PSV rijgt in de eredivisie de ene fraaie zege aan de andere, maar zodra de tegenstand van Europees niveau is, wordt de ploeg kwetsbaar. De tussenronde van de Champions League, die de Eindhovenaren zouden moeten halen, komt zo niet dichterbij.
Peter Bosz deed zijn best om zijn woede te onderdrukken. Maar uit de even korte als weinig verhullende antwoorden was duidelijk hoe de PSV-trainer de deceptie van zijn ploeg tegen Stade Brest (1-0-verlies) in de Champions League had beleefd. Zo slordig. Slap. En onherkenbaar. Althans, naar de maatstaven van de eredivisie.
Want zo is het: de spelers van PSV hadden na de fraaie zeges op FC Utrecht en FC Twente welhaast blauwe schouders van alle complimenten. De ongenaakbare koploper zette de subtoppers met attractief voetbal lelijk te kijk en is hard op weg om de landstitel te prolongeren. Het is zonder meer knap.
Maar zo voortvarend als het in de nationale competitie gaat, zo wisselvallig blijft PSV op internationaal niveau presteren. Zodra de weerstand toeneemt, komen de kwetsbaarheden bovendrijven, terwijl PSV na anderhalf jaar heerschappij in de eredivisie ook buiten de landsgrenzen voor vol wil worden aangezien.
Ja, PSV creëerde tegen Brest een handvol kansen, zag hoe Marco Bizot, de Nederlandse doelman in Franse dienst, uitgroeide tot de beste man op het veld en had pech dat Ismael Saibari en Ricardo Pepi de paal raakten. Maar dat was slechts een deel van het verhaal.
Wat meer bleef hangen, was het ondermaatse spel en de manier waarop PSV zich door de nummer elf van de Franse competitie liet aftroeven. PSV kwam nauwelijks aan voetballen toe en leverde de ene na de andere bal in, mede door de fel jagende spelers van Brest, die er een fysieke strijd van maakten.
Neem alleen al het vele balverlies dat de balvaardige Malik Tillman en Saibari leden. Of de manier waarop Saibari, de even sterke als zo geprezen middenvelder, een aantal keer in de duels aan de kant werd gezet. En zo kon je nog wel even doorgaan met het noemen van spelers die niet thuis gaven.
Het is een bepaalde tegenstand die PSV in de eredivisie maar weinig krijgt, al ging het op die manier ook mis tegen Ajax, de enige competitiewedstrijd die PSV verloor. ‘Ik vond het echt verschrikkelijk’, zei Bosz over de nederlaag tegen Brest tegenover Ziggo. Hij sprak ook van de slechtste wedstrijd onder zijn leiding.
De wedstrijd deed een beetje denken aan het eerste Champions League-duel tegen Juventus, waar PSV op de openingsdag van het miljardenbal kansloos onderuitging en moest wennen aan de internationale voetbalwetten. Of, in mindere mate, aan het treffen met Sjachtar Donetsk twee weken geleden, toen PSV zeventig minuten weinig in te brengen had, maar door een rode kaart en een wonderbaarlijke slotfase alsnog won.
Tegen Brest vergat PSV een reuzenstap richting de tussenronde van de Champions League te zetten. Door de nederlaag bleef het na zes wedstrijden steken op acht punten, terwijl cijferfetisjisten zeggen dat een punt of tien nodig is om verzekerd te zijn van een plek bij de beste 24 van de 36 clubs. Daarvoor moet het nog vol aan de bak. PSV speelt in januari nog tegen Rode Ster Belgrado (uit) en Liverpool (thuis).
De Eindhovenaren zijn het aan zichzelf verplicht om de tussenronde van de Champions League te halen, zo hoog mag de lat in Brabant inmiddels wel liggen. Bosz bereikte vorig seizoen in zijn eerste jaar bij PSV de achtste finales van het Europese elitetoernooi en zag tot zijn tevredenheid dat technisch directeur Earnest Stewart de kampioensploeg bij elkaar wist te houden.
‘Brest is een tegenstander waar wij van moeten winnen. Het is aan onszelf te wijten dat we dat niet hebben gedaan’, zei Bosz tegen Ziggo. ‘Je knokt met elkaar een jaar lang om in de Champions League te mogen voetballen, maar ik heb vanavond niet gezien dat we dat echt graag wilden.’
Op de vraag hoe Bosz dat richting de laatste twee beslissende wedstrijden wel voor elkaar denkt krijgen, kon hij kort na de tik tegen Brest nog geen eenduidig antwoord geven. ‘Er zit nog een kerstvakantie tussen en dan zijn we weer een heel eind verder. Ook zullen we niet meer zo chagrijnig zijn als ik nu ben.’
Wel is het duidelijk dat PSV dan mag bewijzen dat het in de Champions League, ook als de weerstand toeneemt, thuishoort. En wat ook zo is: hoe beter PSV in Europa presteert, hoe meer waarde de grote en fraaie zeges in de eredivisie krijgen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant