Om het verlies aan biodiversiteit te stoppen, is een diepe, fundamentele verandering nodig van de manier waarop de mens de natuurlijke wereld ziet en behandelt. Dat stelt een nieuw, gezaghebbend VN-rapport, dat woensdag verschijnt en is goedgekeurd door 147 landen.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over het Middellandse Zeegebied en migratie, natuur en milieu.
De huidige manier om de natuur te beschermen schiet tekort, volgens de wetenschappers van het Intergouvernementeel Platform voor Biodiversiteit en Ecosysteemdiensten (IPBES), die het rapport opstelden.
Tot nu toe is het immers niet gelukt de wereldwijde afbraak van de natuur te stoppen. Daardoor bestaat er een ‘ernstig risico’ dat de aarde onomkeerbare kantelpunten overgaat, zoals het afsterven van ondiepe koraalriffen of het Amazonewoud.
De Verenigde Naties stelden zichzelf al diverse malen doelen om de teloorgang van de natuur te stoppen. Zo werd eind 2022 het Kunming-Montreal-akkoord gesloten. Daarin spraken 196 VN-lidstaten af ten minste 30 procent van het aardoppervlak te beschermen in 2030.
Het tempo waarin er natuurgebieden bij komen, ligt echter veel te laag: sinds 2020 kwam er slechts 0,5 procent bij, voor zowel land als zee. Op dit moment is 17,6 procent van het land en de binnenwateren beschermd, en 8,4 procent van de oceanen en kustzones.
Uit het nieuwe biodiversiteitsrapport blijkt dat er sprake is van een wereldwijd motivatieprobleem voor natuurbescherming. Daarom zijn de wetenschappers op zoek gegaan naar de onderliggende oorzaken voor het natuurverlies.
‘We kunnen dit probleem alleen aanpakken als we niet enkel aan symptoombestrijding doen’, zegt Esther Turnhout, hoogleraar aan de Universiteit Twente. Zij is een van de ruim 100 auteurs die meeschreven aan dit IPBES-rapport.
Het sleutelbegrip in het rapport is ‘transformatieve verandering’. Wat betekent dat?
Turnhout: ‘Daarmee bedoelen we veranderingen die aangrijpen op de diepere, onderliggende oorzaken van natuurverlies. Wij zien drie van zulke hoofdoorzaken.
‘De eerste is de dominantie van specifieke mensen over de natuur en over andere mensen. De tweede oorzaak is de concentratie van macht en geld en kapitaal. Dat leidt tot overproductie en overconsumptie. En ook tot obstructie: de gevestigde belangen zetten in op lobby, misinformatie en machtsbehoud.
‘En de derde oorzaak is het individualisme en het materiële kortetermijndenken.’
Hoe kunnen we dat ooit doorbreken in de wereld waarin we nu leven? Er worden juist veel politici verkozen die een tegengesteld geluid laten horen; die helemaal niet staan voor minder consumptie of minder machtsconcentratie.
‘Ik ben niet zo fatalistisch om te denken dat de wereld niet zou kunnen veranderen. Er veranderen wel degelijk dingen. We kunnen kapitaal gaan belasten, of schadelijke subsidies afschaffen.
‘Het debat over biodiversiteit heeft parallellen met andere grote veranderingen uit het verleden. Zoals de afschaffing van slavernij. Ook toen werd er gezegd: dat is wel heel radicaal, het gaat ten koste van zoveel, kunnen we slavernij niet gewoon een beetje minder erg maken?
‘Dat is wat nu ook aan het doen zijn. We maken de natuurvernietiging een beetje minder erg. Maar op een gegeven moment zal er een sociale beweging komen die sterk genoeg is, gecombineerd met een politicus met lef, en zal er een kantelpunt komen.’
Waar zou die verandering kunnen beginnen?
‘We zouden bijvoorbeeld moeten ophouden met het subsidiëren van de vernietiging van de natuur. Dat is geen verrassing: het staat al in talloze eerdere rapporten.
‘Nu geven we veel meer geld uit aan de vernietiging van de natuur dan aan de bescherming ervan. Denk aan de subsidies op landbouw, visserij en ook olie en gas. (Het IPBS-rapport noemt een totaal wereldwijd subsidiebedrag van 1,4 tot 3,3 biljoen dollar per jaar, red.)
‘Ik denk dat we dicht bij het punt zitten waarop men ziet dat dit gewoon niet langer zo kan. Ook in Nederland zijn er grote economische spelers, zoals Tata Steel of Schiphol of de landbouw, die heel concrete effecten hebben op natuur, milieu en de gezondheid van mensen. Die schade aanrichten.’
Hoe zou Nederland eruit moeten zien, in de visie van dit rapport?
‘Wij putten uit de wetenschappelijke literatuur die er bestaat over economieën van het sufficiëntie, van het genoeg. Je kunt je afvragen: waar zetten we de productiecapaciteit voor in? Voor onderwijs? Voor de natuur? Voor duurzame huizen? Of voor suv’s, luxe jachten en artificiële intelligentie?
‘Dat zijn de keuzes die je maakt. Er zijn studies verschenen die aantonen dat het lastig is en te lang duurt om ons hele energieverbruik te elektrificeren en hernieuwbaar te maken. We moeten minder energie gaan gebruiken. En uit weer andere studies blijkt dat niemand dan een slecht leven hoeft te leiden. Zolang je wat er is, eerlijk verdeelt.’
Is er een voorbeeld te geven van een plek op aarde waar men erin is geslaagd het roer om te gooien, weg van het consumentisme?
‘Costa Rica is er bijvoorbeeld in geslaagd om de afname van biodiversiteit en natuurverlies om te buigen. Maar geen enkel voorbeeld is perfect, het is een proces.’
Waar put u hoop uit?
‘Ik was eigenlijk best sceptisch, toen IPBES twaalf jaar geleden werd opgericht. Er waren al zo veel biodiversiteitsrapporten. Maar het heeft me positief verrast. Ik had nooit gedacht dat we twaalf jaar later een rapport over dit onderwerp zouden uitbrengen; op verzoek van de overheden van al die landen. Want die hebben hierom hebben gevraagd. En die hebben ook de samenvatting goedgekeurd, zonder al te veel verwatering. Dat vind ik betekenisvol en hoopvol.’
Source: Volkskrant