Home

Het thema van de Poëzieweek is, zoals de Duitsers zouden zeggen, ‘recht geil’

Poëzie is er altijd, dag in, dag uit. Maar eens in het jaar net wat meer dan anders. Afgelopen donderdag ging de Poëzieweek van start. Die loopt nog tot 5 februari. Van Deinze tot Alkmaar en van Mol tot Nijmegen worden in Nederland en Vlaanderen meer dan vierhonderd (!) activiteiten georganiseerd. Met een gulzigheid alsof meerdere jaarprogramma’s in het weekprogramma zijn gepropt: poëzie is deze week niet te ontlopen. Bovendien is het thema dit jaar, om het op z’n Duits te zeggen, recht geil: lijfelijkheid. Weliswaar een ietwat onfraai woord, maar toch. Denk aan alles wat met het lichaam, met lijven, met sappen, gedachten, stuiptrekkingen of knipogen te maken heeft.

Meer dan andere literaire vormen is de poëzie iets cerebraals én lichamelijks. Mijn academische leermeester, zelf een begenadigd lezer van gedichten, zei me eens dat poëzie rechtop in de stoel gelezen wordt, met een potloodje in de hand. Hoe beperkt die gedachte! Moest ik al mijn rillingen, kromme tenen en overeind staande haren in de grijze lijnen van het grafiet registeren, ik zou een seismograaf zijn.

Bekoorlijk voorspel

De Week van de Poëzie begon met een bekoorlijk voorspel. Op woensdag organiseerde Charlotte Van den Broeck, auteur van Plakboel, het bij vlagen hitsige Poëziegeschenk 2025, een Poëzieboordeel, een avond waar dichters als hoeren en gigolo’s acteerden en met de valuta van woorden werd betaald. Wat een goed idee om de poëzie in het damplicht van de hoerenkast te trekken. Met onder anderen Sasja Janssen, Peter Verhelst en Annemarie Estor, trof de nieuwsgierige verzenloper er onder meer deze drie dichters die behoorlijk op het sensuele, soms zelfs orgastische af opereren. En dan moest de week zelf nog beginnen.

Wie deze week naar de boekhandel gaat en voor de prijs van twee glazen wijn of drie biertjes aan poëzie koopt, krijgt dat mooie geschenk van Van den Broeck cadeau. Er is genoeg te kiezen. Bijvoorbeeld de eerder verschenen, schitterende bundels van Erik Lindner en Willem Jan Otten, of het laatste, mooie boek van de onlangs overleden Esther Jansma. Recentelijk verscheen een verzamelbundel van Jan Lauwereyns, en ook een nieuwe bundel van Charles Ducal. Of voor wie echt iets bijzonders zoekt: probeer de hand te leggen op het vorige week in Paramaribo verschenen Mek A Dron, de tweetalige uitgave van Kamau Brathwaite’s The Making of a Drum.

‘Stel me uit, trek me nu’, schrijft Van den Broeck in Plakboel, ‘alsjeblieft aan mijn heupen naar je toe/ we moeten nog geboren worden/ en woord voor woord verwilderen’. Zoals ik al zei: recht geil.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next