Home

Ingrid zag hoe haar man leed onder parkinson. Wie was zij dan om hem hier te houden?

Toen haar man Mark de diagnose parkinson kreeg, betekende dat voor hem letterlijk het einde. Anderhalf jaar later koos hij voor euthanasie. Nu hij er niet meer is, probeert Ingrid het alleen-zijn om te denken in een stukje vrijheid.

interviewt nabestaanden voor haar rubriek Leven na de dood in Volkskrant Magazine

Ingrid Venner (61, gepensioneerd basisschooldocent): ‘Mark was een heel slimme man, cum laude gepromoveerd aan Princeton nadat hij in Delft lucht- en ruimtevaarttechniek had gestudeerd.

Hij deed de dingen graag perfect, óf hij deed ze niet – matig kwam in zijn woordenboek niet voor. Dus toen in 2020 de ziekte van Parkinson bij hem werd geconstateerd, was dat voor hem onverdraaglijk, omdat hij afscheid zou moeten nemen van wie hij was.

Leven na de dood is een rubriek in Volkskrant Magazine over rouwen en leven. Reacties: e.vanveen@volkskrant.nl

‘Hij zou niet meer goed uit zijn woorden komen, mensen zouden hem blikken toewerpen om zijn stramme armen die onnatuurlijk langs je lichaam gaan hangen.

‘Zodoende stopte hij zijn handen in zijn zakken – niemand mocht weten van zijn ziekte, van de aftakeling die hem te wachten stond. En dat hij uiteindelijk voor euthanasie koos, anderhalf jaar na de diagnose, deelde hij met niemand. Hij was pas 59, maar voor hem was het leven met ‘die ziekte’ klaar.

Diner voor expats

‘We leerden elkaar in 1998 kennen in Oman, waar we allebei werkten; Mark als ingenieur voor een oliemaatschappij, ik als leerkracht op een internationale school.

‘Tijdens een diner voor expats, we waren allebei 36 en vrijgezel, kwamen we tegenover elkaar te zitten. De chemie kwam door Princeton, waar ik, vers van de pabo in Brabant, als au pair een geweldige tijd had gehad. We hadden meteen een leuk gesprek.

‘Een rustige man, merkte ik, maar toen ik hem later op een feest met de band zag meezingen, wist ik dat hij ook gek kon doen. Af en toe, dan: hij was het gelukkigst met een kop koffie en de krant. Hij was bedachtzaam, ik hou van reuring. We vulden elkaar goed aan.

‘Toen hij werd overgeplaatst naar Damascus, vroeg hij of ik meeging. ‘Ja, maar niet als vriendin’, was mijn antwoord. Anderhalf jaar later, in 2001, zijn we getrouwd. Kinderen zijn er niet gekomen, maar daar hadden we allebei vrede mee. We hebben over de hele wereld gewoond; na het Midden-Oosten werd het Brunei en Rusland. We hebben prachtige, avontuurlijke reizen gemaakt en genoten van elkaar en van het goede leven.

Met vervroegd pensioen

‘In 2015 kwamen we terug naar Nederland, waar we een huis hadden in Den Haag. Mark heeft nog een jaar gewerkt en ging toen, hij was 54, met vervroegd pensioen. Een goede tijd volgde. Mark ontdekte de maaltijdbox en hoewel hij nooit eerder had gekookt, stond hij nu ’s avonds trots met zijn schort voor als ik thuiskwam van mijn werk. En als hij geen zin had om te koken, aten we een hapje in de stad.

‘Maar langzaamaan veranderde er iets. Mark was sneller moe, had geen zin meer in etentjes met vrienden. Hij ging strammer lopen en soms, in een flits, dacht ik: een oude man.

‘Hij werd ook onzeker. Toen we eens met vrienden en familie Kerst vierden in Ootmarsum, vroeg hij na het ontbijt: mag ik nu douchen? En toen hij boodschappen ging doen, vroeg hij van tevoren aan mij precies waar alles lag in de supermarkt. Vrienden die erbij waren, viel het ineens op. Maar ik had het al geleidelijk zien gebeuren: zijn gezicht werd mat en grauw, zijn levenslust verdween.

De diagnose parkinson

‘In september 2020 werd de diagnose parkinson gesteld. Dat betekende voor Mark het einde, letterlijk. Het feit dat hij achteruit zou gaan vond hij verschrikkelijk.

‘Ik wil geen prins Claus worden’, heeft hij herhaaldelijk gezegd. Genieten van buiten de deur eten deed hij niet meer, uit angst bestek te laten vallen of iets anders te doen wat niet hoort. Stel dat mensen dat zouden zíén.

‘Een nordic walking-stick bij het wandelen, zoals ik suggereerde? Geen denken aan. Het liefst zat hij binnen op de bank met de tv aan. Het fijnste moment van de dag was voor hem de avond. Dan werd er niets meer van hem verwacht.

‘Ik dreigde in zijn isolement te worden meegezogen. Mark voelde zich tekortschieten als echtgenoot en dat bracht spanningen met zich mee. Het was een verdrietige beslissing, maar ik ben apart gaan wonen, in een appartement iets verderop. Ik moest mezelf beschermen en alle energie bewaren om naast Mark te kunnen staan.

‘Niet iedereen in onze omgeving begreep dat, dat heeft wel pijn gedaan. De maatschappij verwacht dat je bij je man blijft als hij ziek wordt, maar ik voelde dat dat voor ons allebei niet het beste was.

‘Tijdens ons huwelijk is er een gedicht voorgedragen met de regel: ‘De eik en de cipres groeien niet in elkaars schaduw.’ Zo was het voor ons ook. We hadden allebei wat meer ruimte nodig. Mark wilde ook niet dat ik zijn mantelzorger zou worden, ik was zijn vrouw. Het leek hem verschrikkelijk om afhankelijk te worden, van wie dan ook. Ik heb het besluit uit liefde genomen en zo heeft Mark het ook altijd gevoeld.

Glas helemaal leeg

‘Ik ben in die tijd begonnen met hardlopen om mijn hoofd leeg te maken, dat deed me goed. En ik weet nog dat ik ’s ochtends over het strand rende, bij een prachtige zonsopgang, en dacht: hoe kun je hier nou niet van genieten, waarom gooi je het bijltje erbij neer?

‘Het glas was voor Mark altijd al halfleeg waar het bij mij halfvol was, en nu was het voor hem helemáál leeg. Maar dat was ook het moment dat ik me realiseerde: het is zijn pad, niet het mijne. De achteruitgang van zijn brein was voor Mark een grote nachtmerrie. Ik zag hem lijden. Wie was ik om hem hier te houden?

‘Ik heb mijn eigen overtuigingen losgelaten en ben op zijn pad mee gaan lopen. Toen hij voor euthanasie koos, kon ik dat accepteren. Sterker: ik ben naast hem gaan staan. De avond ervoor hebben we champagne gedronken en getoost op 22 prachtige jaren samen. Mark heeft me bedankt dat ik er altijd voor hem ben geweest. Hij zei ook: Je moet gaan genieten.

Het moeilijkste moment

‘Het eerste jaar ben ik daar weleens boos om geweest. Genieten, hóé dan? Het moeilijkste moment is nog steeds ’s avonds naar bed gaan. Ik ben terugverhuisd naar het huis van ons samen en daar, in de slaapkamer, is het bed zo verschrikkelijk leeg zonder Mark. Maar ik doe mijn best, ik probeer het alleen-zijn om te denken in een stukje vrijheid.

‘Ik zal altijd dankbaar blijven dat ik een stuk met Mark heb mogen meelopen op zijn pad. En het is net als met hardlopen: in het begin voerde ik vooral strijd, nu kan ik ook loslaten en zelfs genieten. Van reizen bijvoorbeeld, al doe ik dat nu alleen.

‘Ik verheug me op een cruise door de fjorden van Alaska en afgelopen zomer heb ik gewandeld in Noord-Spanje. Na vier weken en 440 kilometer ben ik gestopt. De route ging de bossen in, dat vond ik, na wekenlang het kustpad te hebben gevolgd, benauwend. Het is mooi geweest, dacht ik. Ik wil de ruimte houden die ik nu heb.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next