Vanaf het moment van publicatie was Honderd jaar eenzaamheid meteen een succes, en dat is het boek van Gabriel García Márquez altijd gebleven. Nu, bijna 70 jaar later, is er eindelijk ook een verfilming. Tijd voor een portret van de everseller, in drie delen.
is journalist van de Volkskrant en voormalig correspondent in Latijns-Amerika.
Binnen een week na verschijnen op nummer 1 van de bestsellerlijst. Binnen een paar maanden achttien vertaalcontracten (inmiddels zijn er 265 vertalingen, vaak meerdere naar dezelfde taal). Binnen een jaar literaire prijzen in de VS, Italië, Frankrijk. Binnen vier jaar meer dan een half miljoen verkochte exemplaren. Inmiddels zijn dat er zeker dertig miljoen, waarvan bijna 500 duizend in Nederland, waar uitgever Meulenhoff onlangs besloot tot de 81ste druk.
Afgaande op deze cijfers is Honderd jaar eenzaamheid van de Colombiaanse schrijver Gabriel García Márquez sinds de publicatie in 1967 een onverbiddelijke bestseller geweest. Maar misschien nog meer dan de verkoopcijfers laat het besluit van Mario Vargas Llosa zien hoe groot de invloed van het boek was. De Peruaanse schrijver en latere Nobelprijswinnaar (2010), zette na het verschijnen van Honderd jaar eenzaamheid zijn eigen literaire werkzaamheden op een laag pitje, om zich te richten op een boek over werk en leven van ‘Gabo’.
Het resulteerde in Geschiedenis van een godenmoord. Het schrijven van romans, betoogt Vargas Llosa daarin, is een ‘daad van rebellie’ tegen God, die immers verantwoordelijk is voor de creatie van de wereld. De auteur die uit ontevredenheid over de werkelijkheid zélf een wereld creëert, gaat daartegen in.
Honderd jaar eenzaamheid was de ultieme daad van opstand, meende Vargas Llosa. Hij bestudeerde twee jaar lang alles wat García Márquez tot die tijd had gepubliceerd, las alle interviews, sprak de auteur, analyseerde erop los. En publiceerde een werk dat met 667 pagina’s het onderwerp van studie (400 pagina’s) ruimschoots overtrof.
Samengevat: ‘Spaanstalige romanschrijvers hadden geleerd hun fantasie te beteugelen (...) en halfslachtig te werk te gaan in hun pogingen tot godenmoord. Met Honderd jaar eenzaamheid werden eeuwen narratieve preutsheid bruusk in de hoek gezet.’
Tegenover de indrukwekkende cijferlijsten van oplages, herdrukken en studies, stond altijd een hatelijke nul. Nog nooit werd Honderd jaar eenzaamheid verfilmd. De auteur wilde niet, ook al zagen velen in het boek een groots filmepos.
Nu, bijna tien jaar na zijn dood en met toestemming van García Márquez’ nabestaanden, is het dan toch zover. Op 11 december zet Netflix de eerste van zestien afleveringen online. Ze zijn in Colombia gefilmd door de Argentijnse regisseur Álex García López (vooral bekend van tv-series) en de Colombiaanse regisseur Laura Mora (die vorig jaar furore maakte met haar film Kings of the World).
Voor de trailer gebruikte Netflix één zin. Die ene zin natuurlijk – de misschien wel bekendste beginzin uit de wereldliteratuur. De zin die de lezer direct meesleurt in een drievoudige slalom door de tijd en de belofte in zich draagt van een groots en meeslepend verhaal. ‘Vele jaren later, staande voor het vuurpeloton, moest kolonel Aureliano Buendía denken aan die lang vervlogen middag, toen zijn vader hem meenam om kennis te maken met het ijs.’
Zoals de beginzin beroemd werd, zo is ook de anekdote over de totstandkoming ervan beroemd. In zijn witte Opel reed Gabriel García Márquez met vrouw en kinderen over Federale Weg nummer 95 van Mexico-Stad naar Acapulco, alwaar het gezin zou gaan genieten van een welverdiende vakantie, toen die eerste zin ineens opkwam in zijn hoofd en als een sleutel de hele roman opende. ‘Het boek was in mijn hoofd al zo voldragen dat ik het hoofdstuk voor hoofdstuk had kunnen dicteren’, zei García Márquez er later over.
Aan Vargas Llosa vertelde hij al op zijn 16de aan het boek te zijn begonnen. Want, zo beweerde García Márquez: alles waarover hij schreef had hij ‘voor zijn 8ste al gehoord’, omdat er sinds de dood van zijn opa ‘niets interessants was gebeurd’ in zijn leven. Het probleem was alleen dat hij als puber niet de technische literaire vaardigheden had om de klus te klaren.
Die had hij op zijn 40ste wel, na bestudering van onder anderen de Amerikaanse schrijver William Faulkner. Op de snelweg naar Acapulco keerde hij dus subiet zijn Opel, terug naar huis. Daar aangekomen zei hij tegen zijn vrouw Mercedes dat hij absoluut niet gestoord wilde worden – en al helemaal niet vanwege geldzaken – en ging zitten. Een dik jaar later later verliet García Márquez zijn werkkamer, met in zijn handen het manuscript van Honderd jaar eenzaamheid.
Om haar gezin gedurende die tijd te voeden en de huur te kunnen betalen, had Mercedes zich overal in de schulden gestoken. Dat zou nooit meer nodig zijn: na publicatie van Honderd jaar eenzaamheid waren de financiële problemen van de familie García Márquez voorgoed voorbij.
Reed hij echt terug naar Mexico-Stad? Had hij überhaupt die briljante ingeving gehad? Of maakt de anekdote gewoon deel uit van het web van mythen dat García Márquez had gesponnen? Net zoals de mythe dat hij een notoire hekel had aan interviews, terwijl er toch vele verzamelbundels van interviews met García Márquez bestaan.
Biograaf Gerald Martin houdt in Gabriel García Márquez – De biografie vast aan de reis naar Acapulco en de ingeving, maar sluit niet uit dat de auteur gewoon vakantie vierde met zijn familie alvorens zijn meesterwerk neer te pennen. ‘Dat is het geloofwaardigste scenario.’
Misschien is het met deze anekdote als met het magisch realisme, de literatuurstroming waarvan Honderd jaar eenzaamheid de bekendste telg is. Het verhaal bevat zo veel feitelijkheid dat het zo gebeurd had kúnnen zijn: in zijn hoofd lag de geschiedenis van zijn familie en het dorp waar hij opgroeide, Aracataca, al zolang te fermenteren dat alleen nog maar een startschot nodig was om het in een boek te veranderen. En wat is een beter moment voor zo’n startschot dan tijdens een urenlange autorit, waarin de gedachten vrijelijk kunnen dwalen?
Aracataca werd Macondo, de familie kreeg de naam Buendía. De oorlogen, neven die het doen met nichten, executies, massamoorden, de funeste impact van de industriële bananenproductie aan de Caribische kust en het cynisme van de (landelijke) politiek: García Márquez had het allemaal gezien en gehoord en overgoot alles met een hoog op smaak gebrachte saus van uitbundige vertelkunst.
Sommigen zien het boek als allegorie van het imperialisme; Colombianen herkennen er simpelweg hun leven in en zij beschouwen het als hun belangrijkste culturele erfstuk. ‘Het bewustzijn van onze nationale geschiedenis was nooit echt ingedaald zoals gebeurde, praktisch van de ene dag op de andere, dankzij deze roman’, schreef auteur en columnist Antonio Caballero in 2017. Om eraan toe te voegen: ‘De roman staat nog recht overeind.’
Niet voor niets halen Colombianen zuchtend hun schouders op als hun land weer eens een onaangename verrassing voor ze in petto heeft. ‘Tja, cosas de Macondo’, zeggen ze dan. ‘Dat zijn nu eenmaal de dingen die in Macondo gebeuren.’
De serie One Hundred Years of Solitude is vanaf 11/12 te zien op Netflix.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant