Home

‘Ik heb pas de laatste jaren het gevoel dat ik ook Moluks ben’

Hoe kijkt de generatie van 2000 terug op de jaren die hen gevormd hebben en wat verwachten ze van de toekomst? Zoë Nunumete: ‘Ik kan gewoon vrij goed genieten.’

Ianthe Sahadat schrijft voor de Volkskrant over cultuur, modern leven en emancipatie.

Hoe ben je opgegroeid?

‘In een warm gezin in Assen. Mijn broertje Noa is drie jaar jonger. We zijn heel close, ook met onze ouders. Nu we ouder worden eigenlijk alleen maar meer. We hebben veel gereisd als gezin. Mijn ouders hebben ons veel bijgebracht over andere culturen en mensen.

‘Het is bij ons thuis altijd open huis, iedereen is welkom, vrienden, familie. Er worden vaak feestjes gegeven. Mijn ouders zijn echt mijn voorbeeld, my biggest flex, op z’n gen Z’s, haha.

‘Ik heb een Nederlandse moeder, zij werkt op de pabo. Mijn vader werkt bij de NAM, hij is Moluks. Mijn opa en oma kwamen in 1951 met de boot naar Nederland. Ze hebben lang in woonoord Schattenberg gezeten, voormalig kamp Westerbork. Mijn vader is het eerste kind van de familie dat hier in de Molukse wijk in Assen is geboren.

25 in ’25

In de serie 25 in ’25 vragen we jongeren geboren in 2000 hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien.

‘Mijn ouders namen ons altijd mee naar voorstellingen en tentoonstellingen over de Molukse cultuur en we zijn drie keer als gezin naar Indonesië geweest, ook om familie te zien. Toch heb ik pas de laatste jaren het gevoel gekregen dat ik ook Moluks ben.’

Hoe komt dat?

‘Ik vond het lastig om me Moluks te voelen. Ik ben niet typisch Moluks opgegroeid: we woonden niet in de Molukse wijk, ik ben niet gelovig. Daardoor heb ik me niet altijd even welkom gevoeld bij Molukkers.

‘Dat veranderde toen ik een minor deed aan de Hogeschool Utrecht en onderzoek deed naar Molukkers in Nederland. Het is een pijnlijke geschiedenis. Daardoor begreep ik veel beter waar die sterke behoefte aan een Molukse identiteit vandaan komt.

‘Dat hele integreren is natuurlijk gewoon ook niet goed gegaan, de eerste generatie Molukkers is schandalig behandeld en dat loopt nog door in de huidige generaties.

‘Ik heb toen veel gesprekken met familieleden gevoerd en durfde me, als derde generatie, meer Moluks te voelen.’

Welke opleiding heb je gedaan?

‘Creative business, in Leeuwarden. Ik wilde de journalistiek in. Mijn droom was hoofdredacteur van Glamour worden. In 2021 zou ik er stage gaan lopen. Alles was geregeld, ik had net gehoord dat ik een appartement in Amsterdam had, toen ze me belden: het tijdschrift stopt ermee. Die droom ging dus niet door.’

Je zegt het vrolijk.

‘Ik vond het natuurlijk jammer, maar ik had geluk want er kwam meteen iets bijzonders op m’n pad. Ik werd gevraagd om met zes jongeren uit Assen en omstreken mee te werken aan de tentoonstelling Menyala in het Drents Museum, over de geschiedenis van Molukkers in Drenthe. Daar hebben we twee jaar aan gewerkt. Dat was geweldig om te doen.

‘Mijn opa en oma leven niet meer, ik hoop dat ze het mooi zouden hebben gevonden. Ik heb zo veel geleerd, nieuwe vrienden gemaakt en bijzondere reacties gekregen.’

Wat voor werk doe je nu?

‘Ik werk vier dagen per week op de marketingafdeling bij een tassenmerk, The Chesterfield Brand. Daar doe ik een beetje wat Emily in Paris doet, zeg ik vaak: campagnes bedenken en uitwerken, sociale media, b2b (business-to-business, red.) marketing, influencermarketing, teksten schrijven en op pad tijdens fotoshoots.

‘Daarnaast werk ik ook nog voor mezelf. Als zzp’er doe ik presentatiewerk en klussen voor literaire en culturele evenementen.’

Was het lastig om werk te vinden?

‘Ik heb altijd geluk gehad. Ook met bijbaantjes. Ik rol op de een of andere manier steeds in iets leuks. Dan stond ik bijvoorbeeld op de markt te werken en dan zei iemand: ik ga een restaurant openen, heb je zin om in de bediening te komen werken?

‘Ik heb altijd veel gewerkt, vaak meerdere baantjes tegelijkertijd. Ik hou van netwerken, klets makkelijk met iedereen en ken veel mensen.’

Wat doe je graag in je vrije tijd?

‘Veel werken. Ik werk één dag voor mezelf, maar dat wordt natuurlijk altijd meer. Een vriendin van mij is juf in groep 6 en ik ga op vrijdagochtend soms mee om te helpen in de klas, superleuk is dat.

‘Voor de rest ben ik veel met vriendinnen en met familie. Samen eten en koken, sporten. Dagjes weg, weekendjes weg in Nederland, dingen ontdekken. Veel musea bezoeken, lekker eten. Ik heb vrienden overal in het land, in Maastricht, Amsterdam, Utrecht, Deventer, Groningen. In het weekend ben ik bijna nooit in Assen. En ik reis graag.’

Ben je een backpacker?

‘Totaal niet, ik ga gewoon met een koffer. Ik hou van comfort. Het hoeft heus niet high-end te zijn, maar ik hou wel van een lekker bed en dat het een beetje schoon en opgeruimd is. Daar werk ik voor hoor.

‘Over twee weken ga ik naar Marokko en eigenlijk wil in oktober nog een keer om rond te reizen, en ik ga nog naar Dubai. Mijn favoriete land is Indonesië, daar ben ik vorig jaar voor het eerst zonder mijn ouders en broertje geweest, met mijn vriendin Manon. We kennen elkaar al sinds ons 8ste of zo, van dansles, ik wilde haar graag laten zien waar ik vandaan kom.’

Wanneer ging je op jezelf gaan wonen?

Op mijn 18de. Dat was m’n bedoeling helemaal niet, maar er kwam een kamer vrij bij vriendinnen in Leeuwarden. We hebben niet zoveel keuze in Assen qua hogescholen, veel mensen gaan naar Leeuwarden.

‘Ik kwam wel elk weekend terug, dan stonden mijn ouders me in de deuropening op te wachten, heel lief. Al mijn vriendinnen gingen terug. Onze focus lag op Assen, doordeweeks lekker op jezelf en in het weekend met vrienden hier. Ik werkte hier ook nog.

Zoë Nunumete wordt 25 op 26 april.

Woonplaats: Assen

Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10?
‘Een kleine 8, denk ik.’

Voel je jezelf onderdeel van een generatie?
‘Ik voel me wel een echte gen Z’er. Ik denk dat mijn generatie vaker op pad is, weekendjes weg, reizen. We leven wat meer met de dag.’

Waar ben je over zeven jaar?
‘Ik ben blij met waar ik nu ben en laat me graag verrassen door wat er op mijn pad komt.’

‘Nu woon ik weer in Assen, in een huurappartement. Het is mooi, maar niet goedkoop. Soms maak ik me daar wel zorgen over. Ik val onder de pechgeneratie. Zal ik ooit een huis kunnen kopen? Tegelijkertijd zie leeftijdsgenoten die het wel doen. Het komt vast goed.

‘Maar ik heb geen vriend bijvoorbeeld, dus dan wordt het alweer lastiger. De vriendinnen die een huis kopen hebben vaak al lang een relatie.’

Ziet je leven er op dit moment uit zoals je had verwacht als tiener?

‘Vroeger had ik met vriendinnen zo’n beeld van: dan hebben we allemaal huizen en baby’s. Maar voor nu wil ik eerst graag carrière maken. Ik hou enorm van mijn werk en ik heb het leuk met mijn vrienden en vriendinnen. Ik zie dat voorlopig niet veranderen.

‘Ik heb ook vriendinnen die wel relaties hebben of die kinderen krijgen, maar het is niet iets waar ik op dit moment mee bezig ben. Ik wil lekker werken en de wereld zien. Ik kijk niet zo vooruit.

‘Sommige vriendinnen hebben al tien jaar een vriend of een vriendin, de rest is net als ik vrijgezel. Ik vind het eigenlijk wel lekker zo. O nee, wat erg!’

Waarom is dat erg?

‘Omdat het misschien een beetje egoïstisch klinkt. Het is allemaal zo voor mezelf.’

Ben je een optimistisch persoon?

‘Jaaaa! Ik hou enorm van het leven, vind het echt heerlijk. Dat is deels mijn aard, maar het is ook wat ik heb meegekregen van mijn ouders: dat je van alles moet genieten.

‘Ik denk dat wij dat als gezin ook altijd goed kunnen. Of we nou een drankje drinken in de tuin bij mijn ouders of op een rooftopbar op vakantie ergens zitten. Dan kunnen we ook hardop zeggen, van: wat fijn hè, dat we hier zitten. Mijn broertje is wel echt zo’n jongen die denkt: doe maar gewoon normaal.

‘Natuurlijk ben ik niet áltijd vrolijk. Ik heb heus wel eens tegenslagen gehad, maar nooit iets echt ellendigs, dat maakt ook veel uit denk ik. Ik zie het leven als een soort ontdekkingstocht. Er zijn zoveel leuke mensen op de wereld, er is zoveel om te leren kennen. Ik kan gewoon vrij goed genieten. Van samen zijn, lekker eten, feestjes. Zelfs als puber was ik eigenlijk altijd al wel positief.’

Zijn er ook dingen waar je je zorgen over maakt?

‘Mijn zorgen gaan vooral over de wereld. Hoe zeg ik dat zonder mensen in een hokje te plaatsen? Alles wat er nu speelt, met steeds rechtsere politici. Maar ook armoede en ongelijkheid in en tussen landen. Alles rondom Gaza. Daar kan ik me zorgen over maken.

‘Met vrienden praat ik vaak over politiek, over wat er speelt in de wereld. En over cultuurverschillen; ik heb een heel diverse vriendengroep. We kunnen best harde discussies hebben. Ik denk dat iedereen zich enigszins omringt met mensen die ongeveer hetzelfde in het leven staan. Maar ik heb ook vrienden die me een ander perspectief op dingen geven. Dat vind ik juist mooi.

‘Ik volg veel nieuws, ik luister elke dag podcasts, van NRC en NPO, en ik lees veel. Ik las vaak NRC en de Volkskrant, maar nu veel achter een betaalmuur zit, lees ik minder. Het klinkt misschien gek, maar ik kijk ook af en toe naar het Jeugdjournaal, ik vind dat echt knap gemaakt.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next