Home

Afschrikken is het doel van de asielwetten van Faber: maximaal verblijf naar drie jaar

Bijna een halfjaar na het aantreden van het kabinet-Schoof heeft minister Marjolein Faber (Asiel en Migratie, PVV) vrijdag dan toch haar eerste drie wetsvoorstellen door de ministerraad gekregen. Ze gaan nu voor advies naar de Raad van State. Wat staat erin?

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over justitie.

1. De Asielnoodmaatregelenwet

Het doel van deze wet is duidelijk: het kabinet wil dat het Nederlandse asielbeleid net zo streng wordt als in andere Europese landen, en liefst strenger. De voorbeeldlanden zijn Zweden en Denemarken, waar veel van deze maatregelen al werden genomen en het aantal asielaanvragen scherp daalde. Faber hoopt op dat effect.

Critici wijzen erop dat het zo niet zal gaan, nu vrijwel alle Europese landen hun regels verscherpen. Faber werpt tegen dat Europa als geheel dan minder asielzoekers zal aantrekken.

Dit staat in deze wet, een verzamelwet met diverse aanscherpingen van bestaande wetgeving:

De asielvergunning voor onbepaalde tijd wordt afgeschaft;

De geldigheidsduur van een asielvergunning voor bepaalde tijd wordt teruggebracht van vijf naar drie jaar;

De mogelijkheden om iemand ongewenst te verklaren na een veroordeling worden verruimd;

De voornemenprocedure wordt geschrapt. Dit is de aanzegging door immigratiedienst IND aan een asielzoeker dat de dienst voornemens is een aanvraag af te wijzen;

Een asielzoeker die een verblijfsstatus krijgt, kan meerderjarige kinderen en ongehuwde partners niet langer laten nareizen;

Nieuwe feiten en omstandigheden die tijdens de asielprocedure worden ingebracht, krijgen een strengere toets;

Asielzoekers die niet op een afspraak met de IND verschijnen, krijgen te horen dat hun asielaanvraag ongegrond is.

Een gelopen koers is dit alles zeker nog niet. Faber heeft in het voortraject veel betrokken adviesorganen en belangenorganisaties tegen zich in het harnas gejaagd. Zij heeft de gebruikelijke internetconsultatie overgeslagen, omdat zij ‘spoed’ nastreeft. De afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en de Raad voor de rechtspraak kregen slechts een week de tijd om het wetsvoorstel op uitvoerbaarheid na te lezen. Zij komen in een latere fase nog met nadere analyses, maar waren in hun eerste reacties ronduit negatief.

De Nederlandse Orde van Advocaten en de Adviesraad Migratie, dat een wettelijk mandaat heeft om naar wetsvoorstellen te kijken, zagen de wet zelfs helemaal niet langskomen. Voorzitter Monique Kremer van de Adviesraad Migratie noemde dat woensdag in een brief aan Faber ‘zorgelijk’. Ze kondigde aan alsnog met een advies te komen en vroeg daarvoor ‘een redelijke termijn te hanteren van zes tot acht weken’.

Vaker naar de rechter

De Raad van State waarschuwde eerder deze maand in haar consultatiereactie: ‘Er zal veel meer geprocedeerd gaan worden.’ De Raad voor de rechtspraak wees op de gevolgen van de kortere duur van een verblijfsvergunning: ‘De IND zal vaker moeten oordelen over verlengingsaanvragen. Hierdoor zal ook het aantal intrekkingen van asielvergunningen stijgen en daarmee ook het aantal beroepen bij de rechter tegen zo’n beslissing.’

NSC-Kamerlid Diederik Boomsma zei donderdag in een commissiedebat over asiel dat zijn fractie deze adviezen zeker nog gaat bestuderen. Naar NSC wordt met argusogen gekeken, omdat deze partij in de coalitie voortdurend het belang van deugdelijk bestuur en rechtsstatelijkheid benadrukt. Faber verzekerde hem: ‘Adviezen die later worden ontvangen, worden alsnog in het wetgevingsproces betrokken.’

Of de voorstellen dan in de huidige vorm overeind blijven, is maar zeer de vraag – ook al waarschuwde Wilders afgelopen week dat er ‘geen millimeter’ aan veranderd mag worden. ‘Anders gaan we terug naar de kiezer’, dreigde hij zelfs.

2. Het tweestatusstelsel

Tot de Vreemdelingenwet 2000 kende Nederland dit stelsel al. Wie persoonlijke vervolging heeft te vrezen, krijgt een A-status. Wie op de vlucht slaat voor oorlog of (natuur)geweld, krijgt een B-status. Die gaat per definitie uit van terugkeer op termijn naar het land van herkomst, zodra het daar veiliger is. Behalve de coalitie is ook oppositiepartij CDA voor dit stelsel, wat de noodzakelijke steun in de Eerste Kamer dichterbij brengt. Daar heeft de coalitie geen meerderheid.

Ook hier hoopt Faber op een afschrikwekkend effect. En ook hier wijzen critici vooral op praktische bezwaren. Zoals oud-staatssecretaris Job Cohen (PvdA), begin deze eeuw politiek verantwoordelijk voor de afschaffing van het stelsel. ‘Mensen die een B-status kregen (en daarmee minder rechten) gingen natuurlijk procederen om een A-status te krijgen’, aldus Cohen. ‘Die onderverdeling leidt dus tot meer bureaucratie. Dat zou ook nu gelden: eindeloze procedures en een langere periode van onzekerheid bij asielzoekers.’

De Nederlandse Orde van Advocaten, door Faber bij dit wetsvoorstel wel geconsulteerd, was begin deze maand duidelijk in haar reactie. De Orde ‘ontraadt de invoering van een tweestatusstelsel en het verbinden van strengere voorwaarden aan de nareis van gezinsleden van subsidiair beschermden’.

‘Grote werkverzwaring en hoge kosten’

De afdeling advisering van de Raad van State gaat nu naar het wetsvoorstel kijken, maar de afdeling bestuursrechtspraak deed al een korte uitvoeringstoets op de wet. Conclusie: ‘Duidelijk is nu al dat hoe dan ook veel meer geprocedeerd zal worden in beroepen bij de rechtbanken, en bij verlies in hoger beroep.’ Zij waarschuwt voor ‘een grote werkverzwaring en hoge kosten’.

De Raad voor de rechtspraak is ronduit afwijzend. In de tweede helft van januari komt deze Raad nog met een uitgebreide reactie, maar ze heeft ‘zeer grote bezwaren tegen de herinvoering van het tweestatusstelsel’. Het doorprocederen zal zowel de rechterlijke macht als de IND zwaar raken.

3. Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring

Asielzoekers die geen verblijfsvergunning krijgen, worden verplicht mee te werken aan hun terugkeer. In het uiterste geval kan detentie volgen.

Alle instanties wijzen erop dat de timing van de drie wetsvoorstellen ongelukkig is, nu per juni 2026 het Europese Migratiepact van kracht wordt. Dat vergt al allerlei aanpassingen van Nederlandse wetgeving, want vreemdelingen kunnen zich straks op dat Migratiepact beroepen. Dat deze wetten dat doorkruisen, is op z’n zachtst gezegd onhandig. Maar Faber houdt vol dat de situatie in de asielketen nu ‘onhoudbaar’ is. ‘We moeten dit snel weer beheersbaar maken.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next