Het stof daalt is zo’n documentaireserie waarvoor mijn oude geschiedenisleraar de moeite zou hebben genomen de schooltelevisie, een log vierkant ding, op een hoog verrijdbaar tafeltje, ons lokaal in te duwen. Ik zou waarschijnlijk tijdens de serie hebben liggen slapen. De Limburgse mijnen, whatever. Maar hoe anders is dat nu.
Meteen vanaf de eerste aflevering van Het stof daalt, over de veelbewogen geschiedenis van de Limburgse mijnindustrie, weet de NTR-serie te boeien. Dat komt niet in de laatste plaats door tv-presentator Winfried Baijens, die de juiste toon (empathisch, doortastend) weet te raken en die zich vol overgave op en in het nog altijd gevoelige onderwerp stort.
Over de auteur
Yasmina Aboutaleb is tv-recensent voor de Volkskrant.
Want Baijens wil weten hoe het is om diep onder de grond te werken. Natuurlijk zijn er de verhalen van de ‘koempels’, mijnwerkers, over de lange ‘sjichten’, ploegendiensten, het zware, vieze werk, en de (ondergrondse) saamhorigheid. Maar de journalist wil het ervaren. Daarvoor reist hij af naar een Poolse steenkoolmijn, waarin hij samen met de Poolse mijnwerkers afdaalt naar, zoals de Polen het noemen, de frontlinie.
De druk op zijn oren als hij in een liftje met 45 kilometer per uur de donkere grond in wordt gedrukt. De krappe treintjes waarin hij niet rechtop kan zitten. De ondergrondse hitte. De eindeloze hoeveelheid stof, die hij tijdens het korte bezoek al door zijn longen voelt ruisen en dat aan elk onbedekt deeltje van zijn lijf plakt. Het oorverdovende lawaai van de machines. Het is ‘de hel’, ‘onmenselijk’, concludeert Baijens na drie ‘unheimische’ uren in de aarde.
De serie (te zien op NPO Start) toont zowel tragiek als glorie. Want bij Limburgse oud-mijnwerkers overheerst nostalgie. Naar de camaraderie, onder en boven de grond. Misschien wel de gezelligste momenten waren tijdens het ‘poekelen’, als ze na het werk in de bovengrondse badzalen het zwarte vuil van elkaars rug schrobden en stiekem samen een sigaretje rookten. De mijn bepaalde hun hele leven, ‘van wieg tot graf’.
De ontreddering was groot toen de mijnen vijftig jaar geleden plotseling werden gesloten. Massale werkeloosheid, armoede, verval, verloedering en gezondheidsproblemen als het gevolg van het mijnwerk. Van hun werkplekken is niets meer over, alles ging tegen de grond. Het steekt, vertellen de Limburgers, dat de mijnwerkers in de rest van Nederland nooit de waardering en erkenning hebben gekregen die ze verdienen.
De slotaflevering, woensdagavond uitgezonden, laat zien hoe de sluiting van de mijnen ook nu nog doorwerkt. De armoede die van generatie op generatie wordt doorgeven. En de schade (diepe scheuren, schuine vloeren en golvende daken) aan woningen, die geregeld onbewoonbaar worden verklaard. ‘Wordt de oude mijnstreek het nieuwe Groningen?’, vraagt Baijens zich af. Want ondanks politieke toezeggingen is er nog altijd geen loket om schade te melden, en blijft het dus lang wachten op een schadevergoeding.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns