Ondanks een ‘turbulente wissel’ en een mispeer gaan schaatsers Jutta Leerdam en Jenning de Boo gaan riant aan de leiding in het tussenklassement na de openingsdag van de EK sprint.
is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft over schaatsen, zwemmen en tennis.
‘Yo ik moet erlangs’, met die woorden reed Jutta Leerdam vrijdagavond naar de leiding in het tussenklassement op de EK sprint. Maximaal schaatsen en ondertussen net zo hard roepen; het is geen ideale combinatie. Maar, zegt de Nederlandse na een ‘turbulente wissel’ die bijna in een botsing leek uit te monden: ‘Ik wist ook niet wat ik anders moest.’
De botsing bleef uit, haar Oostenrijkse concurrente Vanessa Herzog en tegenstander in de rit, verleende de veel sneller rijdende Leerdam die van buitenaf kwam –terecht – voorrang. En zoals verwacht eindigde Leerdam op de 1.000 meter als eerste. Ze schaatste 1.14,21. Ruim sneller dan haar voornaamste concurrente Femke Kok, die met 1.14,97 als tweede eindigde en daarmee de leiding in het tussenklassement verloor.
Met nog een dag te gaan staan de Nederlandse sprintsters op plaats een, twee en drie in het tussenklassement. ‘Dit laat zien dat het wel goed zit met het Nederlandse sprinten’, zei Suzanne Schulting, de nummer drie, na afloop. De meervoudig olympisch shorttrackkampioen die zich dit jaar richt op de langebaan was minder positief over haar eigen optreden op de 1.000 meter. Na een veelbelovende 500 meter (37,82, ten opzichte van 37,77 voor Leerdam en 37,58 voor Kok), was Schulting met haar 1.15,40 ruimschoots langzamer dan haar landgenoten.
Bij de mannen verliep de eerste dag van de EK sprint – wat de tussenstand betreft – ook naar verwachting. Eerder op de avond lag Jenning de Boo op een matje in het krachthonk boven de ijsbaan en dacht: als er nu een kussen onder mijn hoofd wordt gelegd, val ik zo in slaap. Het was op dat moment rond de klok van negen, de tijd waarop hij normaal gesproken voorzicht aanstalten maakt om naar bed te gaan.
Niet lang daarna gleed De Boo met de armen wijd gespreid en zijn mond vol ongeloof geopend de bocht na de finish van de 1.000 meter door. Met twee afstanden in zijn benen eindigt hij de eerste dag van de EK sprint als leider in het tussenklassement om de Europese sprinttitel. De Boo, onlangs gekroond tot nationaal kampioen sprint, won eerder op de avond ook de 500 meter. Al ging dit met een misser op het rechte einde na een razendsnelle opening. Indrukwekkender zijn 1.000 meter. Zijn 1.07,29 was de vierde tijd ooit gereden op Thialf, een tijd waarmee hij ook zichzelf verbaasde.
Merijn Scheperkamp, de regerend Europees kampioen, staat tweede in het tussenklassement. Hij weet dat hij liefst 0,58 honderdsten van een seconde goed moet maken op de 500 meter om de leiding in het klassement te pakken. De Pool Damian Zurek bezet momenteel de derde plaats, voor Tim Prins die na een teleurstellende 500 meter (35,04) wist dat de titel ver buiten zijn bereik lag. Op de 1.000 meter eindigde de Fries met 1.07,89 als tweede.
Zaterdag is de slotdag van de EK sprint en beginnen de allrounders aan hun Europese titelstrijd die tot en met zondag duurt.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant