De blijdschap over de bevrijding overheerst. Maar hoe moet het verder met Syrië, na de val van het Assad-regime? We bellen met Midden-Oostencorrespondent Jenne Jan Holtland. Hij is op weg naar Damascus, de stad waar hij nooit werd toegelaten door het bewind van de gevluchte president.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft met name over onderwijs.
Dag Jenne Jan, waar ben je nu?
‘Ik sta net over de grens bij Masnaa, op de weg tussen mijn woonplaats Beiroet en Damascus. Alleen: we hebben autopech, dus er is nu een mecanicien bezig ons weer op weg te helpen. Hij moest alleen even voorrang geven aan de rebellen, want die hadden ook problemen. Die geweerschoten op de achtergrond zijn trouwens vreugdevuur, hoor je dat?’
Zeker weten. Waarom ben je op weg naar Damascus?
‘Dat is de eerste logische stap. Ik ben heel benieuwd wat ik in Damascus aantref. Hoe de sfeer is, wat de mensen daar kunnen vertellen. Het is me zelf nooit gelukt in Damascus te komen, en voor de Volkskrant zal het ook jaren geleden zijn geweest dat we er waren. Sinds de covidpandemie heeft de regering-Assad eigenlijk nooit meer visa afgegeven voor gebieden die onder het regime vallen.
‘Als journalist kon je hooguit naar gebieden die door Koerden of pro-Turkse rebellen werden bestuurd. Maar Damascus is zo’n ongelooflijk belangrijke stad in de geschiedenis van Syrië, met zijn historie, met de Omajjadenmoskee. Een stad die veel te bieden heeft, maar ook ontzettend veel heeft geleden.’
Hoe is de situatie in Syrië nu?
‘Die is nog steeds heel fluïde. De grens waar ik nu sta, Judaydat Yabus, is bijvoorbeeld wagenwijd open en zo lek als een mandje. Aan de Libanese kant zijn onze paspoorten wel gestempeld, maar aan de Syrische kant: helemaal niks. Ik heb gevraagd aan de rebellen – de mannen met de sjaals om hun hoofd hier – of er een systeem is om mensen door te laten of te registreren. Maar dat is er niet, en dat is tekenend voor de situatie waarin het land nu verkeert. Syrië ligt open.
‘Het is natuurlijk de bedoeling dat er een interim-regering wordt gevormd, de Verenigde Naties hebben daartoe ook opgeroepen. Maar dat is allemaal nog zo pril. Intussen richten de sentimenten – woede wil ik het niet noemen – van de mensen zich op alles wat met de overheid te maken heeft.
‘In Damascus is bijvoorbeeld een avondklok ingesteld vanaf een uur of vijf, om de rust te bewaren. Maar er is op meerdere plekken geplunderd, de centrale bank is bestormd, mensen lopen rond in het presidentieel paleis.
‘Hier aan de grens hebben ze een duty free shop leeggetrokken omdat ze dachten dat die van de regering was. Mensen proberen nu te grijpen wat ze kunnen. Zoals bij de centrale bank, die onder het regime van Assad viel. Wat daar ligt, vinden de mensen, is van henzelf.
‘Het leger is trouwens nergens te bekennen. Mijn fotograaf heeft zelf gezien dat veel soldaten hun uniformen hebben uitgetrokken en tijdens hun vlucht langs de weg hebben gedumpt.’
Syrische rebellen proberen met de steun van Turkije de controle te veroveren in gebieden bij de Noord-Syrische stad Manbij, waar tot voor kort de Koerden het voor het zeggen hadden. En Israël heeft het Syrische deel van de Hermonberg op de Golanhoogte overgenomen. Wat zien we daar gebeuren?
‘De agenda van Turkije is niet veranderd door het vertrek van Bashar al-Assad. Het dreigt bijna onder te sneeuwen door de val van zijn regime en door de inname van Damascus, maar de pro-Turkse rebellen zijn als een gek bezig te bufferzone uit te breiden die de Turkse president Erdogan koste wat kost wil om de Koerdische PKK op afstand te houden. En Israël heeft doelen in Damascus gebombardeerd en een soort mini-invasie bij de Golanhoogte uitgevoerd.’
De Amerikaanse president Joe Biden waarschuwt dat terreurgroep Islamitische Staat zal proberen te profiteren als er een machtsvacuüm ontstaat in Syrië. Hoe reëel is dat risico volgens jou?
‘Lastig te zeggen. We hebben weinig zicht op hoe sterk IS is. Maar dat ze aanwezig zijn in Syrië – in de Badiyawoestijn – is duidelijk. En het zou ook niet de eerste keer zijn dat IS profiteert van een machtsvacuüm.’
Durven Syriërs de terugkeer naar de plek waar ze ooit woonden al aan?
‘Ja, daarom zie je ook grote files vanuit Turkije. Dat zijn vaak mensen die terug willen naar hun dorpen en huizen, ook al is het vaak onduidelijk wat daar nog van over is.
‘Heel veel mensen hebben familieleden verloren door het bewind van Assad. En dan zijn er nog de schrijnende verhalen uit de Sednaya-gevangenis, door Amnesty International aangemerkt als een menselijk slachthuis. De cipiers zijn gevlucht, maar in de kelders bleken mensen vast te zitten die niet konden worden bevrijd. De deuren van die cellen zijn met elektronica beveiligd, en alleen de gevluchte bewaarders kunnen die openkrijgen. Dat is heel pijnlijk om te lezen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant