Home

Een profvoetbalclub voor alleen vrouwen is historische stap dichterbij, maar heeft ook veel haast

Hera United, de profclub voor alleen vrouwen, is weer een stap dichterbij. Het doel is om volgend seizoen te starten, en dat is volgens de club ook nodig omdat buiten Nederland het vrouwenvoetbal zich razendsnel ontwikkelt.

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft over voetbal en handbal.

De seizoenkaarten zijn al te bestellen bij Hera United. Of de profclub voor alleen vrouwen volgend seizoen kan starten is nog niet zeker, maar fans van het pré-eerste uur hoeven zich daardoor niet tegen te laten houden. Voor 99,95 euro verzekeren ze zich van toegang tot alle thuiswedstrijden en sjaals en petten kunnen ze er ook al bestellen.

Het past precies in het plaatje van Hera United, want zonder optimisme zou bedenker Marieke Visser er nooit aan zijn begonnen. Alleen grote dromers kunnen een plan bedenken om in Nederland een vrouwenprofclub uit de grond te stampen, met de ambitie om de Champions League te winnen en ondertussen het Nederlandse vrouwenvoetbal op de kop te zetten. Toch is die droom maandag een flink stuk dichterbij gekomen.

De 34 bestaande profclubs besloten in Zeist dat het in de toekomst – op zijn vroegst vanaf het seizoen ‘25/’26 – mogelijk moet worden om uitsluitend aan het betaald vrouwenvoetbal mee te doen. Nu kan dat alleen als clubs ook een mannenafdeling hebben. ‘Een historisch besluit’, zei Marianne van Leeuwen, directeur betaald van de KNVB.

Maakt het uit dat een club alleen met vrouwen aan het betaald voetbal mee kan doen? Volgens Hera’s initiatiefnemers wel. Profclubs als Ajax, FC Utrecht, Heerenveen investeren weliswaar in vrouwenteams, maar zij vinden dat die er te vaak bij hangen. Clubs verdienen met de mannen ook het meeste geld, maar Hera denkt dat er veel meer uit het vrouwenvoetbal kan worden gehaald als een organisatie zich daarop richt.

Een wereld te winnen

Wie nu naar de vrouwen-eredivisie kijkt, ziet meteen dat er een wereld is te winnen. Bij de meeste eredivisieduels is nauwelijks publiek aanwezig, op de verlaten amateurcomplexen waar de vrouwen voetballen is de sfeer ver te zoeken. Bepaald geen beeld waar tv-zenders miljoenen voor uit willen trekken.

Hera wil die ‘vicieuze cirkel’ doorbreken en laat zich daarbij inspireren door internationale ontwikkelingen. De markt voor vrouwensporten staat nog in de kinderschoenen, maar groeit wel en er zijn overal initiatieven om er nog meer uit te halen. Zo zegde de Europese voetbalbond Uefa onlangs toe om tot 2030 een miljard euro in de sport te stoppen.

Heras’ grote voorbeeld is de Amerikaanse club Angel City, dat in twee jaar tijd 250 miljoen dollar waard is geworden. In de Verenigde Staten zijn alle vrouwenclubs stand alone – dus ze maken geen onderdeel uit van een organisatie met ook een mannenploeg – en die ontwikkeling is naar Europa aan het overwaaien. Bij Olympique Lyon staat het vrouwenteam, dat tot de Europese top behoort, sinds kort op eigen benen.

De bestaande Nederlandse profclubs zijn het nu in principe eens dat Hera – of andere clubs – de kans moeten krijgen om zich te bewijzen en toe te treden tot het betaalde voetbal. De nieuwe club denkt dat ze daar volgend seizoen al klaar voor zal zijn, Hera heeft sinds kort een driekoppige directie en zegt dat investeerders en sponsoren klaar staan om in te stappen. Maar of seizoenkaarthouders volgend jaar echt naar Hera toe kunnen, is absoluut nog niet zeker.

Meebeslissen

De clubs deden ook iets niet: ze stemden nog niet over concrete wijzigingen van de reglementen en die zijn wel nodig. Belangrijkste is dat de KNVB een systeem moet optuigen waardoor de besluiten over het mannen- en vrouwenprofvoetbal worden gescheiden. Zo kan worden voorkomen dat vrouwenclubs meebeslissen over zaken die alleen de mannenclubs betreffen. Bijvoorbeeld de tv-rechten, waar miljoenen mee zijn gemoeid.

Hera wil starten vanaf het seizoen ‘25/’26, daarvoor moeten de reglementen uiterlijk komende zomer zijn aangepast. ‘We streven ernaar dat mogelijk te maken, dat hebben we met elkaar afgesproken’, zegt Van Leeuwen. ‘Maar ik kan niks garanderen, uiteindelijk beslissen de clubs hierover.’

‘Misschien ben ik naïef’, zegt Hera-oprichter Visser. ‘Maar wij willen helemaal niet meebeslissen over het mannenvoetbal. Dus ik hoop dat we daar een snelle, niet al te ingewikkelde oplossing voor kunnen vinden.’

Licentie-eisen van de KNVB

De club moet op haar beurt ook nog volop aan de bak, om aan de licentie-eisen van de KNVB te voldoen. Hera werkt sinds dit jaar samen met Telstar, dat met het vrouwenteam al in de eredivisie speelt. Het is de bedoeling dat de vrouwenlicentie van Telstar overgaat naar de nieuwe club en het team wordt verplaatst van Velsen naar Amsterdam.

Daar zal Hera deels in het Olympisch Stadion gaan spelen, maar er moet nog een kleinere thuisbasis in Amsterdam worden geregeld. De organisatie moet nog verder uit de grond worden gestampt en de financiering definitief worden geregeld.

‘Juist daarom is het belangrijk om volgend jaar te beginnen’, zegt Visser. ‘Onze investeerders en potentiële sponsoren gaan daarvan uit. Misschien kunnen we het nog een seizoen uitzingen, maar er is ook een risico dat het einde verhaal is. En langer wachten kan ook niet, want buiten Nederland gaat de ontwikkeling van het vrouwenvoetbal razendsnel.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next