EU-lidstaten moeten meer doen om de slechte luchtkwaliteit in steden aan te pakken, maar worstelen daarmee. Vieze lucht in grote steden zorgt nog altijd voor gezondheidsproblemen bij burgers. Jaarlijks sterven daardoor minstens 250.000 Europeanen. Daarnaast is geluidsoverlast een onderbelicht probleem.
Drie kwart van de Europeanen woont in een stad en wordt op dit moment blootgesteld aan luchtvervuiling. De mate van vervuiling is zo ernstig dat er jaarlijks minstens 250.000 mensen door overlijden. De wereldgezondheidsorganisatie WHO noemt luchtvervuiling het grootste milieurisico voor de gezondheid. Het kan onder andere leiden tot luchtweginfecties zoals astma, maar ook kanker, beroertes en hart- en vaatziekten.
Over het algemeen belanden de giftige stoffen in de lucht in door energieverbruik, industriƫle processen, landbouw, verkeer en transport. Luchtverontreiniging in EU-landen bestaat onder meer uit zwevende deeltjes (waaronder fijnstof), stikstofdioxide, zwaveldioxide, ozon, ammoniak en zogenoemde "vluchtige organische stoffen". Die laatste komen vrij bij de verdamping van aardolieproducten, zoals bij de productie van verf of benzine.
De luchtkwaliteit is over het algemeen wel verbeterd in de afgelopen tien jaar. Maar in verreweg de meeste steden is deze nog steeds onvoldoende, meldt de Europese Rekenkamer in een nieuw rapport. In tien lidstaten zat er bijvoorbeeld te veel stikstofdioxide in de lucht in stedelijk gebied. Dat komt uit de uitlaat van auto's en vrachtwagens en uit de schoorsteen van fabrieken.
Onderzoekers van de Rekenkamer gebruikten data uit honderd steden in Europa. Ze zoomden in op Krakau, Athene en Barcelona. De onderzoekers trokken de resultaten door naar alle grote Europese steden. Hieronder zie je een kaart van luchtkwaliteit in Europa, gemeten in zwevende deeltjes.
Europese steden slagen er nog niet goed in die vervuiling aan te pakken, ziet de Rekenkamer. Dat heeft met meerdere zaken te maken, bijvoorbeeld lokale weerstand of slechte coƶrdinatie door gemeenten.
Milieuzones en emissievrije zones blijken effectieve maatregelen om de kwaliteit van de lucht en daarmee de leefomgeving beter te maken. De onderzoekers zagen een aanzienlijke daling van stikstofdioxide in een groene zone waar auto's nauwelijks meer welkom waren. Dat zegt hoofdonderzoeker Katarzyna Radecka bij de presentatie van het rapport.
Het is wel belangrijk dat burgers worden geraadpleegd voorafgaand aan dit soort gevoelige maatregelen. In Krakau was dat bijvoorbeeld niet het geval bij de chaotisch verlopen invoering van een emissievrije zone.
"Het stuitte op zoveel protest dat het bij de rechter belandde en uiteindelijk werd geschrapt. We weten niet of de maatregel nog terugkomt", vertelt Radecka. "Het laat zien hoe steden worstelen met de aanpak van luchtvervuiling."
Ook in Nederland stuitten de emissievrije zones op weerstand, onder meer van ondernemers en politici. De maatregel geldt sinds dit jaar in het centrum van twintig steden. Anders dan de naam doet vermoeden, zijn de stadscentra niet meteen emissieloos. Er geldt een overgangsregeling tot 2030; die is begonnen bij de meest vervuilende vrachtwagens en bestelbusjes.
Niet alleen luchtkwaliteit, ook langdurige blootstelling aan geluid in en rond steden vormt een probleem in heel Europa. Die overlast komt bijvoorbeeld van (snel)wegen, luchthavens en bouwplaatsen. Geluidshinder is lang niet zo bekend als luchtkwaliteit maar bijna net zo schadelijk, vertellen de onderzoekers.
Net als luchtvervuiling heeft geluidshinder impact op de (mentale) gezondheid. Daarnaast kan het zorgen voor hartklachten, diabetes, angsten en cognitieve stoornissen.
Nieuwe wetgeving in de Europese Unie moet beide problemen aanpakken. Zo moeten alle steden in 2050 uitstootvrij zijn en mogen er geen giftige stoffen meer in de lucht zweven. Landen hebben nog tot 2028 om een plan te presenteren. De Europese Commissie wil dat 30 procent minder mensen chronisch last hebben van verkeersgeluid in 2030, maar dat is niet bindend.
De Rekenkamer ziet dat de EU dat doel op deze manier niet haalt. Daarvoor moet Brussel bijvoorbeeld de normen afstemmen op de aanbevelingen van de WHO. "De EU en haar lidstaten moeten inzien dat ambitieuze doelstellingen alleen kunnen worden bereikt met aanzienlijke extra inspanningen", concludeert de Rekenkamer.
Source: Nu.nl economisch