Concurrenten van de NS mogen in enkele specifieke gevallen treinen rijden door gebieden waar de NS een concessie heeft. Dat oordeelt de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Toch is het de vraag of het zo ver zal komen.
is economieverslaggever en specialist luchtvaart en spoorwegen.
De NS heeft een concessie voor het zogenoemde hoofdrailnet. Daarmee is het tot en met 2033 de enige die het grootste deel van het spoor mag berijden. Oneerlijk, vinden concurrenten als Arriva en Qbuzz. Al jaren proberen ze via rechtszaken dat monopolie omver te werpen, vooralsnog zonder succes.
Maar de strijd heeft een verrassende wending gekregen, sinds de spoorbedrijven vorig jaar een maas in de wet ontdekten. Onder strikte voorwaarden kunnen ook andere bedrijven treinen laten rijden op spoorlijnen waar de NS een concsessie heeft. Dat doen ze via zogenoemde open-toegang-aanvragen.
Dat kan alleen als die nieuwe trein de NS niet te veel financieel benadeelt. Of dat zo is, wordt getoetst door marktmeester ACM. Dankzij die methode rijdt Arriva nu bijvoorbeeld elk weekeinde met een nachttrein vanuit Maastricht en Groningen naar Schiphol.
Zo’n toets, die de ACM een ‘economische evenwichtstoets’ noemt, is de belangrijkste horde die een spoorvervoerder moet nemen om door NS-gebied te rijden. De andere is het verkrijgen van capaciteit bij spoorbeheerder ProRail, die kijkt of er genoeg ruimte is in de dienstregeling en op stations.
Maar met een slimmigheidje wisten de NS-concurrenten onder de belangrijkste voorwaarde uit te komen. Verschillende bedrijven dienden afgelopen jaar namelijk aanvragen in om treinen te rijden (Arriva wil bijvoorbeeld 26 spoorlijnen gaan rijden door Nederland), terwijl er op dat moment nog geen getekend contract lag tussen NS en het ministerie van Infrastructruur en Waterstaat.
En dus moest de ACM wel akkoord gaan: zij kon immers niet toetsen of de NS benadeeld werd, want er was nog geen concessie.
Afgelopen zomer hield de ACM een hoorzitting over de kwestie. Daarbij vroegen juristen van zowel de NS als het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de ACM om toch een ‘evenwichtstoets’ uit te voeren. Dat gaat ze echter toch niet doen, oordeelt de marktmeester vrijdagochtend.
De NS en het ministerie verliezen daarmee de bezwaarprocedure. Dat betekent dat Arriva met de NS mag concurreren op de 26 aangevraagde trajecten, die verspreid zijn over het hele land, waaronder in de Randstad. Het bedrijf zegt in een eerste reactie ‘verheugd, en niet verrast’ te zijn.
Maar of Arriva die treinen ook daadwerkelijk gaat rijden, blijft onzeker. Het bedrijf, dat zich heeft ontpopt tot de kuitenbijter van de NS, boekte al eerder zo’n overwinning bij de ACM. Zo verworf het het recht om vanuit Zwolle stoptreinen te rijden naar Leeuwarden en Groningen. Ook toen werden de bezwaren van de NS door de ACM afgewezen. Arriva beloofde reizigers vanaf 2 januari te beginnen met rijden op het traject.
Afgelopen maandag bleek dat Arriva de treinen toch niet gaat rijden. Volgens het bedrijf heeft het van ProRail te weinig capaciteit gekregen, ‘om rendabel treinen te rijden’. De treindienst is tot nader order uitgesteld.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant