Digitale betalingen zijn in de afgelopen jaren veiliger, sneller en goedkoper geworden: in vijf jaar is de waarde van die betalingen in de EU verdubbeld. Maar Europese wetgeving wordt niet altijd goed nageleefd. Zo weigeren sommige landen nog betalingen via buitenlandse rekeningen.
De waarde van digitale betalingen binnen de Europese Unie is tussen 2017 en 2023 ruim verdubbeld, blijkt donderdag uit een rapport van de Europese Rekenkamer.
In dat laatste jaar ging het om ruim 1.000 miljard (1 biljoen) euro. Consumenten betaalden toen 5 tot 6 miljard euro voor digitale betalingen met een bankkaart, schrijft de Rekenkamer.
De instantie verwacht dat het aantal digitale betalingen zal groeien. De EU moet erop toezien dat die efficiënt en goed verlopen. Volgens de Rekenkamer is op dat vlak de afgelopen jaren al vooruitgang geboekt door Europese wetgeving voor digitale betalingen. Maar er er zijn nog wat problemen die opgelost moeten worden, blijkt uit het rapport.
Een voorbeeld daarvan is zogeheten IBAN-discriminatie. De huidige regelgeving geeft betalers de vrijheid om vanaf elke betaalrekening in de EU betalingen in euro's te doen. Daarbij maakt het niet uit waar de consument zich op dat moment bevindt.
Maar met name in Spanje en Frankrijk worden betalingen via buitenlandse rekeningen nogal eens geweigerd. Dat blijft "een reëel probleem voor consumenten in de hele EU", schrijft de Rekenkamer.
De Europese Commissie heeft zich al flink ingespannen om deze vorm van discriminatie aan te pakken, maar volgens het rapport moet er nog veel verbeterd worden. Door "mazen in de wet" en gebrekkige samenwerking tussen autoriteiten is dat probleem nog niet opgelost.
De Europese Commissie moet daarom betere regels voor de handhaving invoeren, concludeert de Rekenkamer.
Source: Nu.nl economisch