Home

Om de ontastbare dood tastbaar te maken verkent zanger Nick Cave een nieuw medium: de beeldhouwkunst

Niet alleen in zijn muziek, maar ook in de beeldhouwkunst van Nick Cave zijn leven en dood onlosmakelijk met elkaar verbonden. Museum Voorlinden kocht een reeks van zijn beeldjes aan, The Devil: A Life. Hoogstpersoonlijk werk, dat direct in relatie staat tot de verliezen die Cave geleden heeft.

In de eerste zin van het boek Faith, Hope and Carnage, een serie gesprekken tussen Seán O’Hagan en Nick Cave, laat Cave er geen twijfel over bestaan: ‘interviews suck’. Toch een beetje ongemakkelijk voor het handjevol journalisten dat op vrijdagochtend in Museum Voorlinden wacht op een van de grootste rocksterren van onze tijd. Hier presenteert Cave vandaag een verzameling beeldjes die hij maakte, en staat bij de opening van de expositie pers en fans te woord. Maar: ‘Hij is eerst nog even koffie halen en naar het toilet’, aldus een medewerker van het museum. Zelfs Nick Cave is mens. Een geruststellende gedachte.

Maar als Cave een paar minuten later het trapje naar het podium beklimt, is het toch meer alsof er een ongrijpbare godheid ten tonele verschijnt dan een gewone man. Hij draagt zijn kenmerkende zwarte pak, en zijn zwarte, strak naar achter gekamde haar contrasteert scherp met zijn bleke gelaat. Hij zou zo zelf een beeldje kunnen zijn.

Liefde en hoop

Cave is een superster. Met zijn band Nick Cave and the Bad Seeds heeft hij achttien albums uitgebracht en talloze hits geproduceerd, zoals The Mercy Seat (1988) en Where the Wild Roses Grow (1995), waarmee hij een toegewijde fanschare opbouwde. In de loop der jaren is de thematiek in zijn teksten veranderd. Waar hij in de jaren tachtig steevast zong over moord en dood, beweegt een ouder wordende Cave zich steeds meer richting religie, spiritualiteit, liefde en hoop. Toch blijven die duistere onderwerpen uit het begin altijd deel uitmaken van zijn werk.

Al in 1999 sprak hij bij een speech in Wenen over de constante aanwezigheid van de dood in zijn leven. ‘Mijn artistieke leven heeft zich gecentreerd rond een poging om een bijna tastbaar gevoel te verwoorden. In mijn wereld werd een groot gapend gat geblazen door de onverwachte dood van mijn vader toen ik 19 was.’ Vervolgens stierf Caves zoon Arthur in 2015 na een val van een klif in de buurt van hun huis in Brighton. In 2020 overleed zijn moeder en twee jaar later, in 2022, stierf ook een tweede zoon, Jethro. Leven en dood zijn in het werk van Cave innig verbonden.

De beeldenreeks die Nick Cave nu in Museum Voorlinden presenteert, The Devil: A Life komt voort uit de persoonlijke verliezen die Cave in zijn leven heeft meegemaakt. Hij begon aan het project om keramische figuren te maken in de stijl van ‘Staffordshire figures’ – massa-geproduceerde beeldjes die in de 18de en 19de eeuw op vele Engelse schoorsteenmantels prijkten – op de dag dat zijn moeder overleed.

Het leven van de duivel

De zeventien werken vormen een visueel verhaal over de duivel, van zijn geboorte tot aan zijn dood. De duivel ontwaakt, erft de wereld, groeit op, verleidt een vrouw, vecht met een leeuw, trekt naar de oorlog, keert, uitgedost met medailles, terug en neemt een bruid. Dan slaat de toon van de serie om. De duivel doodt zijn kind, raakt vervreemd van de wereld, vervalt in berouw, danst zijn laatste dans en sterft. Het laatste beeld toont de duivel, aangespoeld aan een onbekende oever, met een kind dat zijn hand uitsteekt naar het levenloze lichaam. Devil Forgiven, heet het: de duivel is vergeven.

‘De serie is universeel en toch persoonlijk’, vertelt Cave. Elk duivelsfiguurtje symboliseert volgens hem de mens. Het werk gaat over menselijke lusten en ambities, over het machiavelliaanse idee dat er in iedereen goed én kwaad schuilt, over de schuld die een ouder draagt voor de dood van een kind en over vergeving. ‘De beeldjes vertellen een verhaal over een gebroken leven dat betekenis krijgt door tegenslag. De behoefte om vergeven te worden loopt er als een rode draad doorheen’, zegt Cave erover in Faith, Hope and Carnage.

De tastbaarheid van de beeldjes vormt een van de belangrijkste verschillen tussen deze nieuwe kunstvorm en zijn muziek. In Faith, Hope and Carnage zegt Cave: ‘Ik had een medium gevonden dat me aansprak. Het voelde bevrijdend en genezend. Ik maakte een ding – een fysiek object dat ik in mijn handen kon houden en dat op het einde op zichzelf zou bestaan.’ Je kunt je afvragen of dit medium misschien zelfs beter geschikt is om dat ‘bijna tastbare gevoel’ waar hij in 1999 over sprak vorm te geven.

De behoefte om de beeldjes aan te raken, om het materiaal, de gladheid van de keramiek en de scherpe hoorntjes van de duiveltjes te voelen, is inderdaad sterk. ‘You’re not allowed!’, antwoordt Cave, half grappend, half serieus. Hij vindt het spannend om de beelden achter te laten, vertelt hij. Ze zijn zó persoonlijk, en letterlijk en figuurlijk fragiel. Maar de beeldjes staan nu veilig in het Voorlinden en Cave is er klaar voor om ze aan de wereld te laten zien.

De expositie The Devil: A Life is tot en met 9/3 te zien in Museum Voorlinden.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next