Eerder deze week verscheen Dr. Phil McGraw, de neuzelende snorremans die jarenlang de dagtelevisie verstopte met slordig als therapiesessies vermomde voyeurs-tv, weer op het scherm. De therapeut als embedded verslaggever tussen leden van de Amerikaanse immigratiedienst. Knipperende lichten, krakende portofoons en een ongewenste, criminele vreemdeling die als een trofee voor de camera werd gebracht.
Dr. Phil: ‘Ben je een burger?’
‘Mijn moeder is een burger.’
‘Je moeder is een burger?’
‘Ja.’
‘En jij?’
Hoofdschudden. Ook dehumaniseren is een kwestie van volhouden.
‘Ben je weleens eerder uitgezet?’, informeerde Dr. Phil langs zijn neus weg.
‘You’re Dr. Phil’, stamelde de man. ‘You’re Dr. Phil.’
Pesterij als geopolitiek, pesterij als vermaak. Het beleid van de meeste wereldleiders is terug te voeren tot dat basisschoolpleinwoord. Lever je etui maar in, kleintje, en Groenland. Pesterij is voor veel mensen iets om van een afstandje naar te kijken en dan langzaam naderbij te schuifelen. Wie weet dat er ook wat van het ontzag voor de pester op hun slappe trekken afstraalt.
De commentatoren en andere orde-op-zakentypes die in Nederland momenteel enthousiasme opbrengen voor de doortastendheid van politici die hun tegenstanders ontslaan of vervolgen, of het recht op rechtsbescherming of demonstrateren proberen bij te vijlen, beschouwen zelf elke vorm van bemoeienis – van anderen, van de overheid of van het eigen geweten – als extreem onwenselijk. Ze kennen het dus wel, vrijheid, maar ze beschouwen het als een vip-arrangement dat je ontvangt als dank voor je steun.
Intussen is het boeiend om te volgen, hoeveel van hen zich elke dag in ingewikkelder bochten moeten wringen om hun enthousiasme geloofwaardig te houden. Het doet me denken aan een spel dat lang geleden tijdens de judolessen werd gespeeld: vanuit het midden zwiepte onze judomeester een lang koord met een bokshandschoen aan het eind in de rondte, terwijl de in een cirkel om hem heen verzamelde leerlingen daar overheen moesten springen. Wie geraakt werd, verliet de cirkel.
Steeds sneller ging de bokshandschoen, steeds hoger ook, tot voorbij kniehoogte, tot er nog een paar geconcentreerde springers over waren, die ronden lang over de zwierende handschoen sprongen. Nu zwiepen de populisten dagelijks met de handschoen – en er komen steeds meer meehopsende apologeten, lijkt het. En daar gaan we, en nog eens, en – ho – de andere kant op! Springen, blijven springen, vrij-heid, vrij-heid!, hoger, kom op!
Nog een jaar of twee en de ontruiming van een als gevolg van de onmenselijke omstandigheden in Ter Apel ontstaan tentenkamp in Groningen wordt live uitgezonden. Iemand die voor oorlog en geweld is gevlucht en al eindeloos wacht op een beslissing van de rechter over zijn status, wordt voor de camera getrokken. Een presentator informeert wat er door hem heen gaat.
‘Maar’, stamelt de vluchteling, ‘ik ken jou van tv!’
Blijkt de teaser van een nieuw programma, Terug naar waar je vandaan komt. Een spannende, ietwat pesterige deportatiespelshow voor het hele gezin – althans, voor het hele gezin dat hier iets te zoeken heeft. Na de reclame speelt de vreemdeling met vier lotgenoten/medekandidaten een onbegrijpelijk spel vol regels die voortdurend veranderen. Prijs: één uur rechtsbijstand voor hun asielprocedure begint.
Over de auteur
Frank Heinen is schrijver en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant