Het Openbaar Ministerie (OM) mag Sywert van Lienden en zijn twee compagnons vervolgen voor oplichting van het ministerie van Volksgezondheid. Dat heeft de rechter besloten tijdens de eerste zitting in het strafproces tegen Van Lienden, die zegt zich de kop-van-Jut te voelen.
Volgens de rechtbank in Rotterdam is het mogelijk dat de drie na de inhoudelijke behandeling van de zaak schuldig worden bevonden aan oplichting. Daardoor mag het OM de drie ondernemers hiervoor vervolgen.
Alleen als het vrijwel zeker zou zijn geweest dat ze later onschuldig worden verklaard, had de aanklacht van tafel gemogen. En zo zeker is dat niet volgens de rechter.
Mediapersoonlijkheid Van Lienden en zijn zakenpartners Camille van Gestel en Bernd Damme sloten in het voorjaar van 2020 een deal met het ministerie voor de levering van 40 miljoen mondkapjes voor 100 miljoen euro. De coronapandemie was net uitgebroken en het ministerie was naarstig op zoek naar medische hulpmiddelen zoals mondmaskers.
Van Lienden zei deze snel te kunnen leveren en richtte hiervoor de non-profit stichting SHA op. Hij werkte in dit verband samen met diverse bedrijven, waaronder Coolblue en Randstad, dat bijvoorbeeld gratis personeel beschikbaar stelde.
In de media zei hij dat ze het 'om niet' zouden doen. Later bleek dat de drie ondernemers ieder miljoenen euro's winst hadden gemaakt door een commerciële BV te gebruiken om de deal te sluiten in plaats van een non-profit stichting. Het kwam ze op veel kritiek te staan. Later zijn ze zelfs gearresteerd en in de cel beland. Ook is beslag gelegd op hun bezittingen.
Eerder dit jaar besloot het OM om de drie strafrechtelijk te vervolgen. Volgens de advocaten van het trio is die vervolging onterecht.
Ze wijzen erop dat diverse bewindslieden en ambtenaren wisten dat ze met de BV van Van Lienden te maken hadden en niet met de stichting. Dit betekent volgens hen dat het ministerie wist van de winst en daar geen problemen mee had. Daarom kan van oplichting geen sprake zijn.
De advocaten stellen bovendien dat de Staat geen aangifte heeft gedaan en dat de zaak vooral is ingegeven door de ophef in de media. Van Lienden noemde het donderdag "trial by media". "Ik ben de kop-van-Jut. Mijn gezin en ik lijden daaronder."
Verder stellen ze dat andere bedrijven ook medische hulpmiddelen hebben geleverd in coronatijd en daar wel winst op mochten maken.
Maar volgens het OM ligt de zaak anders. De advocaat stelt dat Van Lienden en zijn partners bewust verwarring hebben gecreëerd door de BV en de stichting continu door elkaar te gebruiken en te presenteren. Dat zou ook blijken uit opnames die in handen zijn van Justitie.
Verder wijst het OM erop dat de Staat weliswaar geen aangifte heeft gedaan, maar dat het wel een melding heeft gedaan bij het OM. Ook zouden andere bedrijven nooit belangeloos hebben meegeholpen als ze wisten dat de drie winst zouden maken.
De rechter vond dat het OM "niet lichtvaardig" heeft besloten om het ondernemerstrio te vervolgen. "De argumenten (van Van Lienden & Co, red.) hebben een zekere kracht. Maar de officier van justitie heeft deze met kracht bestreden", aldus de rechter.
Dit betekent niet dat het ondernemerstrio daadwerkelijk schuldig wordt bevonden. De rechter heeft alleen gezegd dat er genoeg aanleiding is om Justitie toestemming te geven de drie te vervolgen voor oplichting.
Overigens worden drie ook verdacht van witwassen, verduistering en valsheid in geschrifte. Die aanklachten stonden donderdag niet ter discussie.
Naast een strafzaak loopt er ook nog een civiele zaak tegen Van Lienden & Co. Daarin eist de Staat 29 miljoen euro terug. Dat is het bedrag dat het trio netto zou hebben overgehouden aan de deal. De rechter doet in deze zaak op 5 februari uitspraak, tenzij de partijen in de tussentijd een schikking weten te treffen.
Source: Nu.nl economisch