Van wapens die satellieten kunnen slopen tot kosmische kernexplosies: aardse geopolitieke grootmachten bereiden zich voor op oorlog in de ruimte. ‘Het is boven onze hoofden de afgelopen jaren steeds agressiever geworden.’
Door George van Hal
Illustraties Tijmen Snelderwaard
Graphics Willum Morsch
Toen de Verenigde Staten in 2019 de Space Force oprichtte als zelfstandig onderdeel binnen defensie, werd daar door de buitenwacht nog wat lacherig over gedaan. Onwillekeurig gleden de gedachten naar Star Wars-achtige ruimtegevechten en megalomane superschurken uit James Bond-films die de aarde beschieten met ruimtelasers.
Op Netflix begon in 2020 zelfs een satirische televisieserie over de fictieve verrichtingen van de Space Force. De werkelijkheid was – ook toen al – anders. De ruimte is namelijk al decennialang een onlosmakelijk onderdeel van de moderne oorlog.
‘Dat zag je voor het eerst goed tijdens Operatie Desert Storm in de Eerste Golfoorlog, toen bevelhebbers dankzij satellieten vanuit hun bunkers in de VS een oorlog op afstand konden voeren’, zegt onafhankelijk ruimtevaartingenieur Erik Laan, onder meer actief als docent space engineering aan de Hogeschool InHolland in Delft.
Donald Trump spreekt tijdens de ondertekeningsceremonie van de National Defense Authorization Act in een hangar op Joint Base Andrews in Maryland, 20 december 2019.
ANP/EPA
Inmiddels kan een moderne oorlog niet meer zonder de ruimte. In Oekraïne loopt de communicatie van de strijdkrachten bijvoorbeeld via satellieten, zijn beelden vanuit de ruimte de belangrijkste bron van strategische informatie over het front, en heeft het verzinnen van een goede manier om de gps-satellietgegevens voor kamikazedrones te verstoren, of die verstoring juist te ontwijken, meer impact dan de ontwikkeling van nieuwe tanks of mitrailleurs.
Best logisch dus dat grootmachten als China, Rusland en de VS de ruimte niet meer zien als militaire bijzaak. Sterker nog: het bovenaardse, en de satellieten die daarin vertoeven, wordt steeds nadrukkelijker gezien als strijdtoneel.
‘Vroeger was er nog een soort gentleman’s agreement om elkaar met rust te laten, maar het is de afgelopen jaren in de ruimte steeds agressiever geworden’, zegt Marco Langbroek, expert op dit terrein aan de TU Delft. ‘Boven ons hoofd is de oorlog met Rusland al lang gaande. En Rusland is niet de enige. China spookt ook van alles uit, en de Amerikanen zijn net zo goed bezig.’
Marco Langbroek
Foto: privéarchief
Patrick Bolder
Foto: Ministerie van Defensie
Dat ziet ook Patrick Bolder, strategisch adviseur bij het The Hague Centre for Strategic Studies, expert op het gebied van de militarisering van de ruimte. ‘Het is niet meer vriendelijk in de ruimte. Er vinden steeds meer offensieve operaties plaats. Dat is niet vreemd, want de ruimte is letterlijk de high ground, het hoogste punt. Dat is binnen de militaire context van groot strategisch belang.’
De ruimte rond de aarde vult zich in hoog tempo met satellieten. Zo’n negentig landen hebben een eigen satelliet rond de aarde draaien. De laatste vijf jaar zijn er meer satellieten gelanceerd dan in de zestig jaar daarvoor.
Bij elkaar draaien rond de aarde nu zo’n tienduizend satellieten, waarvan bijna zevenduizend deel uitmaken van Starlink, de zwerm internetsatellieten van ruimtevaartbedrijf SpaceX van Elon Musk. Die zijn allemaal pas gelanceerd vanaf 2019.
Schakel al die satellieten uit en al snel komt de moderne samenleving hortend en stotend tot stilstand. Zo stokt het betalingsverkeer, dat gebruikmaakt van tijdcodes geleverd door satellieten. Vliegtuigen, die via satellietcommunicatie met de verkeerstorens praten en afhankelijk zijn van door satellieten verzamelde weerberichten, worden aan de grond gehouden.
Op termijn valt ook het internet uit, mobiele telefoons weigeren dienst, televisiezenders zijn niet langer te ontvangen. De scheepsvaart komt zonder gps tot stilstand, waardoor goederenstromen stokken en voedsel- en medicijntekorten dreigen.
Militaire inlichtingendiensten houden het kosmisch wapengekletter scherp in de gaten, maar ook geïnteresseerde burgers kunnen het aardig volgen. ‘Voor satellieten die niet van de Verenigde Staten afkomstig zijn, gaat dat het gemakkelijkst’, zegt Langbroek. Alle baanbewegingen worden daarvan door de VS bijgehouden in openbare logboeken. Zelf houden Langbroek en collega’s daarnaast ook de objecten van de VS in de gaten, zodat ze een totaaloverzicht hebben.
Hoeveel satellieten militaire doeleinden hebben, is lastig te zeggen. ‘Enkele honderden sowieso’, zegt Langbroek. De meeste daarvan zijn communicatiesatellieten of aardobservatiesatellieten, maar in elk geval een deel heeft offensieve capaciteiten. ‘Hoeveel precies durf ik niet te zeggen. Een handvol.’
Waarnemers zoals Langbroek zagen in 2020 dat een Russische satelliet met codenaam Kosmos-2543 ‘iets’ had afgevuurd, een vermoedelijke test van het soort wapen waarmee je een andere satelliet aan gruzelementen kunt schieten.
‘Geen slimme handeling, trouwens’, zegt Langbroek. Wie een satelliet kapotschiet, creëert daarmee namelijk een wolk van brokstukken die met een grove 30 duizend kilometer per uur rond de aarde blijven cirkelen.
Dat is gevaarlijk voor alles van satellieten tot het internationale ruimtestation ISS en draagt bij aan het toch al groeiende probleem van ruimteafval dat volgens experts in de komende decennia de menselijke toegang tot de ruimte nadrukkelijk in gevaar kan brengen.
Kosmos-2543 was, voordat hij naar een hogere baan manoeuvreerde en daar zijn projectiel afvuurde, eerder losgelaten door ‘moederschip’ Kosmos-2542, een satelliet waarvan het Langbroek en collega’s al snel opviel dat deze in het baanvlak van de Amerikaanse KeyHole-satellieten vloog, de militaire tegenhangers van ruimtetelescoop Hubble.
Waar Hubble wordt gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek, en het maken van betoverende ruimtefoto’s vol zwierige nevels en statige sterrenstelsels, zijn de KeyHole-satellieten juist gericht op de aarde. ‘Ze vormen Amerika’s primaire bron van visuele informatie over wat zich op het aardoppervlak afspeelt’, zegt Langbroek.
Hoewel Kosmos-2543 zijn projectiel niet op een satelliet richtte, hebben geopolitieke grootmachten zich in het verleden niet vies getoond van een beetje kosmische destructie. In 2021 voerde Rusland een wapentest uit waarbij het een van zijn eigen satellieten kapotschoot. Het gevolg: duizenden nieuwe brokstukken en een noodmanoeuvre van het ISS om een botsing met de puinzwerm te voorkomen.
Rusland was niet de eerste. In 2019 schoot India een eigen satelliet aan gruzelementen en langer geleden maakten ook de Verenigde Staten en China zich aan iets soortgelijks schuldig. ‘De offensieve mogelijkheden in de ruimte zijn groter dan alleen opties om satellieten kapot te schieten’, zegt Bolder. Met hulp van Bolder zetten we de aanvalsopties van militaire satellieten op een rij.
Een militaire satelliet veroorzaakt een elektro- magnetische puls. Daarmee maakt hij de elektronica van omringende satelietten onklaar. In het ergste geval kunnen deze stuurloos raken en botsen met satellieten in hun omgeving.
Een militaire satelliet verhult in zijn binnenste een tweede satelliet die snel naar de baan van een vijandige satelliet manouvreert en deze vernietigt met een projectiel.
Een militaire satelliet schiet met een laserstraal op een andere satelliet zodat deze ‘verblind’ raakt en bijvoorbeeld niet langer het aardoppervlak in de gaten kan houden. Een andere optie is dat zo'n satelliet dienst doet als ‘stoorzender’, door een zodanig krachtig signaal uit te zenden dat deze de signalen van vijandige satellieten overstemt.
En dat is nog niet alles. ‘Je kunt de zonnecellen eraf knippen of ze bedekken met verf, je kunt ze uit hun baan duwen of trekken’, vertelt Bolder. ‘Al die technologie bestaat al’. Bovendien kun je ook altijd nog een botsing in scène zetten. ‘Als je een satelliet onbestuurbaar verklaart, kun je achteraf altijd volhouden dat het een ongeluk was.’
En alsof de dreiging van plotselinge aanvallen op belangrijke satellieten nog niet voldoende is, doemde vorig jaar aan de kosmische horizon ook nog een nieuwe angst op: die van een nucleaire explosie in de ruimte. Amerikaanse inlichtingendiensten keken met argusogen naar de Russische Kosmos-2553, waarover het sterke vermoeden bestaat dat het een prototype is voor een nieuw soort nucleaire satelliet.
Kosmos 2553 werd in februari 2022 gelanceerd vanuit Rusland. Vermoedelijk gaat het om een satelliet met nucleaire krachtbron, maar in het meest pessimistische scenario zou dit type satelliet een kernbom kunnen bevatten.
Een kernexplosie zou alle satellieten in de buurt van Kosmos 2553 vernietigen. De brokstukken die dat oplevert, veroorzaken botsingen. Een groot deel van de satellieten in een lage aardbaan zal sneuvelen.
Bij zo'n explosie komen grote hoeveelheden geladen deeltjes vrij. Die deeltjes kunnen de elektronica van de resterende satelietten onklaar maken.
De drukke, lage aardbaan wordt ernstig ontwricht doordat de geladen deeltjes worden gevangen door het aardmagneetveld. Dit kan weken of zelfs jaren duren.
‘Deze Russische satelliet zit in een heel ongewone baan, aan de bovengrens van het gebied waar de andere satellieten met een lage aardbaan hun rondjes om de aarde draaien’, zegt Langbroek. De Russen zelf beweren dat ze daar onderzoek doen naar de invloed van straling op satellieten – zijn baan plaatst Kosmos-2553 in de zogeheten Van Allen-band, een gebied waar de hoeveelheid straling hoger dan gebruikelijk is – maar dat wil er bij Langbroek niet in.
‘De hoogte is daarvoor helemaal niet logisch’, zegt hij. Het is wél een handige locatie voor wie minder vredelievende plannen heeft. Zo zou Kosmos-2553 met behulp van een nucleaire krachtbron bijvoorbeeld de laser kunnen aansturen die vijandige satellieten kan verblinden. Of de eerder genoemde elektromagnetische puls kunnen opwekken die de elektronica van satellieten in de buurt verstoort, zodat ze onbruikbaar worden. ‘De meest gangbare interpretatie is dat het een Electronic Warfare-platform is, een soort stoorzender’, zegt Langbroek.
Helemaal nieuw is het gebruik van kernwapens in de ruimte niet. In de vorige eeuw, voor de ondertekening van internationale verdragen die zoiets verboden, voerden Rusland en de VS testen uit in de ruimte. Bij de grootste daarvan, operatie Starfish Prime in 1962, liet Amerika een kernbom ontploffen op zo’n vierhonderd kilometer hoogte, het gebied waar tegenwoordig het ISS zijn baantjes rond de aarde trekt.
Bij de operatie Starfish Prime liet Amerika in 1962 een kernbom ontploffen op zo’n vierhonderd kilometer hoogte, het gebied waar tegenwoordig het ISS zijn baantjes rond de aarde trekt.
Imageselect
Het gevolg? Een krachtige elektromagnetische puls, sterker dan verwacht, die zelfs op aarde schade veroorzaakte. In Hawaii vielen prompt driehonderd straatlantaarns uit, begonnen inbraakalarmen te loeien en werd telefoonverkeer tussen een aantal eilanden tijdelijk onmogelijk. In de ruimte ging grofweg een derde van de destijds ruim twintig satellieten op zwart.
De schade in het huidige satelliettijdperk zou aanzienlijk ingrijpender zijn. Een moderne kosmische kernexplosie zou volgens Langbroek voor de Russen dan ook alleen een laatste redmiddel moeten zijn.
Nucleaire stofwolk boven Waikiki, 1962.
Bettmann Archive/Getty
‘Je maakt je eigen satellieten daarmee ook kapot, dus slim is het niet’, oordeelt Langbroek. Toch verschaft zo’n wapen de bezitter wel macht. ‘Je denkt toch twee keer na om tegen zo’n land in te gaan.’
De Verenigde Staten zijn in de ruimte momenteel veel sterker dan Rusland, zodat men ter Russische zijde weleens zou kunnen besluiten dat het eindresultaat – niemand nog satellieten – het offer waard is. ‘Maar: dit soort wapens in een baan rond de aarde brengen is absoluut verboden. Ook Rusland en China hebben in 1967 de Outer Space Treaty ondertekend die dat verbiedt. Toch durf ik er niet mijn hand voor in het vuur te steken dat ze zich aan de afspraken houden.’
Op 27 januari 1967 tekenen de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en de voormalige Sovjet-Unie het Ruimteverdrag dat de basis vormt voor het internationale ruimterecht.
UN Photo
Gelukkig is niet alle agressie in de ruimte meteen zo destructief, benadrukt Langbroek. Samen met zijn collega-waarnemers houdt hij sinds de lancering in 2023 bijvoorbeeld de Russische Luch-5X-satelliet in de gaten. Die satelliet manoeuvreert zich steeds vlak bij westerse communicatiesatellieten. ‘We hebben hem nu zo’n zes van die dichte naderingen zien uitvoeren’, zegt Langbroek. ‘Bij zijn voorganger hebben we dat zelfs ruim twintigmaal gezien.’
Het is lastig te bepalen wat de satelliet daar uitspookt. ‘Het valt op dat de satellieten waarbij hij in de buurt gaat staan gebruikt worden voor communicatie door westerse overheden. Maar wat doet hij daar dan? Is de satelliet die data aan het onderscheppen? Onderzoekt hij hoe onze communicatienetwerken technisch in elkaar zitten? Dat is nog volkomen onduidelijk.’
Rusland is niet de enige die zulke dingen doet, zegt Langbroek. ‘In 2009 volgden we met ons groepje bijvoorbeeld de Amerikaanse PAN-satelliet.’ Ze zagen dat die steeds vlak bij commerciële communicatiesatellieten opdook die Pakistan, Afghanistan en Jemen bedienden.
Het was precies de periode dat de Amerikanen droneaanvallen in die landen uitvoerden. ‘We dachten daarom meteen al dat die satelliet de geolocatie van doelwitten aan het bepalen was. Wanneer bijvoorbeeld een Al Qaida-commandant een satelliettelefoon gebruikt, kunnen de VS door het onderscheppen van die gegevens zien waar ze met hun drones moeten toeslaan’, zegt hij.
‘We wilden daar destijds niet over publiceren. De VS zijn onze bondgenoot. Maar in 2016 werden onze vermoedens bevestigd, nadat Edward Snowden daarover documenten had gelekt.’
En dan zijn er nog de digitale aanvallen, zegt Langbroek. Het bekendste voorbeeld daarvan is de hack van BabyTV vorig jaar. In plaats van de onschuldige kindervideo’s waar ouders op rekenden, was op die Europese zender plots Russische propaganda te zien: muziekvideo’s afgewisseld met oorlogsbeelden.
Hoe Rusland dat precies deed, is onduidelijk. ‘Zoiets kan door een grondstation te hacken, of door een krachtiger signaal uit te zenden waarmee je het oorspronkelijke signaal wegdrukt. Er zijn sterke aanwijzingen dat dit gebeurde vanaf een Russisch grondstation, gericht op het storen van Oekraïense tv-zenders, met andere zenders die dezelfde satellieten gebruiken als collateral damage’, zegt Langbroek. ‘Toch denk ik dat de Russen daar ook bewust op mikten, omdat de chaos die dat zaait ze van pas komt.’
In de Verenigde Staten kijkt men ondertussen vooral met bezorgdheid naar China. Het Chinese civiele ruimtevaartprogramma boekte de afgelopen jaren immers het ene succes na het andere, van complexe maan- en marslandingen tot het optuigen van een tegenhanger van het internationale ruimtestation ISS. Er is in de ruimte nog maar weinig dat de VS kunnen dat China niet ook kan – of beter kan.
Dat geldt ook op militair vlak, waar China onder meer met de ontwikkeling van hypersonische raketten voor kernwapens een doorbraak boekte waarvan kenners in de Verenigde Staten behoorlijk nerveus werden. Mede daarom riep de Amerikaanse luchtmacht deze maand in een rapport nog op tot het verstevigen van de Space Force om (vooral) China voor te kunnen blijven.
‘De ruimte zal bekend komen te staan als het belangrijkste domein voor alle militaire operaties’, schreef men onder meer. ‘De toekomst van oorlog is zeer geautomatiseerd. Alles hangt daarbij af van ons succes in de ruimte.’
Ook Europa begint daarom steeds meer in te zetten op de ruimte. Zo kondigde Nederland eind vorig jaar aan samen met het bedrijf Isisspace aan de bouw en operatie van nieuwe defensiesatellieten te werken, opvolgers van de al bestaande Nederlandse defensiesatelliet Brik-II. De eerste lancering, van informatiesatelliet PAMI-1, staat op de rol voor begin 2027.
Ministerie van Defensie
Europese landen doen daarbij overigens weinig aan de ontwikkeling van offensieve satellieten. ‘Sowieso geldt: Europa wil zich keurig aan alle internationale regels houden’, zegt Langbroek.
Dan nog is het belangrijk dat Europa op militair vlak sterker wordt in de ruimte, vindt Bolder. ‘Nu Trump opnieuw aan de macht is gekomen in de Verenigde Staten moeten we allemaal onze eigen broek gaan ophouden.’
Toch zijn we niet helemaal hulpeloos, benadrukt hij. ‘Nederland kan bijvoorbeeld heel goed radiosignalen detecteren en daarvan de locatie bepalen. En we lopen ook voorop met lasercommunicatie via satellieten.’
Dat geeft Nederland al een plek aan de tafel bij de grote inlichtingendiensten, zegt Bolder, maar hij zou graag meer zien. ‘Ik pleit voor een eigen Space Command.’
In Nederland is ruimtedefensie nog ondergebracht bij de luchtmacht, terwijl in bijvoorbeeld Frankrijk, net als in de VS, al sinds 2019 een los ruimtecommando bestaat. ‘Lucht, land, zee en zelfs cyber hebben al een eigen commando. Het wordt tijd dat we de ruimte ook voor vol gaan aanzien.’
Satellieten verdedigen tegen aanvallen in de ruimte is lastig. ‘Je kunt een satelliet bepantseren of minder gevoelig maken voor straling. Je kunt hem van een aandrijving voorzien, zodat hij een botsing kan voorkomen. Maar de beste verdediging is om niet afhankelijk te zijn van één satelliet’, zegt Patrick Bolder.
Dat is een van de redenen dat satellietzwermen zoals Starlink van SpaceX zo aantrekkelijk zijn. Vernietig er een, of zelfs tien, en het systeem valt niet uit.
‘Tenzij je een nucleair wapen gebruikt’, zegt Marco Langbroek. ‘Of een grote hoeveelheid ruimtepuin op de baanhoogte van de zwerm creëert. Ook blijven de grondstations kwetsbaar. Momenteel kun je met sabotage van slechts drie grondstations Starlink boven heel Oekraïne en aangrenzend Oost-Europa platleggen.’
Ook andere bedrijven en landen werken aan satellietzwermen. Blue Origin van Jeff Bezos, bijvoorbeeld. China is zelfs al bezig met het lanceren van twee van zulke zwermen.
Op de bodem van de Europese zeeën liggen duizenden kilometers aan elektriciteits- en datakabels. Cruciale infrastructuur om Europese landen draaiende te houden. Rusland heeft in zijn strijd tegen het Westen zijn oog laten vallen op de kabels. Want sabotage lijkt eenvoudig.
De ‘hybride oorlog’ wordt aan de randen van Europa het sterkst gevoeld. ‘Oekraïne is voor Poetin slechts één front.’
Voor het kabinet is een verhoging van de defensie-uitgaven ‘op dit moment’ nog niet aan de orde. Dat zei minister van Buitenlandse Zaken Caspar Veldkamp (NSC) woensdag in de Tweede Kamer. Ook sloot hij ‘eurobonds’ uit voor Europese defensie-investeringen.
Source: Volkskrant