De laatste weken verscheen elke keer als ik via mijn bank een betaling wilde verrichten op mijn scherm een pop-up met de tekst ‘Fiscaal woonland’. Het was moeilijk weg te krijgen, wat natuurlijk de bedoeling was. Ik had er allerlei omzeilende manoeuvres voor nodig die ik de volgende keer weer vergeten was.
Zo’n pop-up begint als een ontsierend pukkeltje en verwordt al snel tot een gemene steenpuist. Je ondergaat het niet langer met een verveelde zucht, maar met een welgemeende vloek, alsof God het kan helpen.
Deze pop-up ergerde me vooral door zijn schijnheiligheid. Eerst vroeg hij of Nederland mijn ‘fiscaal woonland’ was. Voor de zekerheid zocht ik even op wat precies onder dit begrip verstaan wordt. De Belastingdienst meldt: „Als natuurlijk persoon bent u fiscaal inwoner van Nederland als u uw woon- en verblijfplaats in Nederland hebt.” Dat leek me glashelder, ook al vroeg ik me wel af of je meteen een ‘onnatuurlijk persoon’ wordt als je geen fiscaal inwoner van Nederland bent.
Wat je ook over mij kon zeggen, ik woonde in elk geval in Nederland, sterker nog: ik had nooit ergens anders gewoond. Maar die pop-up was zo vals om daaraan te twijfelen, zonder een reden te noemen. Hij vroeg: „Het lijkt wel of je een fiscaal woonland bent vergeten toe te voegen. Kun je ons uitleggen waarom?”
Ik had graag terug willen snauwen: „Hoezo vergeten? Ik ben Nederlander, sinds het kabinet-Wilders misschien geen trotse Nederlander meer, maar toch nog altijd: Nederlander. Welk land zou ik vergeten zijn toe te voegen?” De pop-up gaf me nergens ruimte voor zo’n antwoord, ik moest kiezen uit drie redenen waarom ik vergeten was een ander fiscaal woonland te noemen: „1. Ik wil nog een land toevoegen. 2. De contactgegevens kloppen niet. 3. Een andere reden.”
Kortom, men ging er gewoon vanuit dat ik een slecht mens was die stiekem een ander fiscaal woonland wegliet. Ik werd verdacht van belastingontduiking, bleek me toen ik me er noodgedwongen in verdiepte. Zelden ben ik zo overschat geweest. Belastingontduiking! Ik ben er helaas veel te laf voor. Ik zie meteen grimmige fiscale rechercheurs voor me die mijn huis overhoop halen om zwart geld en valse paspoorten te vinden en me vervolgens gevankelijk wegvoeren: „Als u rustig blijft, gebeurt er niets.”
Ik zocht vertwijfeld contact met mijn bank – wat tegenwoordig makkelijker gezegd is dan gedaan. Zulke instellingen zijn in ernstige mate contactgestoord geworden. Eerst proberen ze je op afstand te houden met een chat die al gauw ontaardt in één grote begripsverwarring. Dan toch maar bellen en worstelen met een menu met negen opties waarvan pas de laatste is: „Andere vragen.” Daar vertellen ze dat ze het drukker hebben „dan u van ons gewend bent”, waarna uiteindelijk een man na een lange inleiding probeert uit te leggen dat hij je niet zelf kan helpen. Hij verwees me naar een of ander formulier dat nog ingevuld moest worden.
Dat formulier bleek onvindbaar, waarna de volgende dag een andere medewerker van de bank ontdekte dat één cijfer van mijn telefoonnummer al een hele poos foutief in mijn bankgegevens stond vermeld. Het nummer leek daardoor afkomstig uit… Kazachstan. Kwam ik daar weleens?
„Ik ga er onmiddellijk naartoe”, riep ik blij, „en ik kom nooit meer terug.”
Source: NRC