De VN-vredesmissie Monusco slaat alarm over de situatie in de Congolese stad Goma. Sinds die deze week werd ingenomen door rebellengroep M23, met daarachter Rwanda, groeit de vrees voor een regionale oorlog.
Joost Bastmeijer en Saskia Houttuin zijn Afrika-correspondenten voor de Volkskrant. Ze wonen in Dakar, Senegal.
Dat Vivian van de Perre midden in een oorlogssituatie zit, wordt direct duidelijk zodra ze per videoverbinding op het beeldscherm verschijnt.
Op haar VN-pet rust een grote blauwe helm, over een witte trui draagt ze een zwaar kogelvrij vest. ‘We vinden overal kogels in onze kantoren’, zegt de Nederlandse Van de Perre.
Sinds vorig jaar maart leidt zij vanuit de Oost-Congolese stad Goma als plaatsvervangend hoofd de meer dan tienduizend blauwhelmen tellende missie Monusco, die moet toezien op de vrede in de regio. Zij hebben het gebied niet kunnen beschermen tegen de opmars van rebellengroep M23, wat eerder tot onvrede en dodelijke protesten leidde onder de bevolking.
Van de Perre verontschuldigt zich voor eventueel geluidsoverlast. ‘Mijn kantoor zit aan het Kivumeer, waardoor regelmatig lichamen aanspoelen die in de hekken blijven hangen. Mijn collega’s halen ze weg, maar dat is wat rumoerig.’
Volgens Van de Perre is het, op wat kleine gevechten na, relatief rustig in Goma. ‘We zijn bang dat de strijd zo weer kan losbarsten’, zegt ze. ‘We ontvangen berichten dat mensen zich in bepaalde plaatsen aan het verzamelen en organiseren zijn.’
De Congolese president Félix Tshisekedi zegt te werken aan ‘een krachtige reactie’.
‘Dat willen wij niet. De strijdende partijen moeten terug naar de onderhandelingstafel. Dat kan alleen maar als de leden van de VN-Veiligheidsraad en andere belangrijke landen genoeg druk uitoefenen op Rwanda en Congo.
‘Buurlanden hebben ook kant in dit conflict gekozen, waardoor we bang zijn dat het een regionaal probleem kan worden. We herinneren ons allemaal de eerste (in 1996-1997, red.) en tweede Congo-oorlog (in 1998-2003, die miljoenen burgers het leven heeft gekost, red.). We zijn bang dat als we niet teruggaan naar de onderhandelingen, we wel eens zouden kunnen afstevenen op de derde Congo-oorlog.
‘Rwanda heeft bij de inname van Goma een grote rol gespeeld. Zij steunen de M23 en ook zijn er Rwandese troepen hier. Dat een staat een andere lidstaat binnenvalt kunnen we als VN natuurlijk niet tolereren.’
Wat merken jullie van de Rwandese aanwezigheid?
‘Dat is bewezen. Ik verwijs naar het rapport van de VN-Veiligheidsraad, waarin staat dat er zich drie- tot vierduizend Rwandese troepen bevinden in Oost-Congo. Ik denk dat het er nu al meer zijn. Onze patrouilles, die wel naar buiten kunnen – zij zien dat. En veel van hun zwaar materiaal komt ook uit Rwanda.
‘M23 is echt veel geavanceerder dan het leger van Congo. Als ze direct de confrontatie aangaan, kunnen ze ook redelijk makkelijk winnen. Ze hebben veel beter materieel en zijn veel beter getraind.’
In uw briefing bij een spoedzitting van de VN-Veiligheidsraad, afgelopen dinsdag, beschrijft u de nijpende humanitaire situatie in de stad
‘Er zijn meer dan 700 duizend mensen naar Goma gevlucht. Er liggen ook nog zo’n duizend doden op straat. Het is chaos. Er is geen water, er is geen elektriciteit, er zijn geen medische voorzieningen. Er is geen internet, geen wifi.
‘Er is ook veel criminaliteit. Er was een gevangenisuitbraak, waarbij vierduizend gevangenen zijn ontsnapt. Er zaten ook een paar honderd vrouwen in die gevangenis. Die zijn allemaal verkracht, waarna de vrouwenvleugel in brand is gestoken. Dus die vrouwen zijn allemaal omgekomen.
‘In ons hoofdkwartier en de militaire bases in en rondom Goma verblijven nog tweeduizend mensen. Dat zijn overheidsfunctionarissen, burgers, politieagenten en de Congolese militairen en politie, die naar onze bases kwamen voor bescherming: dan zie je weer hoe belangrijk peacekeeping is. Op het allerlaatste moment, als hun leven in gevaar is, vertrouwen ze toch weer op de VN.’
Hebben jullie genoeg ruimte voor al die mensen?
‘Het is erg druk. Mensen slapen overal tussen de gebouwen. We hebben niet genoeg voedsel en medische voorzieningen. Er zijn gewonden en kinderen. We hebben niet genoeg toiletten, dus moeten mensen maar zorgen dat ze ergens een plekje vinden. Na drie dagen hebben veel mensen diarree. We zijn dus erg bezorgd.
‘Er is behoefte aan hulpgoederen. We hebben van alles nodig, want alle pakhuizen van hulpverleners zijn geplunderd. De luchthaven is belangrijk voor de toevoer van hulpgoederen, dus die moet heropend worden. Er liggen door de hevige gevechten nog veel niet-ontplofte explosieven op de landingsbaan.’
Wordt er met Rwanda gepraat over mogelijke aanvoerroutes voor humanitaire hulp?
‘De leden van de VN-Veiligheidsraad zijn met die onderhandelingen bezig.’
Onderhandelt u ook met M23?
‘Ja, ik praat de hele tijd met hen. Dat wil niet zeggen dat ik M23 steun. Zij zijn de facto de autoriteit. Als je als VN iets wil doen, dan moet je coördineren met degenen die in het gebied de baas zijn, wie dat dan ook zijn.’
Hoe staat M23 tegenover de Verenigde Naties?
‘Ze klagen dat wij het Congolese leger zouden beschermen in onze bases en de Congolese overheid zouden steunen. Ik geef ze dan altijd een kopie van ons mandaat en zeg: ‘Ga maar met de VN-Veiligheidsraad praten.’ Dat snappen ze ook wel.
‘Dit gebied wordt al decennialang geteisterd door conflict. De bevolking lijdt al zo lang. Als ik praat met ontheemden, dan vraag ik aan de vrouwen wat zij het liefst willen. Ik dacht dat ze ‘eten’ of ‘water’ zouden antwoorden. Maar ze zeggen altijd: ‘We willen vrede’.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant