Vliegreizen zijn ongelijk verdeeld onder Nederlanders. Ongeveer 13 procent pakte afgelopen jaar minimaal drie keer het vliegtuig, blijkt uit onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. De helft vloog helemaal niet.
is datajournalist van de Volkskrant. Hij analyseert en schrijft over het nieuws in cijfers.
Vanwege de luchtvervuiling en geluidsoverlast klinkt er de laatste jaren veel kritiek op vliegen. Uit het onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid(KiM) blijkt nu dat de milieuschade van vliegtuigen door slechts een klein deel van de bevolking veroorzaakt wordt: driekwart van de vliegreizen wordt gemaakt door een kwart van de Nederlanders. In het algemeen geldt: wie meer onderwijs genoten heeft en meer verdient, vliegt vaker.
Nederlanders pakken vooral in hun vrije tijd het vliegtuig. Een vakantie of stedentrip was het voornaamste doel van 56 procent van alle vliegreizen. Ook een bezoek aan vrienden of familie (23 procent) trekt Nederlanders naar het vliegveld.
De meeste reizen gaan naar Spanje. Bij zakelijke reizen, die 19 procent van het totaal uitmaken, is het Verenigd Koninkrijk populair.
In hun denken over vliegen lijken Nederlanders verdeeld in twee kampen. Wie het afgelopen jaar het vliegtuig nam, verwacht dat ook in de toekomst te blijven doen: 96 procent geeft aan zeker of waarschijnlijk wel te blijven vliegen. Bij Nederlanders die het afgelopen jaar niet gevlogen hebben, ligt dat percentage op 55 procent.
De belangrijkste reden om het vliegtuig te mijden is de milieu- en klimaatschade die vliegen veroorzaakt, blijkt uit de enquĂȘte van het KiM. Volgens Milieu Centraal is een vliegreis al gauw acht tot twaalf keer zo vervuilend als dezelfde reis per trein. Ook de kosten van vliegtickets schrikken Nederlanders af.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant