Home

Ik liep een massagesalon binnen, maar had wat kleine lettertjes gemist

Ik had net ingecheckt in mijn hotel in Londen en had nog vier uur voordat mijn lezing begon. Eigenlijk wilde ik wat eten, maar voor de lunchzaak die me was aangeraden stond een enorme rij, en in het pand naast de lunchzaak zat een „natural therapy room – best of east and west – very healing!!!” Boven de deur knipperden vier rode letters: ‘open’.

Zodra ik binnenstapte, begon een stevige Chinese dame achter de balie ongecontroleerd te giebelen: „Your hair! Is it real?”

„No, it is a wig”, had ik moeten zeggen, maar dat besefte ik natuurlijk pas drie uur later, dus bromde ik alleen maar: „Of course.”

Ze wees naar een prijzenlijst: „Sports or relaxation?” Ik wees naar mijn door-twintig-jaar-achter-de-computer-en-absolutely-no-exercise-kromgetrokken schoudertjes en antwoordde: „Sports.”

De eerste hint dat ik misschien wat kleine lettertjes had gemist was de outfit van de masseuse door wie ik aan het einde van een donker gangetje werd opgewacht: een soort stoeipoesversie van een huishouduniform. De tweede hint was toen ik op mijn buik op de massagetafel lag en die masseuse aan mijn onderbroek trok: „On or off?”

„On, on”, zei ik zo luchtig mogelijk en omdat ik bang was dat ik haar beledigde, zei ik: „I am very… protestant.”

Haar naam was May, vertelde ze. Ze kwam uit China. Dit was haar eerste dag in deze massagesalon, ik haar allereerste klant. We lachten verlegen. Toen drukte ze haar ellebogen in mijn nekspieren en ik vroeg me af wat ze nu over mij dacht. Was ze opgelucht dat ik geen Harvey Weinstein was of vond ze me een watje? Ze trok aan mijn armen, ze kneep, klopte, smeerde mijn benen in met olie, liet mijn lichaam smelten en op een vreemde manier was het alsof het veranderde in het lichaam van mijn lief. Alsof mijn benen zijn benen waren, alsof niet ik maar hij op deze massagetafel lag. Is dat wat het betekent om van iemand te houden, dat zoiets mogelijk wordt? Tot ik duizelig werd, boven mijn lichaam uitsteeg en het zag zoals een buitenaards wezen het zou zien: niet als iets begeerlijks, maar als een vreemde machine aangestuurd door een vleeshomp van overactieve, zich van alles inbeeldende hersenen.

Terwijl ik me voorstelde hoe May achter mijn rug nu veranderde in het afgrijselijke monster uit The Substance duwde ze mijn benen uit elkaar, kwam bovenop mijn billen zitten en vroeg: „You want extra?”

Ik bedankte haar vriendelijk en zei dat het goed was zo.

Het was donker toen ik weer naar buiten stapte. Drie Nederlandssprekende vrouwen die lezers van deze krant konden zijn liepen juist mijn richting uit. Ik rechtte mijn rug in een poging te voldoen aan de foto die naast deze column staat, en terwijl ik dat deed besefte ik hoe onzinnig dat was, want, zoals de schrijver Zora Neale Hurston dat verwoordde: „Ik ben slechts een fragment van de Grote Ziel die binnen de begrenzingen vloeit.” Geen van de Nederlandse dames merkte me op en in hun plaats verscheen een vos. „Hallo”, zei ik. Hij spitste zijn oren, rende toen de straat over en verdween om de hoek. Niemand leek ervan op te kijken. Misschien omdat vossen in Londen niets bijzonders zijn. Of misschien was ik de enige die hem zag.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief‘Boeken’

Ontvang iedere week het laatste boekennieuws, recensies en de interessantste interviews in je inbox

Source: NRC

Previous

Next