De ‘onverschilligheidsbarrière’. Dat woord kwam ik deze week tegen in een nogal somber marktonderzoek naar duurzaamheid. Vergeleken met vorig jaar gaf hun representatieve plukje Nederlanders minder om milieu en klimaat. Zowel het vertrouwen in als het wantrouwen van merken die duurzaamheidsclaims doen nam af, wat me marktonderzoekiaans leek voor: ‘Ach, ja, whatever.’ Of, zoals het bijbehorende persbericht het uitdrukte: ‘Consumenten ervaren weinig daadkracht en urgentie bij de overheid en het bedrijfsleven nu er een ander politiek klimaat is ontstaan. Ze vragen zich af waarom je dan als consument wel in actie zou komen.’ En dat is dus die onverschilligheidsbarrière.
De term deed me denken aan een essay van de Amerikaanse schrijver Elad Nehorai die zich, even in mijn woorden, afvroeg waarom zijn landgenoten in godsfuckingvredesnaam voor een tweede keer een raaskallende, criminele fascist genaamd Donald Trump tot president hebben gekozen. Zijn vaststelling: veel Amerikanen voelen zich geen onderdeel meer van het politieke proces. Waar ze in 2020 massaal naar de stemhokjes kwamen om niet zozeer voor Joe Biden als wel bijzonder hartstochtelijk tegen Trump te stemmen, bleven velen nu thuis.
Over de auteur
Asha ten Broeke is wetenschapsjournalist en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De reden, schrijft Nehorai, is het idee dat het allemaal toch geen bal meer uitmaakt, gepaard met een sluipend gevoel van angst en onveiligheid die mensen raakt tot in de kern van hun zijn. Hij noemt het ‘existential dread’. Zeg maar: de diepe benauwdheid die je voelt wanneer je aan jezelf toegeeft dat je kinderen het slechter zullen krijgen dan jijzelf. Dat zelfs dingen waarvan we dachten dat ze er altijd zouden zijn – democratie, mensenrechten, een leefbare planeet, een toekomst – staan te wankelen.
Nehorai wijst er terecht op dat iedereen in coronatijd heeft kunnen zien wat overheden voor elkaar kunnen krijgen als ze vastberaden zijn. We merken dus ook, bewust of onbewust, dat de toenmalige kloekheid nu ver te zoeken is. Zelfs wanneer burgers met tienduizenden de straat opgaan – om te demonstreren tegen de klimaatcrisis of de genocide in Gaza – reageren machthebbers onaangedaan. Trump blijft gewoon belastingcadeaus bedenken voor miljardairs. Ons kabinet puzzelt verder aan vraagstukken als: wat zullen we vandaag eens om zeep helpen, het onderwijs of de zorg?
‘Dit alles heeft veel Amerikanen geleerd dat je macht niet kunt uitdagen, dat participatie zinloos is, dat de rijken rijk zullen blijven, en dat het klimaat blijft sterven’, schrijft Nehorai. ‘Het is uitputtend en pijnlijk om voor verandering te strijden als je oprecht voelt dat verandering er niet in zit en dat de problemen waar je mee geconfronteerd wordt je zowel bang als machteloos maken.’ Deze mensen stemmen en protesteren niet meer, negeren het nieuws. In plaats daarvan verstoppen ze zich onder een dekbed en kijken Netflix. Van buitenaf kan dat op onverschilligheid lijken, maar ik denk dat vermijding een beter woord is. Zelfbescherming.
Hier gebeurt hetzelfde. Nederlanders worden steeds minder hoopvol over de toekomst, constateerde het CBS. Het SCP: slechts 12 procent is optimistisch over de richting die ons land op gaat. Vorige week peilde EenVandaag dat zelfs onder de bovengemiddeld belangstellende leden van hun opiniepanel een kwart zegt het nieuws vaak te mijden. ‘Het is alleen maar ellende’, zei een deelnemer. Een ander: ‘Ik heb hier op dit moment toch geen invloed op.’ Nog iemand: ‘Ik bescherm mijzelf tegen grote somberheid en angst.’
Maar, lullige vraag misschien: wie of wat bescherm je dan? Niet jezelf, of althans: niet je toekomst, niet je kinderen, niet de aarde of alle systemen die we nodig hebben om in vrijheid een goed leven te leiden. Niet de kwetsbaarste mensen die rekenen op je solidariteit.
Schrijver Rebecca Solnit zei: ‘Wanhoop kan waar zijn als emotie, maar onjuist als analyse.’ De geschiedenis – de strijd voor vrouwenkiesrecht, voor burgerrechten, tegen apartheid, enzovoorts – leert dat burgers meer invloed hebben dan ze denken. We weten dat verandering vaak moeilijk is en langzaam gaat, maar ook dat ze altijd mogelijk is, zelfs waarschijnlijk – vooropgesteld dat wij, burgers, de macht gebruiken die we hebben, en die niet vrijwillig verruilen voor series kijken onder een dekentje.
Ja, strijden voor een betere wereld is soms zwaar. En eng. En pijnlijk. Maar het is niet zinloos. Het is niet hopeloos.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns