Om de daders van de moorden en martelingen van het Syrische Assad-regime te vervolgen, is bewijsmateriaal nodig. De Syrische onderzoekers van CIJA-directeur Bill Wiley smokkelen sinds 2011 documenten het land uit, met gevaar voor eigen leven. ‘We gaan de komende tijd veel rechtszaken zien.’
is correspondent Duitsland van de Volkskrant. Van 2008 tot 2016 was hij correspondent in het Midden-Oosten, deels vanuit Damascus.
Op een geheime locatie in Europa hebben onderzoekers sinds 2011 honderden kilo’s archieven van het Assad-regime bij elkaar gebracht. Syrische medewerkers smokkelden de documenten heimelijk het land uit, in koffers en op pick-ups, met behulp van gewapende oppositiegroepen. Inmiddels heeft de Commission for International Justice and Accountability (CIJA), met Europese en Amerikaanse financiering, 1,3 miljoen pagina’s veiliggesteld.
Het doel is om westerse landen te helpen het Assad-regime te vervolgen. Zowel de hogere echelons daarvan, als de beulen die de moorden en martelingen uitvoerden. ‘Veel van die mensen proberen nu naar Europa te vluchten’, zegt CIJA-directeur Bill Wiley, ex-militair en voormalig onderzoeker van het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag.
Sinds het Syrische regime twee weken geleden viel, zijn verschillende massagraven gevonden. Om hoeveel slachtoffers gaat het?
‘Wij schatten dat bovenop de meer dan een half miljoen slachtoffers van de oorlog – door geweld, ondervoeding, ziekte – nog eens 110 tot 120 duizend mensen zijn vermoord in de archipel van detentiecentra die het regime runde. Dat is een grove schatting, op basis van gegevens van vermisten minus vrijgekomen gevangenen. We wisten na dertien jaar onderzoek hoe afgrijselijk het was, maar dit aantal heeft ons toch nog verbaasd.’
Waar hebben we het nu over? Is hier een precedent voor in de recente geschiedenis? Hoe moeten we het noemen?
‘Het gaat om een enorme en zeer bureaucratische staatsstructuur die is opgetuigd om werkelijke of vermoedelijke tegenstanders te vernietigen. Zo’n structuur, vooral bestaande uit militaire eenheden en inlichtingen- en veiligheidsdiensten, moet constant slachtoffers blijven opzuigen om haar eigen bestaan te rechtvaardigen. Een genocide is het niet, omdat ‘politieke tegenstanders’ niet gelden als groep. Ik denk dat het qua motief en methodiek vergelijkbaar is met de goelags van Stalins regime in de Sovjet-Unie, al ligt het qua aantallen dichterbij Saddam Husseins Irak.’
Wat doet uw organisatie precies?
‘Onze missie is om in Syrië bewijsmateriaal te verzamelen, in het bijzonder primaire bronnen: documenten gegenereerd door de structuren die de misdrijven begingen. Telkens wanneer rebellen het regime terugdrongen, gingen onze mensen direct naar dat gebied om documenten veilig te stellen in achtergelaten faciliteiten van inlichtingen- en veiligheidsdiensten, leger en politieke leiding.
‘Die documenten smokkelden we het land uit, naar Europa, en dat doen we nog steeds. Dat is levensgevaarlijk. We hebben in de eerste jaren van de oorlog één Syrische medewerker verloren, toen hij met oppositiestrijders nabij de Turkse grens in een hinderlaag van het regime liep. Een ander is twee keer neergeschoten.’
Wat staat er in die documenten?
‘Aan het begin van de Syrische burgeroorlog richtte het regime een crisismanagementcel op, onder leiding van Bashar al-Assad. Daarin zaten de hoofden van de vier veiligheidsdiensten, de ministers van Defensie en Binnenlandse Zaken, en enkele politieke sleutelfiguren. Die groep kwam dagelijks bijeen, en vaardigde dan instructies uit voor leger en veiligheidsdiensten. Daar hielden ze notulen van bij.
‘Ze vaardigden lange lijsten uit met heel specifieke categorieën te arresteren personen. Iedereen die de oppositie steunt. Iedereen die de oppositie financiert. Iedereen die de oppositie anderszins helpt. Iedereen die het regime bekritiseert, ook op sociale media. Iedereen die met een buitenlandse journalist spreekt.
‘Er staan geen instructies voor marteling en moord. Dat hoeft ook niet. Het systeem van wreedheid in Syrië runt al meer dan vijftig jaar zichzelf, het moest alleen opschalen. Wat we wel soms vonden: instructies níet te martelen, omdat dit de populariteit van de oppositie vergrootte. De leek zegt nu: ze wilden het niet? Maar dit toont juist aan dat top wist dat marteling de normale gang van zaken is.’
Is het heimelijk verzamelen van bewijsmateriaal voor misdaden tegen de menselijkheid, in oorlogsgebied, geen taak voor de overheid, voor politie of inlichtingendiensten?
‘Politiediensten zetten geen voet in een land zonder toestemming van de plaatselijke autoriteiten, dat werkt met rechtshulpverzoeken. Inlichtingendiensten verzamelen wel informatie, maar die is niet bedoeld voor de rechtbank. Dat zit ook niet in de cultuur van westerse inlichtingendiensten; zij houden hun informatie het liefst geheim. Het CIJA wil een brug zijn, zodat informatie niet verloren gaat en overheden kunnen vervolgen.’
‘Bijna al onze medewerkers hebben een achtergrond in de publieke sector, meestal bij politie, justitie, defensie of inlichtingen. Ikzelf heb tijdens mijn militaire carrière een PhD in humanitair recht voltooid en daarna als onderzoeker gewerkt bij het Internationaal Strafhof. Financiering komt van overheden, van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken tot het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken. We hebben zo’n 150 medewerkers.’
Bijna twee weken geleden viel het regime. Komen de documenten nu massaal jullie kant op?
‘In het grootste deel van Syrië hebben rebellengroepen de faciliteiten van leger en veiligheidsdiensten veiliggesteld. Maar juist in Damascus, waar de hoofdkwartieren zijn, lopen nabestaanden, media en hulporganisaties vrijelijk weg met documenten. Vanwege Amerikaanse sancties is het voor ons strafbaar om afspraken te maken met HTS.
‘Wij hebben de capaciteit niet om de tientallen miljoenen pagina’s die er nog zijn veilig te stellen en te digitaliseren. Daar hebben we meer geld voor nodig. De documenten die wij nu al hebben zijn genoeg om de kopstukken van het regime te veroordelen. Maar het is het topje van de ijsberg. We weten veel nog niet van het derde, vierde, vijfde echelon.’
Gaan die mensen ooit een rechtszaal zien?
‘De top wel, daarvan ben ik overtuigd. Wat heeft Rusland nu nog aan Assad? Moskou wil haar bases in Syrië behouden en olie en gas verkopen, uiteindelijk willen ze een deal met de nieuwe machthebbers en gooien ze Assad als blijk van goede wil erbij.
‘We hebben in Nederland, Duitsland en Frankrijk ook al veel zaken gezien tegen individuele Syrische commandanten. Daarbij speelden wij vrijwel elke keer een rol. Het Westen heeft de capaciteit niet om élke dader – duizenden mensen – te vervolgen. Maar de komende jaren gaan we veel meer rechtszaken zien.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant