Vrouwelijke rolmodellen, en hoe we over ze praten, hebben een enorme impact. Benadruk dus de eigen kwaliteiten en prestaties van vrouwen, in plaats van ze te definiëren aan de hand van hun vaders, broers, zoons, echtgenoten of klasgenoten.
‘De beste leerling uit de klas waarin ook Emmanuel Macron zat’, luidde de online kop van de Volkskrant over Marguerite Bérard, de nieuwe Chief Executive Officer van ABN Amro. Het zette mij aan het denken. Hoezo is het relevant dat ze bij Macron in de klas zat? En belangrijker nog: waarom benadrukken we nog steeds haar gender in relatie tot haar functie?
De kop over Marguerite Bérard staat niet op zichzelf. Vrouwen worden vaak neergezet als bijrollen in het leven van een man, in plaats van als zelfstandige personen met eigen verdiensten. Neem bijvoorbeeld de volgende stukken in deze krant. Een profiel bij het aantreden van onze minister van Klimaat en Groene Groei deze zomer met als kop: ‘Sophie Hermans treedt ook als minister in de voetsporen van haar vader’. Of dit postuum van actrice Gena Rowlands, of van producer Marijke Klasema, waarin amper passages te vinden zijn die geen vermelding maken van hun man.
Dit soort framing legt een hardnekkig probleem bloot: de manier waarop vrouwen, en vrouwelijke experts, worden gepresenteerd in de media. Hoewel de Volkskrant zich hier mogelijk niet bewust van was, dragen deze koppen en stukken bij aan een bredere kwestie: het gebrek aan representatie van vrouwen als volwaardige deskundigen.
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap rapporteerde eind 2024 dat 33 procent van de nieuwe bestuurders in Nederlandse beursgenoteerde bedrijven vrouw is, een stijging van 20 procentpunt ten opzichte van het jaar ervoor. Dat lijkt hoopvol, maar media blijven daarin achter. Van de experts die in nieuwsmedia aan bod komen, is slechts 26 procent vrouw. Bij financiële experts, directeuren en ondernemers daalt dit percentage zelfs naar 23 procent, en voor juridische experts is dit slechts 9 procent.
Over dit artikel
Maud Stamsnijder is student bestuurskunde.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Deze cijfers zijn niet zonder gevolgen. Stereotype beeldvorming in de media beïnvloedt de keuzes die jonge meisjes maken voor hun toekomst. Als zij vooral vrouwen in ondersteunende rollen zien, als secretaresses, assistentes, verpleegkundigen, kiezen ze sneller voor soortgelijke functies. Dit beperkt niet alleen hun eigen kansen, maar versterkt ook de ongelijkheid op de arbeidsmarkt.
Zichtbaarheid van rolmodellen kan juist een enorme impact hebben. Zoals hoogleraar sociale (on)rechtvaardigheid Judi Mesman stelt: ‘Onderzoek laat zien dat het aanleren van gedrag sneller gaat als je je kan identificeren met een rolmodel.’ Als meisjes zien dat vrouwen topfuncties bekleden, kunnen ze zich voorstellen dat zij dat ook kunnen. Dat maakt rolmodellen niet alleen inspirerend, maar essentieel.
Het is niet alleen de keuze wie we in de media zien, maar ook hoe we over hen praten. Door te benadrukken dat Marguerite Bérard in dezelfde klas zat als Emmanuel Macron, wordt de focus verlegd van haar eigen kwaliteiten naar een externe (mannelijke) referentie. Dit doet afbreuk aan haar prestatie. Taal doet ertoe, het is aan redacties om daar bewuster mee om te gaan.
De media hebben een verantwoordelijkheid. Door een diverser beeld te laten zien, zowel in wie aan het woord komt als hoe daarover wordt geschreven, dragen zij bij aan een samenleving waarin iedereen gelijke kansen heeft. Meer vrouwelijke deskundigen in talkshows, artikelen en opinies betekent dat meisjes en vrouwen zichzelf in deze rollen kunnen zien. Dit inspireert hen om hun ambities te volgen en helpt stereotype beeldvorming te doorbreken.
NPO Kennis vatte het treffend samen: ‘Rolmodellen helpen bij het doorbreken van vooroordelen.’ Of het nu gaat om een vrouwelijke CEO, een vrouwelijke president of een vrouwelijke expert, zichtbaarheid normaliseert deze mogelijkheden en draagt bij aan kansengelijkheid. We kunnen niet verwachten dat meisjes voor de top gaan als ze geen vrouwen aan de top zien.
Het is aan ons allemaal: lezers, journalisten en redactie, om te zorgen dat de verhalen in de media een afspiegeling zijn van de mogelijkheden. Alleen met een diverser beeld in de media komen we dichterbij een samenleving waarin iedereen gelijke kansen heeft.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant