Home

Brugwachters bedienen de Utrechtse bruggen weer ter plekke: ‘Het is een roeping’

Vijf Utrechtse bruggen zijn nog niet aangesloten op de nieuwe centrale, dus keren de brugwachters na zeventien jaar tijdelijk terug. Brugwachter Randolf Lieuw geniet met volle teugen. ‘Het universum heeft me deze kant op gestuurd.’

is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincies Utrecht en Flevoland.

Je moet een gezegend mens zijn als je op een grijze dinsdag in januari zo opgewekt in dit brugwachtershuis kunt zitten als Randolf Lieuw (60). Hij tuurt de hele dag wat in het rond. Naar die kano daar, bijvoorbeeld. Of naar die zeilboot verderop. ‘Ik geniet van alles om me heen’, zegt hij. ‘Van de omgeving, van de mensen, de natuur en de vogeltjes.’

Of het soms niet ook saai is? Nee hoor, daar wil hij niets van weten. Dit is een prachtbaan, echt iets voor hem ook, want hij is een loner, al kwam hij daar pas laat achter. ‘Je moet ervoor geboren zijn om brugwachter te worden’, zegt hij. ‘Het is een roeping. Het universum heeft me deze kant op gestuurd.’

Hoe het universum dat gedaan heeft, is niet helemaal duidelijk. Maar feit is dat de provincie Utrecht er een rol in heeft gespeeld. Die besloot namelijk vorig jaar dat de brugwachters tijdelijk zouden terugkeren op de vijf beweegbare bruggen die in provinciaal beheer zijn. Per 1 januari zijn de brugwachtershuisjes, zoals hier bij de Eembrug in Eembrugge, weer bemand.

Verouderd

Dat was lang geleden. De afgelopen zeventien jaar werden de bruggen bediend vanuit de bediencentrale van Waternet in Weesp. Maar dat ging niet meer, zegt een woordvoerder van de provincie Utrecht. De centrale was verouderd, de provincie moest op zoek naar een alternatief.

Dat is inmiddels gevonden. Op den duur zullen de de Cronenburgherbrug, de Malebrug, de Nieuwe Weteringbrug, de Vreelandbrug en de Eembrug worden bediend vanuit een centrale in Nieuwegein, vanwaaruit ook de bruggen van de gemeente Nieuwegein worden bediend.

Zo’n overstap naar een andere centrale is niet zomaar geregeld. De provincie wil de communicatie tussen brug en centrale namelijk niet via de reguliere kanalen laten lopen, omdat dit risico’s met zich meebrengt. De beelden van de camera’s kunnen met vertraging in de centrale arriveren. Of het systeem kan gehackt worden. Er moeten daarom aparte kabels komen die de centrale via een gesloten circuit met de bruggen verbinden.

De aanbesteding daarvoor is inmiddels achter de rug, zegt de woordvoerder. Er is een partij die glasvezel gaat leggen. Wanneer dat allemaal gereed is, valt niet te voorspellen. Vandaar dat Lieuw en zijn collega’s dit jaar de bruggen bemannen.

Weinig pleziervaart

Lieuw doet het werk met liefde. Hij zit graag in brug- en sluiswachtershuisjes: de afgelopen jaren bij onder meer de Akersluis en de Kramersluis in Amsterdam, en de komende tijd afwisselend bij een van de Utrechtse bruggen.

Daar is het momenteel rustig. Er is nauwelijks pleziervaart in deze periode van het jaar. Hier in Eembrugge, een gehucht met stadsrechten even boven Baarn, komen gemiddeld zes boten per dag voorbij, wat betekent dat Lieuw de brug gemiddeld elke anderhalf uur moet openen.

Waar haalt hij dat jaloersmakende gevoel van tevredenheid vandaan? Hij denkt er even over na en begint dan te vertellen over zijn grootouders uit Indonesië, die op zoek naar werk ooit op een boot stapten met onbekende bestemming. Ze kwamen in Suriname terecht, waar ze als contractarbeiders op suikerrietplantages gingen werken. ‘Ze zijn snel geïntegreerd en hebben iets gemaakt van het leven’, zegt Lieuw. ‘Je moet altijd doorgaan en niet treuren, vonden zij. Misschien heb ik dat van hen.’

Toch kwam het hem niet aanwaaien. Hij ging op zijn 24ste op vakantie naar Nederland, waar hij bleef hangen voor de liefde. Het huwelijk hield geen stand, waarna hij een paar moeizame jaren doormaakte. Uiteindelijk kwam hij erbovenop.

‘Je moet niet de hoop verliezen’, zegt hij. ‘En niet aan de drank raken. Ik ben alles kwijtgeraakt, maar nu heb ik weer alles wat mijn hartje begeert. Ik ben een succesverhaal.’

Veilig, veilig, veilig

En dan kraakt de marifoon in het brugwachtershuis. ‘Ik had graag een opening richting het Randmeer’, zegt een stem.

‘Ik heb uw boodschap begrepen’, antwoordt Lieuw, ‘Komt in orde. Over!’

Lieuw speurt naar waar het schip vandaankomt en kijkt dan naar de weg naast het brugwachtershuis en het fietspad aan de andere kant. Hij moet ‘schouwen’, zegt hij, hij moet alles rondom de brug in de gaten houden, om te zien of er niet ‘een of andere malloot’ doorrijdt terwijl hij de slagboom omlaag doet. ‘Zoals die daar, zie je, die rijdt door’.

Hij wil geen brokken. ‘Ik zou het niet kunnen verkroppen als er een dode zou vallen onder mijn dienst. Het moet veilig, veilig, veilig.’

Even later loopt Lieuw naar het bedieningspaneel en drukt hij een knop in waarmee hij de slagbomen laat zakken. Hij kijkt nog eens in het rond, ‘je moet blijven kijken’, en drukt dan op de knop ‘BRUG OPENEN’.

En jawel, daar draait het wegdek omhoog, tergend langzaam. ‘Je moet blijven kijken, hè? Schouwen. Ik blijf kijken.’

Niet veel later vaart een vrachtschip onder de Eembrug door, waarna Lieuw het brugdek weer laat zakken. En dan begint het wachten op het volgende schip.

Source: Volkskrant

Previous

Next