Wie de afgelopen - pak 'm beet - vijf jaar de Formule 1 is gaan volgen, zou niet denken dat Robert Kubica ooit een zeer groot talent was en zelfs een naam die in verband wordt gebracht meteen overstap naar Ferrari. Sterker nog, Autosport meldde destijds dat de Italianen dusdanig gecharmeerd waren van de rijder, dat hij heel dicht bij een overstap was. Felipe Massa imponeerde namelijk niet en de teamleiding van de Scuderia gaf hem een ultimatum om beter te presteren. Massa kreeg uiteindelijk nog een kans voor 2011, waardoor Kubica even zonder zitje zat. Hij tekende daarom voor een nieuw seizoen bij Renault.
In 2011 was de Pool goed begonnen aan zijn jaar, zeker tijdens de winterstests maakte de rijder veel indruk met snelle tijden met de Lotus-Renault. Dat Kubica zo snel was, was best opvallend. De Franse renstal had - zo bleek later - niet echt diepe zakken met geld en de formatie uit Enstone behoorde op voorhand niet tot de beste teams. Toch was de R31 tijdens de pre-season tests op het Circuit Ricardo Tormo razendsnel, zeker in handen van Kubica. Op de donderdag noteerde hij een 1.13.144, wat sneller was dan welke andere coureur die week dan ook. De toen nog 27-jarige rijder probeerde de verwachtingen nog wel wat te temperen, maar tussen de regels door was hij best optimistisch. "Het is onmogelijk om het gevoel van deze auto te vergelijken met die van vorig jaar. Dat kunnen we pas doen als iedereen in dezelfde omstandigheden rijdt", aldus de coureur.
Of Kubica na de testdagen in Valencia inderdaad zo goed zou worden, zullen we nooit weten. Drie dagen na de testdagen ging het goed mis voor de coureur. De enkelvoudig Grand Prix-winnaar nam deel aan de Ronde di Andorra, een rally. Een mooie hobby voor hem, maar het verliep desastreus. Bij een crash met zijn Skoda Fabia schoot hij vol de vangrail in. Zijn arm brak op meerdere plekken, zijn schouder was gebroken en ook zijn been was er slecht aan toe. Het herstel duurde erg lang en het niveau van voor zijn crash werd nooit meer aangetikt. In 2019 reed Kubica nog een volledig seizoen met een tiende plek in Duitsland als zijn enige puntenfinish.
En Renault in 2011 dan? Het werd geen kampioensjaar en er werd geen race gewonnen. De renstal kwam zelfs niet verder dan een vijfde plek bij de constructeurs, achter Red Bull Racing, McLaren, Ferrari en Mercedes. Vitaly Petrov, Nick Heidfeld en Bruno Senna moesten het doen voor het team en kwamen net wat tekort om echt de stap te maken naar de top.
Source: Motorsport