is correspondent Verenigde Staten van de Volkskrant. Hij woont in New York.
Waar lopen de correspondenten van de Volkskrant tegenaan in hun dagelijkse leven? Vandaag: Thomas Rueb ervaart in Texas gelijkheid tijdens zijn vlucht met Southwest. First come, first serve.
Ze staren naar me. Allemaal. Terwijl ik me door de stampvolle cabine wurm, de roffel van mijn rolkoffer tegen vreemde knieën, voel ik de blikken van mijn medepassagiers branden. Woede? Ik ben de laatste die boardt. Nu bekruipt mij het gevoel dat ik, ergens onderweg, een ernstige fout heb begaan.
Nooit eerder vloog ik met Southwest Airlines. Maar ik ken de reputatie. De blauw-oranje parel van Texas, bejubeld en verafschuwd, doet de dingen net even anders.
Southwest verkondigde bij oprichting in 1971 ‘het luchtruim te democratiseren’. De maatschappij besloot geen klassen of vaste zitplekken aan te bieden. First come, first serve. Gelijkheid. Rijen vormen zich al een uur voor vertrek; moeie benen voor een mooie plek.
Maar ik wist het niet.
Een oudere vrouw aan het gangpad houdt mijn blik vast. Nee, besef ik nu, niet boos. Dit zijn blikken van mededogen.
De zitplaatsvrijheid maakte van Southwest een instituut. Dit wordt ook wel de meest Amerikáánse maatschappij genoemd. ‘Vrije zitplaatsen belonen durf en initiatief boven vermogen’, jubelde onlangs iemand in The Washington Post: ‘Quintessentially American.’
Ik bereik het einde van de cabine. Even denk ik dat mij helemaal geen stoel resteert – en dan zie ik ze. Twee Texaanse bikers in zwart leer, te dronken om overeind te zitten, te zwaar om naast elkaar te passen. Vlokken in hun grijze baarden. En tussen hen in: één vrije stoel.
Ik wurm me ertussen. Bier, zweet, sigaretten. De linkerman krijgt ogenblikkelijk de slappe lach. ‘Welkom’, walmt hij.
Niet iedereen omarmt Southwests egalitaire patriottisme. De inkomsten kelderen er al jaren, met 2024 als dieptepunt. Uit intern onderzoek blijkt bovendien dat 86 procent van de reizigers zitplaatsen en luxeklassen wil. Southwests aandeelhouders klagen over een ‘geantiqueerd systeem’ en ‘gemiste inkomsten’.
Het vliegtuig komt in beweging. De airco kan niet op tegen de Texaanse zon. Nog een cruciale fout: ik heb mijn jack nog aan. Vruchteloos probeer ik mijn armen aan de mouwen te ontworstelen. Muurvast. Ik zit klem. Nu begint ook rechts te bulderen.
Dit najaar zwichtte topman Bob Jordan eindelijk voor de druk. Het systeem van Southwest gaat na 50 jaar op de schop. Dat leidt tot opluchting én ophef. ‘On-Amerikaans’, kopte The Washington Post. ‘Een krachtige indicator van een verdwijnende nationale cultuur.’
Hyperbolisch, misschien. Maar ik snap het punt. In het land dat ik heb leren kennen, is gelijkheid ver weg. Degene die meer betaalt, krijgt hier meer. Bijna elk bedrijf biedt gradaties van luxe en service. Zelfs overheidsdiensten kennen vaak nog een ‘premium’-traject. Most paid, best served. Volgens topman Jordan is niet Southwest veranderd, maar Amerika.
Het teken riemen vast knipt uit. Staand stroop ik mijn jas af. Mijn buurmannen bestellen bier, ook voor mij. Nu lachen we alle drie. Rap vallen ze in slaap, die twee, deinende hoofden en natte baarden in mijn nek. Nog drie uur gelijkheid te gaan.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant