, de PVV-minister van Volksgezondheid, willen daar echter niets van weten: wachten op de Gezondheidsraad is het parool. NSC-Kamerlid Harm Holman merkt op dat hij – afgaand op de Kamerbrief die Wiersma en Agema samen hebben opgesteld – vraagtekens zet bij de objectiviteit van de adviesvraag aan de Gezondheidsraad. ‘De onderzoeksopdracht lijkt er heel erg op gericht om aan te tonen dat dit RIVM-onderzoek niet deugt.’

Luchtvervuiling

Agema en Wiersma vragen de Gezondheidsraad nadrukkelijk om de resultaten van het RIVM-onderzoek (twintig tot honderd extra sterfgevallen per jaar onder mensen die binnen een straal van 2 kilometer van een intensieve geitenhouderij wonen, honderden extra ziekenhuisopnames en duizenden extra ziektegevallen in vergelijking met de rest van de bevolking) van context te voorzien. Luchtvervuiling creëert immers ook longproblemen, en huisdieren dragen ook ziektekiemen met zich mee.

In de context van een algeheel ongezonde leefomgeving vallen de specifieke gezondheidsrisico’s van geitenhouderijen misschien mee, suggereert de Kamerbrief van het ministersduo. Agema, tijdens het debat: ‘In een dichtbevolkt land als het onze hebben we ook te maken met fijnstof. Katten kunnen toxoplasmose op mensen overbrengen en als je op de kinderboerderij een schaap aait, kun je schimmels oplopen.’

Recente mediaberichten dat Wiersma en Agema zouden ruziën over de interpretatie van het RIVM-onderzoek (de actiebereidheid zou bij Agema een stuk hoger zijn dan bij Wiersma), verwijst Agema naar het rijk der fabelen. Tussen beide bewindslieden is alles koek en ei, bezweert ze. ‘Wel hebben wij op dit terrein overduidelijk verschillende invalshoeken. Ik kijk naar de volksgezondheid en collega Wiersma naar de belangen van bedrijven.’

Prioriteiten

Ook BoerBurgerBeweging-partijleider Caroline van der Plas maakt glashelder waar de prioriteiten van de haar partij liggen: bij de ‘B’ van de circa 650 geitenboeren, en niet bij de ‘B’ van de circa 1,7 miljoen plattelandsburgers die vlakbij geitenstallen wonen. Ze zegt dat ze het onderzoeksresultaat niet wil bagatelliseren, om het vervolgens in een rammelend betoog te ridiculiseren.

Ze doet bijvoorbeeld alsof het feit dat de onderzoekers veel minder patiënten met longontsteking konden testen dan vooraf beoogd, bewijst dat het gezondheidsrisico minder groot is dan beweerd. Maar in het rapport staat duidelijk dat dit komt doordat het onderzoek plaatsvond tijdens de coronapandemie, waardoor huisartsen minder ‘gewone’ longpatiënten zagen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next