Waar staat eigenlijk dat er stro in die kribbe lag? Niet bij Mattheüs en Lucas, de twee evangelisten die de geboorte van Jezus beschrijven. Noem het dus vrije interpretatie om het Kindeken neder te leien op een witte doek met zwart visnetmotief.
Als hoofddeksel is de keffiyeh al een kleine eeuw een symbool van de Palestijnse natie, identiteit en het verzet tegen onderdrukking. Sinds het uitbreken van de oorlog tussen Israël en Hamas na de terreuraanvallen van 7 oktober vorig jaar, werd de keffiyeh dit jaar opnieuw populair onder aanhangers van de Palestijnse zaak en als protest tegen het harde Israëlische optreden in Gaza.
De kerststal, ontworpen door twee Palestijnse kunstenaars, is nu te zien op een tentoonstelling in het Vaticaan. Bethlehem, vlak bij Jeruzalem en grotendeels omringd door de afscheidingsmuur, ligt op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. De keffiyeh in de kribbe moet de „culturele en historische band met de geboorteplaats van Jezus benadrukken”, aldus de organisatie die wordt gesteund door de in 2017 geopende Palestijnse ambassade bij de Heilige Stoel. Jaarlijks bezoeken ruim een miljoen christelijke pelgrims Bethlehem; het aantal christelijke Palestijnen bedraagt daar zo’n 50.000.
De kerststal herinnert Israël aan die keer dat Mahmoud Abbas, president van de Palestijnse Autoriteit, in zijn kerstboodschap zei dat „Jezus een Palestijn” was. Maar nu toont de keffiyeh in Israëlische ogen vooral aan welke kant de paus zou staan.
Het is maar een lap, kun je zeggen. Textiel uit Kufa in Mesopotamië, dat ze daar op het platteland al sinds de schepping op en om hun hoofd dragen tegen de hitte en de kou. Maar omdat kleding, alle kleding, nu eenmaal identiteit uitdrukt, heeft zelfs het nederigste kledingstuk het in zich om een politiek statement te worden. Of is het: voorál het nederigste kledingstuk?
De protesten tegen hoge brandstofprijzen door Franse automobilisten, getooid in gele veiligheidsvestjes, groeiden vanaf 2018 uit tot de gilets jaunes-beweging tegen het bewind van president Macron in het algemeen. Nederland kent sinds de boerenprotesten de rode zakdoek met zijn paisley-motiefjes. En de vilten baret, van oorsprong een middeleeuwse herderspet uit de Pyreneeën, of nog ouder, werd het statussymbool van elitesoldaten. Waarna Che Guevara er een revolutionair symbool van maakte, sindsdien gekopieerd door de Black Panthers in Amerika en door Ierse en Baskische terroristen. Tevens fashion statement, want periodiek zie je de baret ook op de catwalk.
Vanaf 1936 werd de keffiyeh het symbool van de opstand door Palestijnse Arabieren tegen het Britse bestuur in het Mandaat Palestina. Zij wensten een eigen staat en het einde van de Britse steun voor een Joodse staat in spe. Toen de Britten probeerden de keffiyeh te verbieden, waarachter opstandelingen hun gezicht verborgen, gingen Palestijnen massaal over op die doek, ook stadse Palestijnen die tot dan toe een fez droegen.
Van 1967 tot de Oslo-akkoorden (1993) was de Palestijnse vlag in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever verboden. In die tijd werd de keffiyeh een alternatieve vlag. Yasser Arafat, PLO-leider en de eerste president van de Palestijnse Autoriteit, droeg zijn keffiyeh met die ene flap over zijn schouder zelfs alsof het de landkaart van een gedroomd Palestina was. Leila Khaled, de eerste vrouw die een vliegtuig kaapte, in 1969, maakte korte metten met het idee dat alleen mannen een keffiyeh dragen. Als er zoiets is als terrorism glam markeert haar foto – met AK-47 en keffiyeh – het begin ervan.
Vanaf de jaren tachtig kwam de ‘palestijnensjaal’, rond de nek gedragen, in het westen in de mode. Krakers en punkers toonden er hun afkeer van het establishment mee, niet speciaal hun steun aan een Palestijnse staat. De term cultural appropriation is van later. Die sjaal, nog steeds rond je nek, voor je gezicht, als hoofddoek, als cape en zelfs als gebedsmat en placemat, is nu terug van dus nooit echt weggeweest. In vreedzame protestoptochten en bij geweldsuitbraken zoals in mei in Amsterdam, op een UvA-campus.
Sindsdien worden hier hoofden gebroken over de vraag of de keffiyeh nu een politiek symbool is dat onder de vrijheid van meningsuiting valt, of bedoeld is om onherkenbaar criminele daden te plegen, zodat hij onder een verbod op gezichtsbedekking hoort.
Ook in mei zorgde Eric Saade, een Zweedse popartiest met een Palestijnse vader, voor reuring bij het – officieel apolitieke – Eurovisie Songfestival door een keffiyeh rond zijn pols te dragen. „Ik heb die sjaal van mijn vader gekregen toen ik klein was, om nooit te vergeten waar wij vandaan komen”, zei Saade. Om er, niet helemaal geloofwaardig, aan toe te voegen: „Nooit geweten dat het een politiek symbool zou worden.”
Elke maandagochtend ontvang je in je mailbox stukken en gidsen waar je meteen wat aan hebt: over carrière, geld, gezondheid, duurzaamheid en tips voor wat je kunt doen
Source: NRC