Het is een bijzonder jaar voor Mattias Ekström. De Zweedse coureur staat bekend als een echte Audi-legende, maar na het terugtrekken van het merk uit bijna alle raceklassen behalve de Formule 1 moest hij elders onderdak zien te vinden. Ford pikte hem op en biedt hem een plek in de imposante line-up voor de Dakar. Met hem staan namelijk ook Carlos Sainz sr. en Nani Roma in de opstelling voor de komende editie. Motorsport.com sprak met de 46-jarige coureur over de overstap naar Ford en de komende Dakar.
"Ik ben op zoveel manieren enthousiast", begint Ekström als hij vertelt over zijn stap naar Ford. "Het belangrijkste is natuurlijk de Dakar, maar Ford heeft een groot motorsportportfolio. Ik moet toegeven dat sinds we besloten om samen te werken, ik ben gaan kijken naar wat ze nog meer in de motorsport doen. Daar word ik enthousiast van. Ik ben een groot NASCAR-fan en ik volg die klasse nauwgezet. En als je in Europa woont en je mijn DTM-historie kent, dan hoef ik niet te zeggen dat ik DTM ook wel volg. Dan is WRC er ook nog. Tijdens een evenement heb ik al de oude Escort MK2 mogen rijden." Al deze kansen geven hem een uitstekend gevoel: "Ik dacht dat ik al in het paradijs was, maar ik ben nu in een nog groter paradijs."
Hoewel Ford aan meerdere mooie raceklassen meedoet, is Ekström voorlopig volop bezig met de Dakar. Begin oktober deed hij voor het eerst met de Raptor mee aan een rally, de Rallye du Maroc. De auto beviel hem daar uitstekend. "Als het gaat over de bestuurbaarheid, dan zeg ik altijd 'hoe meer plezier je achter het stuur hebt, hoe beter'. Wanneer dat goed is, dan is het vaak zo dat ik het qua resultaten goed doe", legt Ekström uit. "De bestuurbaarheid is geweldig. Op het gebied van het chassis heb ik het gevoel dat ik kan rijden zoals ik graag wil. In de bochten stuurt hij heel direct."
Mattias Ekstrom, M Sport
Foto door: DPPI
In Marokko was het eindresultaat niet heel belangrijk voor Ekström. De rijder uit Falun gelooft dat in de Dakar pas duidelijk wordt wat de onderlingen verhoudingen gaan zijn. Wel is hij ervan overtuigd dat Ford goed voor de dag komt. "Daarom ben ik ook zo blij. In mijn wereld gaan we competitief zijn, dat geloof ik totdat mij het tegendeel wordt bewezen", vertelt de coureur. "Dat gevoel had ik in Marokko ook. We hadden geen probleemloze rally - we hadden wat kleine problemen - maar het gevoel in de auto was heel goed. Als je een goed gevoel hebt en je het idee hebt dat je kan rijden zoals je wil, dat is het beste gevoel dat je kan hebben."
Ekström is vooral blij dat hij met de Raptor weer met een V8 kan racen. Vorig jaar reed hij met de Audi e-tron hybride, nu heeft hij weer een krachtbron die het klassieke geluid produceert. "Ik heb in de DTM lang met de V8 gereden. Je kan je voorstellen dat ik aan dat geluid gewend ben geraakt. Ik zou graag iedereen een video willen laten zien, want het geluid is iets waar iedereen van geniet. Het geluid is heel uniek. Het hele pakket is een droom voor me", lacht hij. "Misschien is het voor kinderen nu anders, maar ik leef met het geluid, de bestuurbaarheid en dit team mijn droom. Ik kan nu naar buiten, racen en plezier maken."
Wel snapt hij dat in huidige tijden V8's verdwijnen en dat men meer op hybrides inzet. "De wereld is in ontwikkeling en iedereen ontwikkelt zijn eigen merk en de auto's. Ik ben verslaafd aan het ontwikkelen en leren van dingen, maar sommige dingen worden nooit oud. Dat is met de V8-motor net zo. Dat geluid, daar kan ik nooit aan wennen. Je kan zeker zeggen dat het concept van Audi uniek was, maar niemand kan zeggen dat het een sexy geluid had", vertelt hij.
Met het verdwijnen van Audi liggen er kansen voor de concurrentie. Naast Ford staan ook Dacia, Toyota en Mini aan de start. Ekström wil vooral op zichzelf focussen en niet te veel bezig zijn met de andere teams. "Ik wil na de rally terugkijken en zeggen: 'dit is wat we in ons hebben, we hebben niets meer over.' Als dat betekent dat we de race winnen, dan ben ik de gelukkigste man op aarde. Als het betekent dat een teamgenoot wint en ik het gevoel heb dat ik bij heb gedragen aan andermans succes, dan voelen we ons ook opperbest. Het ergste gevoel dat je in de autosport kan hebben, is tweede of lager eindigen en het gevoel hebben dat je niet je best hebt gedaan", legt hij uit, al heeft hij wel het idee dat een tegenstander boven de rest uit torent. "Op dit moment lijkt op papier Dacia de sterkste van de twee [Dacia en Toyota]. Ik weet dat je Toyota nooit moet onderschatten, maar als je kijkt naar hoe het ervoor staat, dan lijkt het erop dat Dacia net een voorsprong heeft. Maar iedereen reist met updates en nieuwe auto's naar Dakar. Iedereen moet daar met nederigheid de uitdaging aangaan. Ik denk dat in Dakar pas een echte vergelijking kunnen maken."
Ford, Dacia en Toyota zijn de bekendste namen, maar Ekström denkt dat Mini er ook goed voor staat. "Zij zien er competitief uit. Ik ken een paar teamleden met wie ik in het verleden heb gewerkt en ik weet dat ze wat nieuwe coureurs hebben aangetrokken", zegt hij. Onder de nieuwe rijders is ook Guillaume de Mevius, de Belg die vorig jaar tweede werd bij de auto's. "Zij gaan ook meedoen. Het gaat een denk dat het een gevecht tussen Ford, Dacia en Mini wordt. De onderlinge verschillen zijn heel klein en er kan een verrassing zijn van iemand met een Century, maar daar heb ik nog niet zoveel pace van gezien."
Ekström is duidelijk over wat hij wil bereiken in de Dakar van 2025. "Ik ben aan motorsport begonnen omdat ik van winnen hou. Sebastian Loeb en ik hebben het er wel eens tijdens de Race of Champions over gehad. Hij zei: "Je vindt motorsport leuk, maar alleen als je wint." Het maakt mij dan niet uit of het Dakar, rallycross of iets anders is", legt hij uit. "Ik vind de voorbereiding voor de races leuk, maar als de race begint, wil ik winnen. Daarbuiten vind ik het avontuur wel leuk, want er zijn maar een paar dagen in het jaar dat we meedoen aan de competitie. Ik ben verslaafd aan het winnen!"
Mattias Ekstrom, M Sport
Foto door: DPPI
"Ik probeer om een perfecte Dakar te rijden, dat is mijn droom. Ik blijf vechten totdat ik hem gewonnen heb. Of dat nou één, twee, tien of vijftien jaar duurt, dat maakt niet uit. Ik ga door totdat ik gewonnen heb", zegt een zelfverzekerde coureur. Met Sainz sr. als teamgenoot heeft hij een goed voorbeeld, want de Spanjaard heeft vorig jaar als 61-jarig rijder nog de rally gewonnen en gaat in januari weer voor de winst. "Theoretisch heb ik dus nog vijftien jaar te gaan", lacht Ekström. "Carlos is iets ouder dan ik. Ik moet zien of ik [dan] nog zo goed ben, maar we hebben nog vijftien kansen!" Als hij wint, betekent het niet dat hij dan stopt: "Ik kom misschien wel terug, maar ik kan wel garanderen dat ik niet voor de records van Stephane Peterhansel ga. Die zijn iets te ver weg, maar een keer winnen zou ik geweldig vinden." Peterhansel is met veertien Dakar-zeges recordhouder. Acht keer was de Fransman de beste bij de auto's, zes keer op de motor.
Voor komende editie heeft hij een strijdplan klaarliggen hoe hij voor het eerst in zijn imposante carrière de Dakar kan winnen. "Iedereen gaat vol van start. De pace ligt heel dicht bij elkaar en het gaat erom wie als eerste iets laat liggen. De kopgroep gaat kleiner en kleiner worden. Als wij bij de rustdag in de kopgroep zitten, dan denk ik dat we hopelijk iets moois gaan zien", verklaart hij. "We moeten het eerste deel overleven en dan op de rustdag de auto weer repareren. Ik kijk vooral uit naar het tweede gedeelte." Vorig jaar was de week na de rustdag waar het voor Ekström misging. Meerdere technische problemen zetten een streep door zijn ambities. Dat zorgt er ook voor dat hij komende editie juist dan sterk wil zijn. "Ik was erg teleurgesteld toen de auto kapot ging. Dat was heel groot voor mij. Iedereen weet dat niemand zich meer verschuilt in de tweede week, het wordt dan een do-or-die-rally. Je houdt niets meer over."
Dit jaar is het etappeschema aangepast. In de vorige editie werd bijvoorbeeld de 48-uursetappe in de tweede week gehouden, nu staat deze al als tweede etappe op het programma. Dat had Ekström liever anders gezien. "Als ze het mij hadden gevraagd, dan had ik dat niet aan het begin van de rally gedaan. Ik vind dat de rally makkelijk moet beginnen en dat het steeds moeilijker moet worden. Dat voorkomt dat je in het begin al grote gaten hebt, de zwaarste dagen zorgen voor de grootste gaten. Als je dit [de 48-uursetappe] het in het begin invoegt, dan ben ik bang dat je het [veld] uit elkaar trekt en dan zullen de fans het niet zo leuk vinden om het te volgen", stelt hij. "Zolang de eerste drie of de top-vijf dicht bij elkaar ligt, dan vinden de mensen het leuk om de race dagelijks te volgen."
Heel erg druk maakt hij zich er niet over, hij ziet het meer als een suggestie. "Als je de rally wil winnen, dan moet je de andere coureurs verslaan. Je moet dan door alle etappes heen, dus voor mij persoonlijk maakt het niet veel uit", verklaart Ekström. "Maar ik ben ook geïnteresseerd in hoe we voor deze sport zoveel mogelijk aandacht kunnen krijgen, want ik geloof dat deze sport de aandacht verdient. Dit is een loodzware en het langste motorsportevenement dat ik ken. Ik denk dat we de aandacht kunnen behouden als we er een spannende race van kunnen maken."
Kijkend naar het schema ziet Ekström genoeg kansen. "Ik denk dat er minder agressieve stenen zijn en dus misschien wat minder lekke banden. Als ik naar de uitleg kijk, gaat dat een minder groot probleem worden", ziet hij. "Het aantal duinenetappes blijft hetzelfde en dat gaat een uitdaging worden, maar ik zie dat het spannend wordt. Kom maar op!"
3 januari gaat de Dakar in Saudi-Arabië van start. Veertien dagen later finisht de editie van 2025 en weten we of Ekström zijn eerste Dakar-eindoverwinning te pakken krijgt.
Source: Motorsport