Osamu Suzuki stond ruim veertig jaar aan de leiding van het gelijknamige automerk, dat onder hem uitgroeide tot een speler van wereldformaat. Suzuki zal vooral de boeken ingaan als de Japanner die de Indiërs aan de moderne auto hielp.
Drager van de Orde van de Hongaarse Republiek. Drager van de Padma Bhushan in India. Drager van de Orde van Pakistan. Als zijn carrière ergens aan af te lezen valt, zijn het wel de hoge onderscheidingen die Osamu Suzuki in zijn leven in tal van landen kreeg opgespeld. Vooral dankzij buitenlandse successen bouwde Suzuki, die woensdag op 94-jarige leeftijd overleed, de gelijknamige Japanse motor- en autofabrikant uit tot een wereldmerk.
Suzuki werd in 1930 geboren als Osamu Matsuda, een boerenzoon die weinig met auto’s had. Op jonge leeftijd wilde hij vooral de politiek in, maar na zijn rechtenstudie ging hij in 1953 aan de slag als bankier. Zijn leven zou een drastische wending nemen toen hij in 1958 trouwde met Shoko Suzuki, een kleindochter van de oprichter van Suzuki.
Deze Michio Suzuki adopteerde Osamu als zijn eigen zoon. Noodgedwongen, omdat Michio’s eigen huwelijk geen mannelijke erfgenamen voortbracht. Zoals traditie voorschrijft in Japan, nam Osamu de naam van zijn aangetrouwde familie aan. In 1958 begon hij aan de lange weg naar de top van het bedrijf.
Suzuki maakte toen pas drie jaar auto’s. Een kleine vijftig jaar daarvoor was de onderneming door Michio opgericht als een leverancier van weefgetouwen aan de Japanse zijdeindustrie. Voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog voorzag Michio al dat zijn bedrijf moest diversificeren, om niet van maar één product afhankelijk te zijn. Hij ontwierp in 1937 prototypen van eenvoudige auto’s, maar zijn bedrijf zou pas in 1955 een commercieel voertuig op de markt brengen. Dat gebeurde met aanzienlijke steun van de Japanse regering, die het land zo snel mogelijk aan de auto wilde hebben.
Toen Osamu in 1978 werd benoemd tot ceo van Suzuki, was het concern inmiddels een van Japans grote automerken. Buiten de landsgrenzen stond het toch vooral bekend om zijn motorfietsen en buitenboordmotoren. In Nederland had het merk pas in 1969 zijn intrede gedaan, met de compacte Suzuki Fronte. Osamu zou in die geringe internationale status verandering brengen, met een strategie gericht op het ontwerpen van betaalbare modellen die waren toegesneden op specifieke landen.
Het grootste succes boekte Osamu in India, waar hij in 1981 een joint venture opzette met de regering en een belang van 26 procent nam in Maruti Udyog Limited. Die autofabriek was in de jaren zeventig opgezet door Sanjay Gandhi, de derde zoon van premier Indira Gandhi. De Indiase automarkt was destijds vrijwel gesloten voor buitenlandse merken, maar met het contract op zak kon Suzuki de Fronte laten bouwen in India.
De Maruti 800, zoals de Fronte in India ging heten, werd een doorslaand succes. De 800 was naar westerse maatstaven misschien een krappe vierzitter, voor de Indiërs was het voertuig luxeuzer dan wat ze tot dan toe gewend waren. De verovering van India werd Osamu’s grootste verdienste: Suzuki heeft in het land een marktaandeel van ruim 40 procent.
Osamu’s succes was niet alleen te danken aan slim inzetten op lokale markten en samenwerkingsverbanden aangaan met vaak grotere automerken, zoals General Motor en Volkswagen. De Japanner lette ook erg op de kleintjes. Managers droeg hij op om zo goedkoop mogelijk met de trein te reizen: als dat overstappen betekende, hadden ze pech. Rechtstreekse verbindingen waren nou eenmaal omgerekend zo’n 2 euro duurder.
Osamu zou het concern tot 2016 blijven leiden, als directievoorzitter. Hij moest het veld ruimen toen aan het licht kwam dat Suzuki valse testmethodes gebruikte om het brandstofverbruik van zijn auto’s vast te stellen. Maar zijn nalatenschap ging niet verloren: zijn toen 57-jarige zoon Toshihiro werd tot ceo van Suzuki benoemd, en Osamu bleef aan als bestuursvoorzitter tot 2021.
In een verklaring waarin hij uiteindelijk ook die functie neerlegde, schreef Osamu dat het bedrijf hem op elk moment kon bellen voor advies. Voortaan blijven die telefoontjes onbeantwoord.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant