Vier miljoen zeekoeten verhongerden tussen 2015 en 2016 aan de kust van Alaska, doordat een hittegolf hun voedselvoorziening verstoorde. Het is de eerste keer dat wetenschappers de dood van zoveel vogels aan één klimaatramp toeschrijven.
Ze struikelden bijna over elkaars pootjes, zoveel zeekoeten waggelden er rond op een klif aan de Golf van Alaska in 2014. Een foto van dezelfde klif, zeven jaar later, schetst een compleet ander beeld: minder dan de helft van de vogels is over.
De boosdoener: een catastrofale hittegolf, die in 2015 en 2016 de helft van de Alaskaanse zeekoetpopulatie wegvaagde. Vier miljoen zeekoeten lieten het leven, zo schrijven onderzoekers donderdag in wetenschappelijk vakblad Science. Herstel blijft vooralsnog uit.
De publicatie is een primeur: dat zoveel vogels in zo’n korte tijd door één klimaatramp stierven, konden wetenschappers nooit eerder hardmaken. Nu lukte dat wel, aan de hand van een vernuftige statistische analyse van bij broedplaatsen uitgevoerde tellingen.
Zeekoeten hebben veel weg van pinguïns: op land bewegen ze zich waggelend voort, in zee gaan ze al duikend op zoek naar hun prooi, voornamelijk kleine vissen en kreeftachtigen. Maar in 2015 en 2016 was dat vaak tevergeefs.
De hoge watertemperaturen in de Beringstraat en de Golf van Alaska zetten een kettingreactie in gang: de hoeveelheid plankton slonk, waardoor veel vissen en kreeftjes niks te eten hadden en omkwamen.
Gevolg: hoeveel de zeekoeten ook doken, voedsel vonden ze amper. Eenmaal uitgehongerd vielen ze bij bosjes om. Tienduizenden dode vogels spoelden aan op de kiezelstranden in Alaska. Dat was maar een fractie van het totaal aantal doden, blijkt nu.
‘Dat opwarming van de zee dodelijk kan zijn voor vogelpopulaties, wisten we al’, reageert Martin Poot, zeevogelonderzoeker bij Wageningen Marine Research, op de nieuwe studie. ‘Maar dat er door één hittegolf zóveel stierven, is nooit eerder aangetoond.’
Volgens Poot is de zeekoet erg kwetsbaar voor dit soort klimaatrampen. ‘Ze kunnen wel vliegen, maar niet heel goed. Als er op een plek niet veel voedsel beschikbaar is, reist hij niet een-twee-drie een paar honderd kilometer naar een visrijker stukje zee.’ Betere vliegers, zoals de jan-van-gent, zijn daar wel toe in staat.
Ook in de Noordzee zwemmen veel zeekoeten rond. De massale sterfte onder soortgenoten in de Stille Oceaan voorspelt voor hen niet veel goeds, denkt Poot.
‘Vanuit Engeland en Schotland zwemmen zeekoetvaders met hun jongen naar een stukje Noordzee ten noordwesten van Texel, omdat daar veel voedsel voorhanden is. Een groot deel van de zeekoeten in de Noordzee groeit daar op. Als een hittegolf daar de voedselvoorziening verstoort, zou zoiets zomaar ook hier kunnen gebeuren.’
De zeekoet geldt als kanarie in de kolenmijn voor andere zeevogels, waarschuwen de auteurs van het onderzoek. Ook andere diersoorten staat door aanhoudende klimaatverandering hetzelfde lot te wachten.
Poot deelt die vrees: ‘In het najaar van 2023 spoelden in Nederland grote hoeveelheden dode en verhongerde vogels aan. Zonder duidelijke verklaring, maar ook hier was het zeewater toen uitzonderlijk warm.’
Hoe hard de opwarming van de oceanen vogelpopulaties precies treft, is onduidelijk. ‘Met deze nieuwe methode kan daar verandering in komen. Hopelijk kunnen we nu de sterftecijfers van veel meer soorten op veel meer plekken vaststellen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant