Ter ere van de 80ste verjaardag van de Belgische wielervedette Eddy Merckx gaat er een fraaie documentaire over zijn leven in première op het IFFR.
schrijft voor de Volkskrant over film, non-fictie, thrillers, muziek en graphic novels.
‘De kannibaal’, zo noemden zijn wielercollega’s hem, met een mengeling van afschuw en bewondering. Eddy Merckx was daar zelf niet zo gecharmeerd van, maar ja, wat verwacht je als je vijf keer de Tour de France wint, vijf keer de Giro d’Italia, drie keer het wereldkampioenschap, en een keer de Spaanse Vuelta?
Bovendien pakte Merckx het werelduurrecord op de baan in Mexico, en won hij alle klassieke dagkoersen, vaak met intimiderend gemak. Zeven keer Milaan-San Remo, bijvoorbeeld. Twee keer de Ronde van Vlaanderen. Twee keer de Amstel Gold Race, het hield niet op.
Jan Janssen, toch ook niet de minste: ‘Je hoefde niets van wielersport te weten om te zien dat die man iets had: charisma.’
En Joop Zoetemelk: ‘Hij reed niet mee, hij reed mee om te winnen. Hij wilde álles winnen. Dat was Merckx.’
Dat ambitieuze had hij van zijn tirannieke vader Jules. Maar alleen op de fiets, want buiten de wedstrijden om was Eddy eerder zachtaardig. Dat dromerige had hij dan weer van zijn moeder Eugenie. Zij stak voor iedere race een kaarsje op. Wielrennen is altijd al een katholieke volkssport geweest. En een paar lelijke ongelukken daargelaten hielp dat kaarsje, blijkbaar.
Eddy Merkcx (1945) heerste van 1967 tot 1975 in het wielerpeloton – daar is iedereen het wel over eens in de nieuwe Belgische documentaire Merckx van Christophe Hermans en Boris Tilquin. Niet dat de film een parade van sprekende hoofden is. De quotes zijn geraffineerd verwerkt in de voice-over, bij een ononderbroken collage van archiefbeelden. Vaak heel mooie, schokkerige beelden. Eddy, zo in de mist op de flanken van de Alpen of de Pyreneeën, een eenzame pedaleur op weg naar eeuwige roem.
In de jaren van Merckx was wielrennen nog een radiosport, de gefilmde samenvatting vanaf de motor werd vaak pas ’s avonds uitgezonden. Het kwam de mythologie die bij het cyclisme hoort enorm ten goede. Flarden en flitsen, zodat je in je hoofd zelf het koersverloop bij elkaar kunt fantaseren, al decennia de kracht van een populair programma als Radio Tour de France.
Behalve altijd maar winnen had Eddy Merckx nog een kwaliteit, al was dat misschien niet eens zo bedoeld. De stroom aan successen van de tweetalige klasbak – geboren in Meensel-Kiezegem, Vlaams-Brabant – bracht het Waalse en Vlaamse deel van België samen, iets wat de politiek daarvoor nooit was gelukt.
Totdat zijn overmacht toch wat saai begon te worden, in de Belgische beleving. ‘Eddy, overdrijf je het niet een beetje?’, werd hem doodleuk gevraagd na de zoveelste overwinning. Het is de tragiek van een uniek talent dat – bij gebrek aan serieuze concurrentie – overal met kop en schouders bovenuit steekt. Je ziet dat nu ook bij Max Verstappen: alwéér wereldkampioen?
Op 19 maart 1978 reed Merckx zijn allerlaatste wedstrijd. Hij was 32 jaar oud, en werd in de Omloop van het Waasland twaalfde. Die geweldige gitzwarte kuif had hij nog, maar fysiek en mentaal zat het er voor hem wel op. Nu krijgt hij – ter ere van zijn 80ste verjaardag – een fraaie documentaire aangeboden. Door de niet eerder geziene beelden biedt deze documentaire nét iets meer dan het doorgaans al zo degelijke Andere Tijden Sport.
De première is op het IFFR, maar helaas kan de voormalige vedette er zelf niet bij zijn. Tijdens een toertochtje kwam Eddy op 9 december 2024 ten val op een spoorwegovergang, en brak hij zijn heup. Het zal er toch mee te maken hebben dat moeder Eugenie er niet meer was om een kaarsje op te steken.
Documentaire
★★★☆☆
Christophe Hermans en Boris Tilquin
84 minuten, nu te zien op het IFFR, en vanaf 6 februari in de bioscoop.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant