Home

Kerstdis met een wrange bijsmaak: voor elke gevangen platvis stierven 38 andere zeedieren

Terwijl de Tweede Kamer zich boog over een verbod op het levend koken van kreeft en krab, hielp de wetenschap een handje met de keuze voor het kerstmenu.

De rapen zijn weer gaar: half Nederland zit dit weekend met Ottolenghi en Sergio Herman (en de Allerhande) op schoot, en met de prangende vraag welke achtgangenmaaltijd ze de andere helft van Nederland met de kerst moeten voorschotelen. De wetenschap hielp deze week een handje met een, onbedoeld, keuzemenu.

Zo staat de culi voor de vraag: wil ik echt dat voor mijn exquise sole meunière maar liefst 38 andere zeedieren zijn gestorven, voordat-ie op mijn bordje ligt? Want dat is wat de Tilburgse milieu-economen Ben Vollaard en Aart de Zeeuw deze week becijferden in economisch vaktijdschrift ESB: voor elke verkochte platvis vonden 38 andere zeedieren de dood.

Het gaat om zee- en slangsterren, jonge platvissen, zee-egels, krabben en kreeften, maar ook om zeepaardjes en doornhaaien tot een meter groot. Ze zitten tot twee uur samengeperst in een net. ‘Het plotselinge drukverschil bij het omhooghalen van het net en het selectieproces aan boord wordt veel van de teruggooi te veel’, schrijven de onderzoekers.

In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.

Vooral onverkoopbare, te kleine, vis heeft een sterftekans van ongeveer 90 procent (de verkoopbare overigens van 100 procent). De invloed op de natuur van de Noordzee is volgens de auteurs groot, omdat deze vis zich nog niet heeft kunnen reproduceren.

Nog een toetje: ‘Opgeteld komen voor de weekvangst van één platviskotter ongeveer 1,2 miljoen andere zeedieren ook in het net terecht, waarvan er 420 duizend het leven laten. Op dit moment zijn een kleine vijftig platviskotters actief.’

Prettige maaltijd verder.

De Tweede Kamer boog zich deze week ook al over de dis. Alle partijen (op FvD na) vroegen staatssecretaris Jean Rummenie van Visserij (niet voor het eerst) om een verbod op het levend koken van krabben en kreeften. Geheel volgens de BBB-strategie van talmen en vertragen wil Rummenie wachten tot een ‘wetenschappelijk onderbouwd, praktisch en werkbaar’ alternatief beschikbaar komt.

Aan de Wageningen Universiteit onderzoeken ze of de dieren elektrisch bedwelmd kunnen worden, voordat ze levend de pan in gaan. Dat loopt al een jaar, maar volgens de staatssecretaris hebben de onderzoekers nog twee jaar nodig voor ze eruit zijn. Vier jaar, schrijven ze zelf in een eerste rapport.

Dat rapport leest als het verslag van een obductie. Kreeften en krabben hebben geen centraal zenuwstelsel zoals wij, maar een reeks zenuwknooppunten, verspreid over het lijf. Daarom helpt onthoofden of het doorklieven met een mes of priem ook niet: pijnprikkels kunnen daarna nog actief blijven. En dus staan Wageningse wetenschappers nog drie jaar kreeften te koken die eerst 1 of 10 seconden onder 220 volt hebben gestaan in de Crustastun, een efficiënte ‘magnetron’ die het vuile werkje efficiënt verricht, om te zien hoe lekker kreeften dat vinden.

Zelf deed ik ook een onderzoekje: lopend langs de vloedlijn van Scheveningen legde ik in een willekeurige steekproef tien kreeften en krabben de vraag voor hoe zij het liefst levend gekookt werden: eerst bedwelmd, of toch liever eerst doorkliefd met een lang mes en een priem in de kop. De uitslag was verrassend: alle ondervraagden zouden liever blijven leven. Die keuze stond niet op het menu, maar elke aspirant-culi kan hem deze kerst zelf nog maken.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next