Home

Europa moet van minister Veldkamp de regie nemen, wat hij uitspreekt als ‘reezjíé’

Er gebeurt te veel, maar er gebeurt niets. Dat is het thema, deze dinsdagmiddag in de Tweede Kamer. De perstribune zit vol, misschien omdat twee partijleiders vanmiddag vragen stellen: Geert Wilders (PVV) over de afschuwelijke moord op een 11-jarig meisje in Nieuwegein afgelopen weekeinde en Frans Timmermans (GroenLinks-PvdA) over de vergaande nieuwe handelsplannen van Trump.

Heel verschillende onderwerpen en heel verschillende politici, maar ergens komt de vraag, of eigenlijk de aanklacht, neer op hetzelfde: er gebeurt heel veel – in een straat, in de wereld – en er gebeurt niets in de politiek om er wat aan te veranderen. Of in elk geval te weinig.

Aaf Brandt Corstius doet eens per week op geheel eigen wijze verslag van een debat in politiek Den Haag.

Geert Wilders stelt niet zo vaak een vraag. Iedereen zit klaar om een tirade aan te horen en er komt inderdaad een tirade. Zijn eerste vraag gaat erover waarom er een levensgevaarlijke man, een Marokkaanse man, benadrukt hij, in een wijk vol kinderen een woning heeft gekregen. ‘Wat is dit voor een ziek land geworden?’, eindigt hij zijn vraag.

Wat opvalt is dat Wilders, als hij zijn vragen vervolgt, nadat minister David van Weel (Justitie en Veiligheid, VVD) antwoord heeft gegeven, voorleest van een papiertje. Dus zijn reacties op wat de minister te zeggen heeft – dat er nog een onderzoek komt naar de verwarde man die een moord heeft gepleegd, dat hij morgen met de politie om tafel gaat – leest Wilders voor, ook de woedende uitroepen. Hij roept ‘Wat een flutantwoord!’ en ‘Bevrijd ons land van deze ellendelingen’. Maar al deze reacties staan, naar het lijkt, al op zijn blaadje. Dat heeft iets wonderlijks.

En ergens raakt in dit alles het gevoel over het 11-jarige meisje dat is vermoord een beetje zoek. Het is goed om op te roepen tot onderzoek, maatregelen, alles om te zorgen dat zoiets hopelijk nooit meer gebeurt. Maar de gespierde taal en het harde praten voelt een beetje ongepast in deze verdrietige context.

Wie dat aanvoelt, is Frans Timmermans, die de tweede vraag van het vragenuur stelt. Hij kijkt er ongemakkelijk bij. ‘Even een overgang naar een heel ander onderwerp’, zegt hij erbij. En inderdaad, het nieuwe handelsbeleid met importheffingen dat Trump heeft aangekondigd is iets totaal anders. Toch is de strekking hetzelfde: als dit allemaal gebeurt in de wereld, waarom handelt Nederland dan zo sloom? Dat is het verwijt dat Timmermans minister Caspar Veldkamp (Buitenlandse Zaken, NSC) maakt: ‘Trump doet precies wat hij voor de verkiezingen heeft aangekondigd. Hij dreigde met handelsmaatregelen’ maar: ‘Er is nog steeds geen plan.’

Dat plan komt er ook niet in de loop van het vragenuur, behalve dat minister Veldkamp almaar benadrukt dat ‘Nederland niet de eerste stappen zal zetten’. Europa moet van hem de regie nemen, wat hij uitspreekt als ‘reezjíé’. Europese uitspraak, denk ik.

Het is boeiend om te zien met wat voor woorden er over het abstracte maar toch ook weer extreem concrete probleem van een mogelijke wereldwijde handelsoorlog wordt gepraat. Timmermans gebruikt het liefst het woord ‘stuurloos’ als verwijt tegen het kabinet. De minister zegt na een tijdje: ‘Ik werp de notie dat we stuurloos zijn verre van me.’ Want: ‘We denken wel degelijk na’ over Trump, die hij een ‘disruptieve president’ noemt.

Mirjam Bikker (CU) komt ook met termen uit de scheepvaart. Ze heeft het over de ‘boeggolven’ waar we door Trumps ‘koers’ in terechtkomen en daarna heeft ze een tip voor de minister. Hij moet ‘clever en streetwise’ handelen. Even later komt ze weer met dat woord. ‘Wees nou clever’, raadt ze hem aan. ‘Niet alleen maar onderhandelen, praten, praten.’

En zo blijven de politici aan het eind van het vragenuur achter in de boeggolven. Veel gepraat, geen plan.

Bij de PVV blijkt tijdens de pauze een grote behoefte aan pepermuntjes te zijn. Wilders vraagt er een aan zijn partijgenoot Rachel van Meetelen, die ze meteen tevoorschijn haalt uit het beige telefoontasje dat ze altijd aan haar schouder heeft hangen. Léon de Jong, in het bankje erachter, rukt het laatje van zijn bureau open en haalt een verfrissend mintje uit een doosje dat reeds openstaat. Clever.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next